Tagarchief: vriendinnen

Als iemand je keihard laat vallen…

We hebben het allemaal wel al eens meegemaakt: een vriend of vriendin die je laat vallen. Zomaar, uit het niets. Of misschien waren er wel al signalen, die je intuïtief oppikte, maar niet wilde erkennen.

Het gebeurt. Hoe goed je ook dacht dat de vriendschap was – sommige mensen kunnen gekke sprongen maken en laten je vallen als een baksteen wanneer het hen zo uitkomt.

Mijn advies is wellicht vreemd maar effectief: Als iemand je uit het niets keihard laat vallen, blijf dan vooral liggen. Of beter nog: sta op en loop zo ver mogelijk weg!

Ga er onder geen beding achter aan lopen, maar trek je conclusies en leer er van. Steek energie in de vrienden die wel loyaal zijn en je niet inwisselen als een statiegeld fles. Ik kan er wel een heel verhaal om heen schrijven, maar de realiteit is dat zulke mensen het doorgaans niet waard zijn. Of ze duiken opeens weer op, een half jaar of drie jaar later, als ze je toevallig weer nodig hebben.

Vooral aan je voorbij laten gaan, tenzij je je neus graag twee keer stoot.

Advertenties

Zwangere buik aanraken? Can’t Touch This!

Het is alweer een hele tijd geleden dat ik zwanger was van ons kind. Maar wat ik me nog maar al te goed herinner, is hoe versteld ik er van stond hoe veel mensen aan je buik dachten te mogen zitten.
En gek genoeg waren dat niet eens mijn vriendinnen of mensen die dicht bij me staan, maar vaak zelfs vage kennissen, toevallige voorbijgangers en collega’s. Nu weet ik niet hoe het met jullie zit, maar ik ben best wel gehecht aan mijn personal space. Natuurlijk, ik knuffel mijn naasten en goede vriendinnen graag. Maar van vreemden wil ik toch eerst wat meer weten, alvorens ze fysiek toenadering mogen zoeken.

Ik begrijp dat zo’n uitpuilende buik (zeker die van mij, ik leek wel een drieling te dragen!) uitnodigend is. Een soort fysiek uithangbord. En ik vond het helemaal niet erg als mensen iets zeiden of vroegen over de zwangerschap. Maar dat aanraken, dat hoefde van mij nou ook weer niet. Er was zelfs een collega die het leuk vond om me telkens te verrassen door me van achteren te besluipen, en dan opeens die twee handen op mijn buik. Uh. Pardon?

Er waren ook mensen die mijn loopje gingen na doen. Vonden ze grappig. Waggel, waggel, waggel. Hilarisch hoor, althans dat vonden zij. Ik niet zo. Ach ja.
Als er vrouwen in mijn naaste omgeving zwanger zijn, voel ik ook wel die behoefte om er even een hand op te leggen. Maar wetende dat niet iedereen daar zomaar van gediend is, vraag ik het altijd even van te voren. Wel zo netjes, toch?

Crosstrainers zijn verschrikkelijk.

Ik ging jaren geleden met een van mijn beste vriendinnen, N., naar de sportschool. Normaliter volgde ik alleen groepslessen, zoals aerobics, step les of Zumba, maar dit keer haalde ze me over eens iets anders te proberen.

“Kom, we gaan eens op de crosstrainers!” zei ze enthousiast. Ik zag ze al klaar staan, in een lange rij voor het raam. “Ik weet het niet hoor.” zei ik, maar ze bleef zo enthousiast dat ik instemde. Ik vond die apparaten altijd maar eng. Een beetje zoals waarom ik nog nooit op een loopband ben gaan rennen; geheid dat ik de dag er na internationaal viraal ga op youtube omdat iemand gefilmd heeft dat ik plat op mijn gezicht zou gaan.

We stapten op. Ik nam automatisch een zeer krampachtige houding aan, me vast klampend aan de handgrepen.
“Geheid dat ik hier door die ruit naar buiten katapulteer.” siste ik. “Nee joh, gekkie!” zei ze vrolijk, terwijl ze al aardig tempo maakte op haar crosstrainer. “Waarom ziet het er bij jou zo makkelijk uit?” bromde ik, terwijl ik zwoegde om het apparaat op gang te krijgen. Wat best moeilijk was omdat ik de handgrepen nog steeds te innig omhelsde.

