Tagarchief: stress

Jumbo avontuur in quarantaine tijden

Ik moest even naar de supermarkt. Ik reed naar de Jan Linders, maar kreeg al een lichte paniekaanval bij aanzien van de parkeerplaats. Dus reed ik door naar de kleine Jumbo in een dorpje vlakbij. Ik parkeerde mijn oldtimer op een bijna lege parkeerplaats. Mijn hart maakte een sprongetje: maar drie auto’s! Heerlijk! Rust!

Vrolijk huppelde ik naar mijn gedesinfecteerde karretje. Ik begroette vriendelijk het personeel, waarbij me langzaam maar vrijwel zeker op begon te vallen dat de enige homo sapiens die ik tegenkwam, een geel anderhalve-meter-kom-niet-in-mijn-aura-hesje droegen. Bazinga, wat een perfect moment had ik gekozen om te shoppen!

Ter hoogte van de hagelslag en afbakbroodjes werd ik vriendelijk begroet door een vulploegmedewerker. Door de afwezigheid van de mij zo bekende paniek durfde ik zowaar even een praatje met hem te maken. “Wat is het hier heerlijk rustig zeg!” zei ik.”Ja fijn hè?” antwoordde hij. Even wachtte hij, alsof hij wachtte tot er iets doordrong. Ik had echter een flatliner van wat heb ik jou daar, overdonderd door de blijdschap van de lege winkel die ik aangetroffen had. “Dat komt waarschijnlijk, omdat de winkel nu sluit.” zei hij vriendelijk. Huh?

“Oh echt? Hoe laat is het dan?” Verschrikt bedacht ik me of het ongemerkt al negen uur was geworden of zo. De tijd neemt wel eens een loopje met me sinds de quarantaine tijd. Ik vroeg me meteen angstvallig af of het nog wel 2020 was en hoe lang ik geslapen had vanmiddag. “Het is zes uur. We sluiten op zondag om zes uur, mevrouw.”

Ik stamelde wat verontschuldigingen en beloofde mijn boodschappen in no time te verzamelen. Dat ging overigens ook bijzonder snel, omdat ik om niemand heen hoefde te slalommen en niemand in mijn aura kwam, behalve nog een andere medewerker die kwam zeggen dat de winkel ging sluiten.

Bij het verlaten van de parkeerplaats slaakte ik een diepe zucht, nadat ik mezelf, mijn handtas en alle grepen van de auto zorgvuldig had gedesinfecteerd met dettol doekjes. Wat zou het toch fijn zijn als deze rare tijd voorbij was. Als doorgaans toch al erg angstig persoon krijg je er in deze periode gratis smetvrees bij kado.

Liever een gebroken been: wat je in corona tijden kunt doen voor mensen met een depressie of burn-out

Eerder schreef ik in mijn (vaak gedeelde!) blog over wat je kunt doen voor mensen met een depressie, burnout of andere klachten.

Echter, nu in deze bijzondere, vreemde en vaak moeilijke tijd is het nog moeilijker om er voor mensen met een depressie of andere mentale klachten te zijn, vanwege de afstand die bewaard moet worden.

Wat kun je in quarantaine tijd dan wél doen voor geliefden die worstelen met een depressie, angst klachten, burn-out? Hieronder een aantal tips waar ik ook zelf veel aan gehad heb (en nog):

Laat weten dat je er bent. Bel (regelmatig!), app, video bel, stuur een kaartje, een bosje bloemen, of een brief. Ga op raamvisite of nodig uit voor een leuk online spelletje, als diegene daar zin in heeft tenminste. Laat weten dat je aan die persoon blijft denken, ook al is het op afstand.

Lees verder onder de afbeelding

Stimuleer het zoeken naar hulp.

Stimuleer het inschakelen van hulp. Heeft je geliefde nog geen hulp gekregen met zijn of haar problemen? Adviseer dan een telefonisch consult met de huisarts. Deze kan doorverwijzen, ook in deze tijd, naar professionele hulp. Veel hulpverleningsinstanties werken met telefonische en video gesprekken. Natuurlijk is een live gesprek meestal beter, maar iets is zeker beter dan niets!

Ga wandelen op afstand. Als er een geschikte omgeving voor is, ga dan wandelen op afstand. In rustige dorpen of omgevingen is het prima mogelijk om – op veilige afstand – met elkaar te wandelen. Zo haal je iemand even zijn huis (isolement) uit en kun je rustig praten zonder elkaar constant aan te hoeven kijken. Dit praat vaak gemakkelijker. Wandelen is voor iedereen goed: je komt even op andere gedachten en beweging is sowieso goed tegen depressieve gedachten.

Wees begripvol. Bied een luisterend oor. Geef geen goedbedoelde adviezen en kom niet met standaard cliché antwoorden zoals “het komt wel goed” of “kop op, niet bij de pakken neer gaan zitten”. Luister geduldig, toon inlevingsvermogen en vraag of je iets kunt doen. Vaak is luisteren al genoeg. Ook even praten over je eigen leven is vaak fijn voor de ander: het leidt even af.

Heb jij nog andere tips? Laat ze achter in een reactie!

Als angst je wereld is

Wat me op een of andere manier een beetje “troost” in deze periode, is dat niets voor niemand hetzelfde is gebleven. Iedereen raakt het. Direct of indirect. Zelfs de mensen die in ontkenning zijn en nog hutje mutje op elkaar geplakt in een bus gaan zitten. Zelfs de leiders van landen, zelfs de miljonairs en celebrities. Iedereen is uit zijn comfort zone gedwongen. Iedereen moet een nieuwe dagindeling vinden, een nieuwe manier zoeken om om te gaan met deze andere manier van leven. Collectief aanpassen om elkaar te redden.

Wat voor mij persoonlijk extra moeilijk is, is de angst. De angst in de nieuwsberichten, op social media, in de gesprekken met mensen (op afstand). Ik heb een angststoornis en daarmee leef ik eigenlijk al jaren zoals de meeste mensen nu leven: bang voor sociale contacten, bang om ziek te worden, bang voor van alles en nog wat. Eigenlijk ervaart iedereen nu een klein deel van hoe het is om met een angststoornis te leven: overal waar je komt is het bij je. Je staat er mee op en gaat er mee naar bed. En als je net even niet er aan denkt, komt er wel een fragment op de radio, een bericht op je telefoon, dat je weer er aan herinnert: ik ben er nog.

Wat moeilijk is aan een angststoornis hebben in een periode waarin angst regeert is dat hulp nu moeilijk op gang komt of zelfs stagneert. Waar ik eigenlijk zou moeten oefenen met sociale situaties, mag dat nu niet. Veilig thuis blijven is het advies en dat volg ik uiteraard op. Maar de wereld wordt zo klein dat ik nu al (hoe verrassend) bang ben voor hoe veel stappen terug ik hiermee maak, door niet te kunnen oefenen met kleine stapjes.

Maar dan denk ik aan de mensen die ziek worden en overlijden in de ziekenhuizen, dan denk ik aan de nabestaanden van die mensen, en dan relativeer ik mijn eigen problemen. Stel je niet aan, zegt mijn strenge brein tegen mezelf, wees dankbaar dat je nog leeft. En dat ben ik.

Maar wanneer straks alles weer mag, zullen de mensen met psychische klachten een extra inhaalslag moeten maken. Want de wereld die zo eng was – en recentelijk nog enger werd – moet dan weer betreden worden. Wat normaal al eng was, maar nu driedubbel zo akelig.

Stay safe, lieve mensen ❤️

Liefs,

Chrisje

Narcistisch gereedschap: Jouw schuldgevoel

Er werd gevraagd naar een vervolg op mijn blog over narcisme in vriendschappen en relaties. In deze blog zal ik verder toelichten hoe narcisten in relaties en vriendschappen te werk gaan.