“Je moet gewoon ontspannen en je benen het werk laten doen!” zei ze vrolijk, terwijl ik hunkerend staarde naar een gewone hometrainer die verderop op me stond te wachten. “Hier mee verbrand je veel meer calorieën!” probeerde ze me over te halen, want veel calorieën verbranden is natuurlijk altijd goed.

“Mijn apparaat is bovendien stuk,” bromde ik. Mijn display ging niet aan. Ik trapte en trapte, maar niks.

Ik zag een fitness instructeur jongetje naderen, hij zag er veel te jong en veel te gespierd uit om mij te zien in deze wurggreep met een kapotte crosstrainer. Bezweet vroeg ik me af hoe rood ik inmiddels aangelopen was.
“Lukt het mevrouw?”
Oh, fantastisch. Hij noemt me mevrouw. Ik ben hooguit tien jaar ouder, snotneus.
“Nou, dit apparaat werkt niet.”
Bedenkelijk keek hij naar het apparaat.

“Hij doet het normaal gesproken prima,
” zei hij. “..Wat is het probleem?”
“Ik sta er al tien minuten op maar het display gaat niet aan. Zoals bij haar.”
Ik durfde de handgrepen niet los te laten dus wees ik met een krom verkrampt vingertje naar N.’s crosstrainer.

“Oh…” zei de spierbundel die me mevrouw noemde. “… sorry, maar dat komt omdat u een minimale basis snelheid moet behalen voordat het apparaat herkent dat er iemand op staat. Dan gaat hij pas aan.”

Ik keek het jongetje aan. Een bedroefde druppel zweet rolde, samen met mijn ego, langs mijn neus en viel op de grond.

“Oh.”

Het jongetje liep weg met al zijn spieren. Vriendin N. vloog bijna echt door het raam van het lachen.

“Ik ga fietsen. Help me hier eens van af.”

Waarom je je vriendinnen nooit moet laten vallen

Vriendinnen. Ze zijn zo kostbaar, of je er nu één hebt of een elftal. Goede vriendinnen gaan voor je door het vuur, leven met je mee en zeggen je ook ongezouten de waarheid. Ik heb een vriendin uit de crèche, die ken ik al sinds we leerden praten. Ook heb ik een vriendin vanaf de middelbare school; dus sinds we leerden puberen. Ook heb ik een aantal vriendinnen uit mijn twintiger tijd; sinds we leerden doen alsof we volwassen waren dus. Kortom: ik ben gezegend.

Waar je als vrouw voor op moet passen, is het VDBNR syndroom (vriendinnen dumpen bij nieuwe relatie syndroom). Want alhoewel zo’n nieuwe relatie je natuurlijk in het begin volkomen opslokt (een beetje vriendin begrijpt dit en heeft geduld), moet je nooit de fout maken om te denken dat je geen vriendinnen meer nodig hebt nu je prins(es) op de witte Shetlander is komen aanhobbelen. En al helemaal fout is het, om te denken dat je na maanden of jaren weer met de staart tussen de poten terug mag komen bij je vriendinnen, nadat je ze eerst tijden lang met een app “Druk druk druk, sorry!!” hebt afgescheept. Misschien kom je daar nog wel één keer mee weg, maar zelfs de beste vriendin zal je dit geen tweede keer vergeven.

Je hebt je vriendinnen nodig. En zij jou. Ze zijn de rode draad door je leven, of je nu single bent, of samen woont, of kinderen hebt. Ze lachen met je, huilen met je, houden je een spiegel voor. Je hoeft elkaar echt niet elke week te zien: een goede vriendschap overleeft ook wel eens een tijdje minder contact.

Mijn beste vriendin vanaf de crèche tijd woont in Amsterdam. Ik woon helemaal in het Zuiden. We hebben nooit contact verloren. Doordat we ver uit elkaar wonen, zien we elkaar soms maar twee keer per jaar. Maar als ik haar zie, is het als thuiskomen; zij kent het kind dat ik was, de puber die ik was en de volwassene die ik ben geworden. Met haar speelde ik met barbies, dronk ik stiekem mijn eerste alcohol en huilde ik om liefdesverdrieten.

Het is altijd binnen drie seconden weer zoals het vroeger was.
Daar kan geen nieuwe relatie tegenop.