Een van de gereedschappen van de narcist, waarmee hij / zij je in een wurggreep kan houden, is schuldgevoel. Jouw schuldgevoel welteverstaan, want de narcist heeft dit zelf niet. Zoals ik al eerder uitlegde, gebruiken veel narcisten “gaslighting” als een manipulatieve methode om jou aan jezelf te laten twijfelen. Daarbij maken ze dankbaar gebruik van jouw verantwoordelijkheidsbesef. Immers, als ze jou een schuldgevoel kunnen bezorgen, of dit nu terecht is of niet, dan hebben ze iets om tegen je te gebruiken en je mee te manipuleren.

Lees verder onder de afbeelding

Misschien vraag je je regelmatig af: maar ik deed toch niets verkeerd? Waarschijnlijk is dat ook zo. Je deed niks verkeerd. De narcist weet zaken feilloos te verdraaien dat het er op neer komt dat jij iets verkeerd hebt gedaan, waarvoor je moet boeten in de vorm van iets wat de narcist van je wil.

Al snel nadat je het schuldgevoel in je schoenen hebt laten schuiven zal de aap uit de mouw komen: de narcist wil dat je iets doet, wil meer macht, wil jou meer in zijn of haar grip houden. Zolang jij je schuldig voelt en probeert iets goed te maken, heeft de narcist de touwtjes in handen. Precies wat hij of zij wil.

Een andere manier waarop de narcist de touwtjes in handen probeert te houden is negeren.

Als je iets doet wat de narcist niet bevalt, bijvoorbeeld kritiek uiten of iets voor jezelf doen, of iets doen waar de narcist jaloers van wordt, wordt negeren vaak ingezet als straf. Plotseling hoor je uren, dagen of zelfs weken niets meer. Je hebt de narcist gekrenkt, ookal was dit door bijvoorbeeld gewoon gelukkig te zijn. Dit kan niet, want jouw geluk draait niet om de narcist. De narcist wil al jouw onverdeelde aandacht. Dus neemt hij of zij precies dat weg: aandacht. Je wordt genegeerd totdat men vindt dat je het weer een beetje waard bent om tegen te praten. Dan volgt overigens vaak ook weer de verwijtende fase, waarin je schuldgevoelens aangesproken worden.

Zo gaat deze giftige cirkel door, totdat je door hebt wat er gebeurt en in wat voor relatie je terecht bent gekomen.

Wat niemand zegt voordat je kinderen krijgt!

Ja, je krijgt er heel veel voor terug: het ouderschap. Mooie momenten, een mini versie van jezelf, liefde, kusjes knuffels. Maar…. ook griep, driehonderd verkoudheden, buikloop en grijze haren. Je moet er immers wel wat voor over hebben.

Dit is wat niemand je zegt voordat je kinderen krijgt:

  • Snot. Snot is overal.
  • Je gaat je veel meer dan ooit tevoren met poep en plas bezighouden.
  • Je gaat merken op precies hoe weinig slaap je toch nog je werk kunt doen.
  • Slaap wordt waardevoller dan ooit.
  • Je gaat uren lang Dora, Bumba, of andere visueel traumatische zaken zien langskomen op televisie, keer op keer.
  • Je toiletbezoek wordt het enige moment van de dag waarop je misschien drie minuten privacy hebt. En met misschien bedoel ik waarschijnlijk niet.
  • Je gaat regelmatig wallen creëren waar men in Amsterdam jaloers op is.
  • Je zult zurige babykots op meestal je allerbeste kleding krijgen.
  • Baby’s hebben perfecte timing: meestal krijgen ze een spuitluier tot achter in de nek twee minuten nádat je ze in hun nieuwste dure pakje hebt gehesen nadat je al te laat was voor een afspraak.
  • Je komt naar alle waarschijnlijkheid nooit meer op tijd op een afspraak.
  • Je komt op plekken die audiovisueel belastend of zelfs traumatiserend zijn, zoals binnenspeeltuinen, ook wel bekend als de broedhaard van vele virale infecties.
  • Je gaat je basisschooltijd herleven door het helpen met huiswerk en het wachten op een schoolplein.
  • Speelafspraken met kinderen uit de klas van je kind lijken in het begin heel leuk, totdat je een vriendje op bezoek krijgt dat non-stop schreeuwt en met een stift op de muren begint te tekenen. Daarna word je selectiever in wie je kind mee op de hut af mag slepen na school.
  • De eerste paar jaar verbruik je ongeveer zeshonderdtwaalf pakjes billendoekjes en snoetenpoetsers.
  • De geur van Zwitsal zal je voor altijd je baby laten missen.
  • Wie verzonnen heeft dat je de pijn van een bevalling zo weer vergeet, heeft waarschijnlijk een schroefje los.
  • Je zult ongeveer 836 zetpillen toedienen, die er tien procent van de tijd direct weer uit gelanceerd worden door een hoestbui van je mini-me.

Lees verder onder de afbeelding

  • Je zult naar pretparken gaan en geen een achtbaan beleven omdat je de grootste deel van de tijd met een kinderwagen in het sprookjesbos op zoek bent naar een toilet met verschoontafel.
  • Je zult ijsjes kopen die binnen een minuut op de grond liggen, waardoor je weer nieuwe ijsjes moet kopen. Je moet hiervoor weer opnieuw in de rij, en je krijgt ook nog eens geen korting op het nieuwe ijsje, tenzij je je kind zelf laat vragen, en dan nog vaak niet.
  • Op vakantie gaan wordt een ander verhaal: je kunt pas veilig naar Spanje rijden als je auto beschikt over minstens twee dvd schermen op de kopsteun, gemiddeld twee tablets en een bereidheid om bij iedere afrit tussen hier en Spanje te stoppen omdat er altijd wel iemand moet plassen.
  • Snot en poep zijn leidend.
  • Zindelijk maken betekent minstens een keer ondergeplast worden.
  • Je krijgt waarschijnlijk heel veel tekeningen en knutselwerkjes mee van de opvang, school en dagverblijf. Je moet hier altijd enthousiast op reageren, ook als je geen idee hebt wat het moet voorstellen of waar je naar toe moet met het voorwerp.
  • Je zult alle mogelijke oplossingen tegen krampjes gaan googlen, uitproberen en kopen. Als die krampjes maar stoppen en het krijsen daarmee ook.
  • Je kunt soms je kind nog horen huilen, zelfs als het twee dorpen verderop bij je moeder logeert. Dit is een teken dat je even rustig aan moet doen.
  • Je gaat geheid een keer je sleutels terugvinden in de koelkast.
  • Je auto wordt een verzamelplaats van snoeppapiertjes, snoetenpoetsers, vergeten knuffels en stukjes happy meal verrassingen.

Maar…. boven alles krijg je er heel veel voor terug! ❤️

Leven met ADHD: Er gaat zoveel om in mijn hoofd, schouders, knie en teen, knie en teen

Leven met ADHD is veel dingen, maar nooit saai. ADHD staat voor Attention Deficit Hyperactivity Disorder. Wie ADHD heeft zal dit wellicht ervaren als een zegen en een vloek. Het is niet altijd gemakkelijk, maar tegelijkertijd ook nooit saai om ADHD te hebben.  Dit stuk is goed om te lezen en te delen, omdat er veel negatieve informatie over ADHD bekend is, maar er ook heel veel positieve kanten zitten aan het hebben van ADHD. Stuiter lees je mee? 

Mensen met ADHD zijn snel afgeleid, vandaar het Attention Deficit stukje. De aandacht er bij houden kost ons vaak immens veel moeite, tenzij we ergens ontzettend in geïnteresseerd zijn, en dan nog kost het vaak moeite om niet afgeleid te raken door de langs rijdende auto, de vlieg op de muur of doordat we simpelweg een merknaam op je T-shirt zien staan, waardoor we opeens ongecontroleerd hard nadenken over mode-ontwerpers en catwalks. We hebben dit zelf vaak niet door, het gebeurt automatisch. Het is geen desinteresse in jou als persoon; we willen er niemand kwaad mee doen. Ons brein is gewoon overactief, waardoor we soms zouden willen dat we met een honkbalknuppel alle inkomende ideeën en gedachten er uit konden meppen.

We zijn creatief

pexels-photo-213775Heb je behoefte aan mensen met veel ideeën om mee te brainstormen? Dan heb je aan mensen met ADHD goede gesprekspartners. Tenminste, als we niet halverwege bedenken dat we nog boodschappen moesten doen. We zijn een oeverloze bron van creativiteit en ideeën, we bedenken graag creatieve oplossingen voor problemen, soms nog voordat deze problemen ontstaan. We zijn vaak goed in creatieve beroepen. Veel bekende artiesten en kunstenaars hebben ADHD! Plekken waar vooral wordt verwacht dat je om kunt gaan met ad hoc situaties, zijn vaak de plekken waar mensen met ADHD uitblinken. Zet ons echter niet te vaak aan een saaie routinematige klus, want dan raken we volledig in de ban van alles behalve waar we mee bezig moeten zijn. Tijdens stressvolle situaties kunnen we vaak bijzonder helder nadenken en direct handelen waar anderen bevriezen; wel moeten we daarna een aantal uren bijkomen hiervan. Want hey, we zijn ook maar mensen. En ja, al die stress prikkels kunnen ook ons te veel worden.

We kunnen impulsief zijn

Impulsiviteit is een onderdeel van ADHD waar veel mensen last van hebben – in meer of mindere mate. Naarmate we ouder worden, wordt de impulsiviteit gelukkig vaak wel wat minder heftig. We kunnen ’s ochtends nog een rustdag gepland hebben, en om twaalf uur ’s middags die zelfde dag kun je ons tegenkomen in de GAMMA, omdat we plotseling besloten hebben dat we ons verveelden en het de hoogste tijd was om de bovenverdieping te gaan renoveren. Dat is toch leuk? We denken snel, reageren snel, en daardoor kunnen we soms voor een ander onnavolgbaar lijken. Vraag ons echter naar de reden en we leggen je met liefde onze logica uit. Wellicht is het voor jou niet logisch, maar voor ons wel. Ook hier proberen we niemand pijn te doen met onze impulsieve acties: soms kunnen we onszelf gewoon niet beheersen.

Speedyyyyyyyy! 

We kunnen soms sneller gaan dan de wereld normaal vindt. We geven bijvoorbeeld al antwoord op je vraag voordat je hem (helemaal) gesteld hebt. We jump in to conclusions, soms sneller dan noodzakelijk. Dat brengt ons wel eens in de problemen. Van de andere kant kunnen we wel ontzettend snel schakelen en reageren als de situatie daarom vraagt.

Veel mensen met ADHD hebben een groot empathisch vermogen en zijn zeer meelevend; daarnaast zijn we in staat om situaties van alle kanten te bekijken en ons goed in te leven in anderen.

Met ons grote probleemoplossend vermogen – doordat we outside the box denken – werpen we vaak een frisse blik op situaties of problemen.

pexels-photo-127968

Soms gaat het mis en lopen we tegen problemen aan door onze impulsiviteit of hyperactiviteit. Dat gebeurt wel eens vaker in het leven van iemand met ADHD, zeker als je nog jong bent. Maar daar leren we wel van dat we gewoon weer moeten en kunnen opstaan en opnieuw beginnen. Mensen met ADHD hebben dan ook vaak een grote veerkracht ontwikkeld.

Hyperfocus

Wanneer iets onze interesse heeft, kunnen we ons bijzonder goed concentreren. Of het nu werken op de PC is, of een film over een onderwerp dat ons bijzonder interesseert: als we eenmaal geconcentreerd zijn kun je een bom naast ons laten afgaan; we zullen niet op of om kijken.

Hyperactiviteit

Jaaaa, we hebben een berg energie, maar ook als we doodmoe zijn kunnen we hyperactief zijn. Ja, we friemelen, wiebelen, tikken met een voet, tikken met een pen, frutselen. We kunnen hier niets aan doen; dit zijn foefjes en trucjes die we onszelf hebben aangeleerd om stil te kunnen blijven zitten  en niet door de kamer te gaan rennen. Stil zitten en opletten tegelijk zijn voor iemand met ADHD heel moeilijk te combineren. Het liefst bewegen we, dan leren we het meest. Maar als we dan toch stil moeten blijven zitten, moet er in ieder geval een hand of een voet in beweging zijn, dus mocht je je er aan storen, bedenk dan: het gewiebel voorkomt nog veel erger gedrag, haha!

Hilariteit, bloopers en vriendschap

ADHD kan vervelend zijn, maar ook leiden tot hilarische situaties. Zo kun je met iemand met ADHD in de grappigste situaties belanden, al is het maar vanwege hun spontane ideeën en briljante blunders. Mensen met ADHD zijn dan ook leuk om bevriend mee te zijn, alhoewel je hen wellicht wel iets vaker dan gemiddeld zult moeten herinneren aan gemaakte afspraken. Want…. we hebben vaak wel een agenda, maar soms ook twee agenda’s omdat agenda twee er leuker uit zag met al die kleurtjes en alles, en de afspraak stond nog in die oude agenda, maar die waren we helemaal vergeten door de mooie kleurtjes van de nieuwe agenda en waren net bezig met het overschrijven van de afspraken uit de oude agenda in de nieuewe agenda maar toen roken we dat de lasagne in de oven begon te verbranden omdat we vergeten waren een timer te zetten en toen zijn we vergeten door te gaan met afspraken overschrijven.. en bovendien hadden we het niet in onze digitale agenda gezet, waardoor we geen herinnering op ons scherm kregen en het dus straal vergeten waren! Logisch, toch? Kortom; wil je zeker weten dat we ergens bij zijn, bel of app ons dan even van te voren. Succes gegarandeerd!

Liefs,

Chrisje

img_0562

 

Hoe voorkom je dat de narcist je manipuleert?

Mensen stellen mij vaak vragen naar aanleiding van mijn quotes en blogs over manipulatie en narcisme. Een van die vragen is: Hoe voorkom ik dat ik gemanipuleerd word? Of: Hoe stap ik uit een relatie of vriendschap met een manipulatief persoon?

Ik wil je zo goed mogelijk antwoord geven op deze vragen. Ik wil daarbij wel benadrukken dat ik geen psycholoog of arts ben. Ik ben ervaringsdeskundige en deel mijn ervaringen graag met mensen die in ongezonde (werk- of privé) relaties of vriendschappen zitten en daar maar moeilijk mee om kunnen gaan.

Om uit een narcistische relatie te stappen, moet je eerst een bewustwordingsproces doorlopen. Dit begint bij:

Herkennen en erkennen

De eerste stap is: herkennen en erkennen. Om gedrag te erkennen moet je het eerst herkennen. Heb je het door als je gemanipuleerd wordt? Zie je het patroon in gedrag? Narcistische mensen en manipulators zijn vaak zeer bedreven in het geleidelijk aanpakken van misbruik. Ze gaan stap voor stap te werk en verdiepen zich uitgebreid in jou: wat zijn je zwakke kanten? Wat zijn je grenzen? Waar ben je gevoelig voor? Pas als ze weten hoe je in elkaar steekt (en narcisten zijn hier zeer bedreven in!) gaan ze voorzichtig jouw grenzen opzoeken. Om narcistisch misbruik en manipulaties te stoppen moet je dus eerst weten en erkennen dat het gebeurt. Voelen wanneer het gebeurt. Meestal herken je het aan een onderbuikgevoel: dit klopt niet, fluistert een stemmetje. Dit onderbuikgevoel is je intuïtie: een heel waardevol iets wat je hard nodig gaat hebben terwijl je je losmaakt.

Charme, snelheid en schuld

Als narcisten iets hebben, is het charme. Krijg je het gevoel dat je gepaaid wordt, dat er geslijmd wordt waarna je wel bijna ja moet zeggen? Heb je vaak het idee dat een situatie zich zo snel ontwikkelde dat je pas later in de gaten had waar je precies mee had ingestemd? Narcisten en manipulators zijn charmant en snel. Ze weten dat de meeste mensen niet bedacht zijn op hun spelletjes en manipulaties. Daar maken ze dankbaar gebruik van.

Een narcist kan een idee nog zo spontaan lijken te opperen; negen van de tien keer is dit vooraf uitgebreid voorbereid. Voor jou lijkt het snel te gaan, omdat de narcist je meestal tien stappen voor is. Charme + snelheid = ja zeggen op iets wat je niet wil. Precies wat de narcist van je verlangt. Heb je naderhand pas door dat je iets hebt toegezegd wat je niet wil doen? Oefen met het er op terugkomen. Een voorbeeld: “Je vroeg me of ik mee ging naar …, ik heb er over nagedacht en me bedacht. Ik wil daar niet heen, maar ik wens je veel plezier!”

Een echte narcist of manipulator zal – als charme en snelheid niet meer werken – op je schuldgevoel in gaan spelen.

Mensen die het slachtoffer worden van een manipulatieve relatie zijn vaak meevoelend, verantwoordelijk en zorgzaam. Zorgzame mensen willen een ander geen pijn doen. Dat weet de narcist: hij of zij maakt hier dan ook dankbaar gebruik van.

Besef dat de narcist een studie heeft gemaakt van jou en je gedrag.

Hij weet je zwakke punten precies te raken.

Een narcist kan je een schuldgevoel aanpraten en/of manipuleren door:

• …Plotseling heel verdrietig, maar wel begripvol te reageren. Hij of zij hoopt hiermee te bereiken dat je je bedenkt omdat je voelt dat hij of zij verdriet heeft.

• …Zaken te noemen die hij of zij voor jou gedaan heeft. “Jammer, toen ik je hielp met… hoopte ik dat jij mij ook zou helpen.” Trap er niet in: in een gezonde relatie bezorgt iemand je geen schuldgevoel alleen omdat je iets niet wil.

• …een extra charme offensief er tegen aan de gooien. “Ah, toe, liefje, alsjeblieft? Ik beloof je dat ik….”

• …als een kleuter te gaan stampvoeten en dreinen. Narcisten schuwen geen enkele leugen of dreiging als het er op aankomt dat ze hun zin willen krijgen. Plotseling op sterven liggende familieleden, zieke huisdieren, geen leugen wordt geschuwd. Achteraf valt het dan opeens toch wel mee, maar dan heb jij al gedaan wat de narcist wilde en verzint hij of zij wel een reden waarom die urgente situatie opeens toch wel mee bleek te vallen. Trap er niet in. Hoe moeilijk ook.

• …je te negeren. Narcisten weten precies hoe gevoelig je er voor bent. Ze negeren je plots uren of dagen lang om je te laten voelen hoe vervelend het is als ze niet in de buurt zijn. Op berichtjes wordt niet of amper gereageerd. Zinnen worden korter. Er wordt niet meer gelachen of gekust, er wordt alleen ijzige stilte op je af gestuurd, waardoor je onbewust of bewust zult voelen: dit krijg je als je niet doet wat ik wil.

Herken je veel in bovenstaande tekst? In een volgende blog ga ik verder in op de stappen die je kunt zetten om te ontsnappen uit een relatie met een narcist.

Luisteren naar je onderbuikgevoel en herkennen wanneer je gemanipuleerd wordt is een proces van oefenen, maar als je het eenmaal doorhebt, wordt het steeds gemakkelijker te herkennen.

liefs,

Chrisje

“Ik verloor mijn wimpers, wenkbrauwen en haren op mijn hoofd.”

Chrisje’s VIP blogger Susan Schuitema heeft Alopecia areata, waardoor zij last heeft van (soms blijvend) haarverlies.

Wat bijna niemand van mij weet, maar ik wel graag wil vertellen: Een tijdje na de geboorte van mijn zoon, viel het mij op dat mijn ene wenkbrauw begon uit te vallen. Vervelend, maar niet zorgelijk. Ik dacht dat het wel weer aan zou groeien. Steeds meer haartjes vielen uit, en voordat ik het wist was ik bijna een hele wenkbrauw kwijt. Via de huisarts kwam ik terecht bij een dermatoloog. Ze bekeek mijn wenkbrauwen en gaf mij de diagnose Alopecia areata. Juist ja, en dat is?

Het komt er dus op neer, dat je eigen lichaam je haartjes niet herkent en daarom zoiets heeft van, rot maar lekker op. Het zou kunnen dat het weer aangroeit, het zou ook kunnen dat het wegblijft. Daar had ik dus drie keer niks aan. Er is dan ook weinig aan te doen, er bestaan een aantal opties en ik begon met de meest makkelijke. Een lotion die ik kon aanbrengen. Dit heb ik enkele maanden geprobeerd, zonder effect. Na een hele lange tijd zag ik dat langzaamaan mijn wenkbrauw terug begon te komen. Het nadeel daarvan, is dat mijn andere wenkbrauw begon uit te vallen. En daarnaast ook nog aan één kant mijn wimpers. Wat een feest!

Hoewel ik het heel vervelend vond, had ik overal wel een oplossing voor. Mijn wenkbrauwen tekende ik bij. Wat nog best een uitdaging is. Ik liep er in het begin dan ook vaak bij als clown. Te dunne wenkbrauwen, te dik, te lang, te donker. Vooral het laatste, veel te donker! 

Mijn wimpers kon ik weinig aan doen, dat accepteerde ik dan maar. Ik durfde alleen geen make-up meer te dragen, ik was veel te bang dat er nog meer uit zou vallen. Wat wel zorgde voor onzekerheid, want ik voelde me vaak heel kaal. Letterlijk en figuurlijk, kaal. 

Beide wenkbrauwen zijn weer op zijn retour. Ze zijn nog niet zo vol en compleet als dat ze waren, jaren geleden, maar goed, ze zijn weer onderweg. Ook mijn wimpers groeien weer aan, maar wel in de totaal verkeerde richting. Hierdoor sta ik dus iedere ochtend voor de spiegel, met een wimpertang, mijn wimpers in de goede richting te dwingen. Allemaal te overzien.

En toen kwam voor mij de zwaarste klap. Tijdens het borstelen van mijn haar, na het douchen, zag ik in de spiegel een kale plek.

Bovenop mijn hoofd, een kleintje nog maar, maar toch. Er zat een kale plek en ik wist hoe snel dat kon veranderen. Mijn haar ging in een staart, niemand die het zag, niet meer over nadenken, klaar. In de hoop dat het bij dit kleine plekje bleef, maar helaas. Het werd groter en groter, en tot op de dag van vandaag groeit het niet terug, maar valt er alleen maar meer uit. De kale plek is niet meer te verbergen met los haar. 

Daar waar ik geen make-up meer durf te dragen, durf ik nu ook mijn haar niet meer los te dragen. Terwijl ik mezelf toch écht mooier vind met losse haren. Mijn krullen, het staat zoveel vrouwelijker dan mijn strakke staart. Een bezoekje aan de kapper, waar ik mij altijd op kon verheugen, is nu een ‘knip de puntjes maar’ en ik doe snel mijn haar weer vast.

En zelfs nu met staart in, als ik het niet op de juiste manier vast doe, zie je de kale plek. De enige optie is dus echt een hele strakke staart. En daar moet ik het voorlopig mee doen.

Na ieder douchebeurt ben ik bang dat er nog meer haar weg is.

Haren verven durf ik niet meer. En iedere keer als ik in de spiegel kijk, word ik niet blij van wat ik zie. Mezelf lelijk noemen, daar ben ik een tijd geleden mee gestopt, want dat ben ik niet. Maar aantrekkelijk? Dat voel ik mij absoluut niet. Ik zie niet de Susan, die ik eigenlijk van binnen wil zijn. Ik zie een saai en leeg persoon, terwijl ik eigenlijk die krullenbol met een beetje make-up wil zijn. 

Tot nu toe kan ik het nog redelijk verbergen, maar ik denk er steeds vaker over na, wat als? Wat als het niet terug groeit? Wat als het nóg groter wordt en het wel te zien is, als ik mijn haren vast draag? Wat als er nog een kale plek bij komt? Ik krijg de neiging om mijn haar dan weg te halen en een pruik te gaan dragen. Dat stel ik uit, tot het echt niet meer anders kan, maar dat idee alleen al, doet mij pijn. Ik wil het niet, maar ik wil me graag weer mooi voelen. 

Dus de volgende keer dat je mij ziet lopen, en je ziet mij met mijn haren vast en mijn make-uploze gezicht. Denk dan niet dat ik zo’n moeder ben die zichzelf niet meer verzorgt. Zie dan alsjeblieft de vrouw die ik ben, onder mijn naturelmaskertje. Besef dan dat ik in gedachten de blije krullenbol ben mét een beetje make-up. Dan blijf ik heel hard duimen, dat mijn lichaam mijn haar weer wil kennen en dat we elkaar binnenkort weer mogen ontmoeten.

Liefs,

Susan

Ben jij een people pleaser en medeafhankelijk?

Ben jij een notoire people pleaser? Spring jij altijd als eerste op om anderen te helpen? Komen mensen als eerste naar jou toe met hun problemen? Vind je het moeilijk om je grenzen te bewaken en kom je vaak in (liefdes)relaties terecht die niet gezond voor jou zijn, met mensen die jou manipuleren of gebruiken? Grote kans dat jij last hebt van codependency, oftewel medeafhankelijkheid.

Mensen die codependent zijn, hebben vaak een laag zelfbeeld en passen zichzelf helemaal aan aan de ander. Eigen behoeften worden volledig weg gecijferd om de ander tevreden te stellen. Vaak schuilt daarachter een diepe angst om verlaten te worden en alleen te zijn.

Dit gedrag ontstaat meestal bij mensen waarvan in hun jeugd niet aan hun emotionele behoeften werd voldaan: Codependency ontstaat immers meestal door een onveilige hechting in je (moeilijke) jeugd, waardoor je niet geleerd hebt hoe een gezonde relatie er uit ziet. Je hebt wellicht geleerd dat houden van hetzelfde is als zorgen voor en geeft daarmee al je energie aan de ander. Je stelt je veel te afhankelijk op van de ander, waarmee je die persoon alle macht en controle over jou geeft.

Een relatieverslaving kan hier een gevolg van zijn: je hecht je aan emotioneel beschadigde mensen waar je voor denkt te kunnen of moeten zorgen. Dat jij hierdoor vaak gekwetst wordt neem je voor lief: dit ben je immers gewend. Het ongezonde patroon is onveilig, maar doordat je dit herkent uit je jeugd voelt het onterecht veilig. Rationeel weet je wel dat dit niet goed is, maar emotioneel lukt het je niet om hier afstand van te nemen.

Hoe doorbreek je nu de spiraal van codependency? Hoe zorg je er voor dat ook jouw behoeften worden bevredigd en niet al je energie gaat naar het helpen van anderen? Hoe zorg je er voor dat je van jezelf mag kiezen voor gezonde relaties waarin geen misbruik van jou wordt gemaakt?

Erkennen in welke patronen je vast zit is een eerste stap; begrijpen hoe dit heeft kunnen gebeuren. Hyponose therapie kan ook een stap zijn: onder begeleiding van een professional kun je “terug gaan” naar je jeugd en de behoeften die je had uitspreken. Leren van jezelf te houden is de belangrijkste stap: als je van jezelf leert te houden, pik je het niet wanneer een ander over jouw grenzen heen gaat of misbruik van jou maakt. Bovendien ben je niet langer bang om alleen te zijn, omdat je genoeg van jezelf houdt.

Wanneer je genoeg om jezelf geeft, maak je gezondere keuzes voor jezelf. Met het beëindigen van destructieve en ongezonde relaties maak je ruimte voor gezonde relaties waarin geven en nemen in balans zijn en jij jezelf niet meer kwijt raakt.

 

Leestips:

Als hij maar gelukkig is

door Robin Norwood

 

Leef je eigen leven

door Melodie Beattie

Kerstfile

‘Wat ben ik toch een goed georganiseerd persoon’, dacht ik vandaag. ‘Het is nog niet eens de dag van kerstavond en ik denk er nu al aan dat ik nog wat in huis moet halen!’

Dus toog ik vol goede moed naar een winkelcentrum in de buurt, compleet met een incompleet boodschappenlijstje. Drie straten voor het winkelcentrum ging het verkeer iets langzamer rijden.

“Het regent ook,” dacht ik nog, “dan rijden mensen wat langzamer.”

Twee straten voor het winkelcentrum reden we wel erg langzaam, waarmee ik bedoel te zeggen dat we feitelijk stil stonden. “Zou er een ongeluk gebeurd zijn?” vroeg ik aan mijn dochter. “Ik zie niks,” zei ze, “..misschien is het file.” “File? Hahaha! Hier staat nooit file!” lachte ik terug. Toch gingen we wel opvallend langzaam vooruit.

Nadat we drie kwartier later de bocht om gekropen waren werd het me pijnlijk duidelijk: er stond een file richting het winkelcentrum. Maar liefst twee straten vol. “Hier heb ik geen geduld voor.” zuchtte ik, terwijl ik mezelf in gedachten al over de hoofden zag lopen in het winkelcentrum na drie uur file en twee zenuwinzinkingen. “Gelukkig, want ik ook niet.” zuchtte dochter. Dus gingen we de eerste zijstraat in om de ontsnappen aan de file vol mensen zoals ik; mensen die op de laatste dag nog even ALLES gaan kopen.

Kerstfiles: ik wen er nooit aan. Waarom doen met zijn allen alsof het de allerlaatste dag is waarop de wereld bestaat? En waarom besluiten we dan ook nog dat we -paradoxaal genoeg- wel een proviand moeten kopen voor zes jaar?

Morgenvroeg gaat de wekker extra vroeg. Dan zijn we de eersten in de winkel, filevrij, en kopen we gewoon wat er nog over is gebleven van de plunderingen van vandaag.

Liefs,

Chrisje

christianne.jpg

 

Ik voel ik voel wat jij niet ziet: onzichtbaar ziek

Fibromyalgie, andere vormen van reuma, migraine, burn-out, depressie, et cetera: Er zijn veel ziektes die niet zichtbaar zijn aan de buitenkant.

Waar iemand met een gebroken been vanzelf begrip en medewerking krijgt van mensen vanwege bijvoorbeeld het dragen van gips of lopen met krukken, moeten mensen met een onzichtbare ziekte of aandoening vaak twee gevechten leveren: één gevecht tegen hun aandoening en het andere gevecht tegen onbegrip en vooroordelen van de omgeving.

lees verder onder de afbeelding

Veel mensen denken dat alles goed met je gaat omdat er niets aan jou te zien is. Hoe lang je er over gedaan hebt om uit bed te komen (psychisch of fysiek) ziet men niet. Hoe vermoeid je bent (mentaal of lichamelijk) na een activiteit ziet men evenmin.

Het hebben van een onzichtbare aandoening blijft een dubbele strijd. Goede vrienden, professionele begeleiding en “insiders” die echt weten en begrijpen wat je doormaakt zijn daarbij onmisbaar.

Soms is het ziektebeeld ook grillig: de ene dag kun je bijvoorbeeld meer aan dan de andere dag, grenzen verschuiven, zowel op het psychische vlak als lichamelijk. Het is dan soms verwarrend voor de omgeving, want: waarom kun je vandaag niet mee doen als je gisteren wel nog op de been was?

Dit telkens maar uitleggen en er begrip voor vragen is moeilijk: vaak is het nodig dat je zelf erg stevig in je schoenen staat en er voor waakt dat je niet over je grenzen heen gaat. Onder voorbehoud afspraken plannen kan een optie zijn: je houdt een slag om de arm en geeft dat vooraf duidelijk aan: “Als ik me goed voel die dag ga ik heel graag mee.”. Zo voorkom je teleurstellingen voor je omgeving en bewaak je je eigen grenzen, door op de dag zelf te beoordelen of iets al dan niet mogelijk is.

Het is en blijft een strijd om te luisteren naar je lijf en naar je grenzen. Je zult jezelf zeker blijven tegenkomen, totdat je leert jezelf te beschermen en je grenzen te bewaken.

Soms zul je hiermee ook vrienden verliezen, als ze niet kunnen omgaan met de veranderde jij, die niet meer alles kan.

De vraag is dan uiteraard wel of dat in de eerste plaats echte vrienden waren…

Wat je straks niet zult zien aan mijn instagram foto’s

door VIP blogger Michelle-Anne Lucas

Het is bijna zover.. Over zes dagen vertrek ik naar Bali. Als ik mensen vertel dat ik op reis ga krijg ik vaak dezelfde reacties: ‘Oh wat geweldig. Ik ben jaloers’ of ‘ Als ik jouw leeftijd had zou ik precies hetzelfde doen’. Mijn antwoord hierop lijkt mensen vaak nogal te verrassen: ‘Het is moeilijk om te leven wetende dat je weg gaat.’ De reis zelf is ideaal om te leren genieten van het moment, maar de tijd die er naartoe leidt is juist het tegenovergestelde. Je bent continu bezig met je leven inrichten zodat je op reis kan gaan.

Voordat ik in het paradijs ben aangekomen deel ik mijn ervaring van de afgelopen maanden. Niet om je bang te maken om mijn voetstappen te volgen, maar om je het verhaal te vertellen achter de prachtige Instagram foto’s:

Eind 2017 kreeg ik met mijn reisgenoot het wilde idee om samen te gaan reizen. Toen ik besloot niet verder te gaan met mijn Masteropleiding, wist ik zeker dat ik dit wilde gaan doen. April van dit jaar boekte ik mijn one way ticket en was ik super enthousiast. Op dat moment woonde ik nog in Leuven, maar een paar maanden later zou ik hier weg moeten. Omdat ik een tijdelijke woning nodig had was mijn keuze al snel gemaakt; Ik ging bij mijn vriend wonen.

Toen ik weer terug naar Limburg verhuisde wist ik niet goed wat ik met mijzelf moest. Ik moest wel gaan werken om voor mijn reis te kunnen betalen, maar wie zou iemand aannemen die maar een paar maanden aan de slag kon gaan? Ik solliciteerde erop los, maar beperkte mijzelf enorm door steeds netjes aan te geven dat ik op reis zou gaan. Gelukkig vond ik twee fijne tijdelijke banen, waar ik ontzettend leuke collega’s heb gehad. Toch bleef ik mij niet op mijn plek voelen. Ik ben altijd ontzettend planmatig en carrière gedreven geweest. Wetende dat ik niet met passie voor de langere termijn kon werken, zorgde ervoor dat ik mij vaak nutteloos voelde.

Ik zou juist daar mijn passie in moeten vinden in naar mijn reis toe werken, maar dat vond ik erg moeilijk. In het begin probeerde ik zo min mogelijk geld uit te geven. Ik moest mijn streefspaarbedrag halen. Geld maakt niet gelukkig, maar thuis zitten omdat je continu aan het sparen bent ook niet! Mijn sociale leven werd door mijn gierigheid anders. Normaal kocht ik spontaan concerttickets voor mijzelf en mijn vrienden. Nu twijfelde ik zelfs als mijn vrienden wat wilden gaan drinken. Toen ik erover sprak met mijn reisgenootje, bleek dat zij precies hetzelfde had. Ik ben blij dat mijn vriend mij toen wakker heeft geschud. Ik gaf weer wat geld uit en begon weer te genieten van mijn sociale leven.

Samen met mijn vriend heb ik ontzettend leuke dingen gedaan. We hebben vanaf die tijd vooral België ontdekt met z’n tweeën. Omdat we allebei in afwachting waren van onze grote levenskeuzes hadden we alle tijd voor elkaar. We sleepten elkaar door deze periode heen en deelden onze onzekerheden van de toekomst.

Toen hij begin oktober begon met zijn opleiding van defensie, was ik gelukkig nog aan het werk. Het was een redmiddel om een paar dagen in de week de deur uit te moeten om te gaan werken. De dagen dat ik thuiszat voelde ik mij vooral eenzaam en nutteloos. Als ik nadacht over mijn reis, voelde het soms meer als een obstakel dan een doel.

Pas een week geleden begon het echt realistisch te worden. Een paar berichtjes van mijn reisgenootje die al in Australië zit, een ingepakte tas en een toch wel rijk gevulde spaarrekening zorgen er nu eindelijk voor dat ik begin te genieten. Ik kan niet wachten tot ik mijn voeten in het zand kan steken, ik eindelijk weer verder kan met mijn geweldige surftechnieken (uhumuhum) en ik een kokosnoot van het strand kan rapen en opeten.

Het enige wat ik nu nog echt moeilijk vind is mijn vriend en familie missen.

Maar het voorruitzicht om naar hen terug te mogen komen zorgt ervoor dat het alles waard is. En wanneer ik terug kom kan ik dan ook écht met mijn toekomst te beginnen. Maar nu eerst gaan genieten van mijn reis!

Veel liefs,

Michelle Anne

Voor wie twijfels zijn leven laat bepalen

Twijfelen: iedereen doet het wel eens. Zeker bij grote beslissingen. Twijfelen is een gezond mechanisme om voor- en nadelen goed af te wegen voordat je een beslissing neemt. Toch kan te veel twijfelen je ook tegenhouden in het leven leiden dat jij graag wil.

Hoe gezond twijfel ook kan zijn, één van de grootste “killers” van vooruitgang is zonder meer overmatige twijfel. Twijfel slaat vaak toe bij het nemen van levensbeslissingen; hoe groter de beslissing, hoe harder de twijfel toe kan slaan.

Waarom twijfelen we vaak te lang? Wat is het nut van twijfel? En vooral: hoe kom je er van af als het je afremt in het bereiken van je doelen?

Twijfelaar
Een geboren twijfelaar, zo heb ik mezelf wel eens genoemd vroeger. Bij het nemen van een grote beslissing (Ga ik voor die baan? Blijf ik bij mijn partner? Moet ik nu wel of niet verhuizen?) slaat bij veel mensen de twijfel toe: logisch, want het is ook niet zomaar een beslissing die je moet nemen.

Een verhuizing, een andere baan, een relatie verbreken: het zijn allemaal beslissingen die vergrijpende gevolgen kunnen hebben in je verdere leven. Dat is niet per se negatief, maar het kán het wel zijn; Want wat nou als die nieuwe baan toch niet zo leuk is als het lijkt? Wat als je spijt krijgt van je verhuizing? Wat als je je partner toch gaat missen en niet meer terug kunt?

Twijfel slaat de meeste dromen en plannen dood, omdat het gepaard gaat met angst. Angst om de verkeerde beslissing te nemen (“Wat als ik hier verkeerd aan doe?”) kan je verlammen, waardoor je onnodig lang in de twijfel modus blijft. Onzekerheid kan ook een grote rol spelen: het vergt nogal wat zelfvertrouwen om te zeggen: en vanaf nu gaat het anders.

Waar twijfel het hardst toeslaat
Twijfel slaat vaak het hardst toe in situaties waarin weinig urgentie bestaat. Wat ik daarmee bedoel, kan ik het best toelichten aan de hand van een voorbeeld. Stel, je hebt een baan waar je wel tevreden mee bent, maar waar je niet veel uitdaging uit haalt. Het werk is niet verschrikkelijk, maar ook niet heel leuk. Je haalt er weinig vreugde uit, maar je doet het wel goed en krijgt goede beoordelingen. Daarnaast heb je een vast contract en geen hele vervelende collega’s. Met andere woorden: er is weinig uitdaging, maar ook geen echte urgentie om weg te gaan. Dat je wellicht hele andere doelen voor je loopbaan had – en door tien of twintig jaar in deze baan te blijven hangen die doelen niet bereikt – is achteraf bezien natuurlijk zonde. Toch blijven veel mensen vaak lang hangen op een plek waar ze niet tot hun recht komen.

Waarom?
Niet altijd leuk om te horen, maar wel waar: Mensen zijn gewoontedieren. We voelen ons graag veilig en geborgen. Onze comfort zone is ons vaak meer waard dan ons geluk, hoe gek het ook klinkt. We houden van nature nu eenmaal doorgaans niet erg van verandering. Verandering vinden we maar eng.

Zeker als we een vast contract hebben weten te bemachtigen in deze onzekere tijden, geven we dat niet zomaar op. Een vaste relatie ook niet. De gemoedsrust die komt kijken bij het kunnen betalen van de hypotheek of huur wint het dan van het knagende gevoel dat er meer moet bestaan dan deze sleur van werk dat eigenlijk beneden je niveau ligt.

Als er dan een nieuwe baan langskomt, waarbij je met een tijdelijk contract in een geheel nieuw bedrijf moet beginnen waar je nog niemand kent, slaat de twijfel toe. Zo erg heb ik het nu toch niet? Ik heb nu wel vastigheid en ik weet waar ik aan toe ben. Dit soort gedachten zorgen er vaak voor dat je dan toch maar bedankt voor die uitdagender job.

Hetzelfde geldt voor relaties. Als een relatie je al lang niet meer gelukkig maakt, zou je eigenlijk er mee moeten stoppen. Toch blijven veel mensen langer in een uitgebluste relatie zitten dan nodig, uit angst. Angst voor het onbekende, angst om alleen verder te moeten gaan, angst om al het vertrouwde op te moeten geven. Dus worden de dagen weken, de weken maanden, en worden ze op hun zestigste wakker met het besef dat ze jaren lang in een ongelukkige relatie hebben gezeten. De comfort zone kan wat dat betreft een vals soort gevoel van veiligheid geven: achteraf is er dan vaak alleen maar ruimte voor spijt.

Urgentie maakt twijfelen moeilijker

Wat nu als je opeens zonder werk komt te zitten? Dan valt je vangnet weg en je comfort zone verdwijnt zonder dat je daar zelf iets aan kon doen: zou je dan wel solliciteren op die baan die uitdaging biedt? Waarschijnlijk wel. Zou je het droomhuis wel kopen als je plotseling te horen kreeg dat je eigen woning gesloopt gaat worden? Vast wel. Het wegvallen van die comfort zone dwingt je er toe beslissingen te nemen: wat dat betreft is het soms gemakkelijker om beslissingen te nemen vanuit het principe “Ik heb nu toch niets te verliezen.” Urgentie dwingt: en soms is dat niet eens verkeerd.

Eeuwige twijfel

Voor de eeuwige twijfelaar is het goed om je af te vragen wat je bereikt met het ellenlange twijfelen. Geef je jezelf zo een excuus om comfortabel te mogen blijven leven zonder risico’s te nemen? Geef je jezelf hier mee een mooie reden om je angsten niet onder ogen te hoeven komen? Houd je je eigen onzekerheid hiermee in stand?

Iets nieuws proberen, een nieuw avontuur aangaan, betekent vaak dat je een risico moet nemen. Het is een sprong in het diepe waar niet iedereen zich aan waagt. En ja, het kan misgaan, maar het kan ook ontzettend goed gaan. Vraag jezelf eens af: waar heb je straks meer spijt van; als je het nooit hebt gedurfd of als je dat wel hebt gedaan en het niet is gelukt? Wat is het ergste dat er kan gebeuren? En kun je daarmee leven?

Het leven gaat snel voorbij. De sleur van alledag zorgt er voor dat dagen overgaan in weken, maanden, jaren. Wil je terugkijken op een leven vol twijfels, waarin je jezelf mooie kansen hebt ontnomen? Of wil je terugkijken en denken: ach, ik heb risico’s genomen, but I did it my way!

Ik weet waarvoor ik kies. Jij ook?

Nieuwe opvoedingsmethode of oud nieuws? Slow Parenting..

Er is een nieuwe opvoedmethode die helemaal trending is: Slow Parenting.

Jaag jij van afspraak naar afspraak of van school naar sportclub en weer terug met je kind? En kun je door dit drukke schema niet gewoon lekker genieten van je kind? Dan is Slow Parenting misschien wel wat voor jou.

Hier vind je een uitgebreide (Engelstalige) uitleg, maar voor de gehaaste lezer houdt de methode kort samengevat in, dat je met deze nieuwe opvoedingsaanpak meer in het moment leeft, minder met technologie bezig bent en minder met vooruit plannen.

Je overlaadt je kinderen niet langer met activiteiten maar geeft ze de vrijheid om te genieten van wat ze (thuis) kunnen doen. Hiermee verlaag je zowel de druk op je kind als op jezelf. Mindful opvoeden dus.

Nu wil ik niet vervelend doen, en ik juich deze methode absoluut toe, maar volgens mij deden ouders dat in de jaren tachtig al massaal.

Als wij vroeger weekend hadden, mochten we buiten spelen, of binnen. Dat was het wel zo’n beetje. Wij gingen niet elke zondag naar een binnenspeeltuin, pretpark of bioscoop. Hooguit af en toe naar opa en oma of een familieverjaardag. En als je je verveelde, tja, dan verbeelde je je maar. “Daar word je creatief van,” zei mijn moeder dan. En dat was zo.

Ik ben zelf overigens onbewust voor een groot deel al heel lang een slow parent, trouwens. Op zondag houd ik heel vaak “pyjamadag” met mijn dochter, die het heerlijk vindt om de eerste uren in haar pyjama en ochtendjas te zitten knutselen. Soms verveelt ze zich wel eens op pyjamadag, maar dan gaat ze vanzelf buiten kijken of haar vrienden er zijn of spelen we een potje badminton in de achtertuin.

Dus… Ja, ik sta absoluut achter de nieuwste trend van Slow Parenting. Ik zou het zelfs iedereen aanraden. Het is alleen naar mijn mening helemaal niet nieuw.

Een kinderverjaardag organiseren met ADHD – door gastblogger Karina

Chrisje´s Gastblogger, Karina Dorresteijn, is ADHD-moeder. Zij schrijft graag over haar avonturen. Haar eerste gastblog voor Chrisje gaat over het organiseren van een kinderfeest met ADHD – en alles wat
daarbij komt kijken.

Lang zal ze leven… en iets met slingers en een partytent
Verjaardagen en ik: twee dingen die niet matchen. Of dit specifiek ADHD-gerelateerd is weet ik niet, maar het zal er in ieder geval niet aan bijdragen om een relaxte fuif te organiseren. Mijn eigen verjaardag sla ik dan ook al jaren over. Maar voor de kinderen kan ik dat niet maken, dus ben ik minimaal drie keer per jaar overgeleverd aan die killing stressdagen van hapjes, drankjes, taarten, kadootjes, het slepen met stoelen en statafels, binnen of toch buiten en last but not least..de soms uiterst ingewikkelde relaties tussen bepaalde familieleden en vrienden.

pexels-photo-796605Stuiterend op en neer naar de supermarkt
Het familiediner van Bert van Leeuwen is er niks bij. Mijn wederhelft zegt dan altijd doodleuk: joh, daar hoef jij je toch niet druk om te maken? Eh, niet druk maken? Dat zeg je tegen mij?? Ik stuiter al dagen van te voren met welke culinaire hoogstandjes ik dit jaar de familie ga verblijden, ik heb ooit een avond een taartenworkshop gevolgd dus hé die taart voor veertig man kan ik best zelf bakken en decoreren. Vijf keer rijden om alles te halen bij de supermarkt, die lollige caissière die bij de vijfde keer weer dezelfde grap maakt (of ik soms een hongerwinter verwacht..) Ik voel dan een ontzettend *HJB tje aankomen, maar slik de lelijke woorden die opborrelen in en kan nog net op tijd redelijk neutraal de tent verlaten.

Bloedvaart voor de partytenten
pexels-photo-296878Een avond van te voren zie ik per ongeluk een weerbericht langskomen en dat stemt mij verre van vrolijk. Ik geef wederhelft de opdracht om met een bloedvaart naar mijn ouders te rijden om de partytenten op te halen. Ze wonen hier zo’n honderd kilometer vandaan, dus dat is al gauw een avondvullend programma. Gelukkig kent hij deze buien van mij en hij weet niet hoe snel hij achter het stuur moet kruipen om dat ding op te halen. Twee van de drie kinderen zijn hoogzomer jarig, dus in gedachten zie ik dan altijd een zonnig tuinfeest voor me. Maar als de grote dag dan is aangebroken, regent het vaak pijpenstelen en spoelt mijn laatste beetje goede humeur met de regenbuien mee de put in. Donderwolken pakken zich samen boven mijn hoofd en huis, ik wil voor mijn jarige kind een vrolijke zonnige dag met bijbehorende blije olijke moeder uit de Bona-boter reclames die de boel op rolletjes laat lopen. Ik wil de opgeruimde moeder zijn die dartelend met koffie en bitterballen langs de visite gaat. Zonder vlekken op haar nieuwe jurk, de hond in de slagroomtaart of smoezelige glazen omdat de vaatwasser of ikzelf die toch waren vergeten te wassen.

Vergeten hapjes
Wat ook zo leuk is: als je aan het eind van de feestdag je koelkast opentrekt en er nog hapjes voor een heel weeshuis staan te wachten. Oeps, vergeten. Sorry kinderen, jullie hebben geen olijke Bona boter-moeder getroffen. Hoe lief ik ze ook vind en hoe ik ook mijn stinkende best doe, ik heb op de dag des onheils altijd heel erg de behoefte om de eerste de beste trein naar Fucking Nowhere te nemen. Als iemand mij die ochtend een enkele reis Siberië zou aanbieden zou ik meteen gaan, terwijl ik kou haat en ook nog eens heimwee heb.

Waarom voelt het of dat mijn leven er van afhangt als een verjaardagspartijtje niet perfect verloopt? En heeft mijn kind een minder leuke dag als de tent weg waait of de statafels niet helemaal in VT Wonen stijl zijn versierd? Nooit tevreden met 80% maar altijd 200% van mijzelf eisen, dat is wel een typische ADHD-eigenschap.

pexels-photo-587741

Georganiseerd plan….
Mijn psychologe gaf mij ooit de tip om een overzichtelijk plan te maken en alles af te vinken om rust te creëren in mijn chaotische warhoofd. Op zich geen verkeerd idee, dus bij de eerstvolgende verjaardag maar in de praktijk gebracht…. Maar… waar heb ik dat verrekte ding gelaten? Hele dag dat plan aan het zoeken geweest .. Zucht, schat haal jij toch maar even snel die partytenten op, Piet Paulusma voorspelt regen morgen.

(*betekenis van HJB tje: een iets vriendelijkere afkorting voor; hou je bek)

Meer van Karina lezen? -> Kaatsbarn.wordpress.com/

karina dorresteijn profielfoto

Leven met angst en paniek: zo ga je de strijd aan

Paniek en angst: de twee grote vijanden voor 1,1 miljoen Nederlanders. Een paniekaanval ervaren is doodeng en kost ontzettend veel energie. En als je niet op let, gaat angst zelfs je leven beheersen. 

pexels-photo-736843
“Een mens lijdt ’t meest
Door ’t lijden dat hij vreest
dat nooit op komt dagen.”

Als puber had ik er voor het eerst bewust last van: paniekaanvallen. Ik hyperventileerde vaak. Ik viel flauw op de gekste plekken: in de snackbar, in de rij voor de discotheek, boven aan de trap in mijn ouderlijk huis. Ik kreeg toen fysiotherapie om te leren hoe ik mijn ademhaling weer onder controle kreeg bij een hyperventilatie-aanval. Dat was fijn, maar voorkwam niet dat ik ze kreeg.

Sommige mensen reageren op stress met hoofdpijn, woedeaanvallen, maagklachten, et cetera. Mensen die gevoelig zijn voor paniekaanvallen en angst reageren op stress met, je raadt het al, paniek en angst.
Als ik (te lang) aan te veel stress word blootgesteld, krijg ik duizelingen, hartkloppingen en hyperventilatie: allemaal bij elkaar heet dat dan een paniekaanval. Een paniek- of angststoornis is niet gemakkelijk om mee te leven. Paniekaanvallen kunnen je dag verpesten, je verlammen: Verlamd zijn van angst is niet voor niets een uitdrukking. Paniekaanvallen zijn heel eng om mee te maken: je krijgt klamme handen, kunt duizelig worden, voelt je ´opgesloten´ en radeloos. Als je angstig genoeg bent geworden voor je paniekaanvallen en er aan toe gaat geven (wat heel begrijpelijk is!), ga je die plaatsen vermijden waar je angst de kop op stak. Als je een paniekaanval kreeg in een supermarkt, probeer je daar weg te blijven. Als je een paniekaanval kreeg in een kroeg, kun je kroegen gaan vermijden. Kreeg je een paniekaanval op je werk, dan durf je daar wellicht niet meer naartoe.

Helaas werkt juist dat – toegeven aan de angst en paniek – averechts. Hoe meer je toegeeft aan je angsten, des te groter worden ze. Vermijding vergroot namelijk angst. Blootstelling aan je angsten is dan ook een van de beste manieren om over je angsten heen te komen, hoe tegenstrijdig dat ook klinkt. Accepteren dat je iets eng vindt, en het desondanks toch doen.

stop-shield-traffic-sign-road-sign-39080Snel weg van de snelweg
Toen ik net mijn rijbewijs had gehaald, had ik een behoorlijke angst voor de snelweg. Ik had tijdens mijn rijles-periode een ongeluk gehad (als bijrijder) en ik vond het rijden op de snelweg doodeng: het ging te snel, ik was heel erg bang om door anderen aangereden te worden of om de controle over het stuur kwijt te raken. Dus vermeed ik de eerste tijd alle snelwegen.

Toch knaagde iets aan me: nu had ik eindelijk mijn rijbewijs, en reed ik alleen maar rondjes om de kerk. Aangezien ik alle routes binnendoor reed was ik veel meer benzine en tijd kwijt. Dit was toch absurd?

Klaar met die angst
Op een dag besloot ik dat ik klaar was met die angst voor de snelweg. Dan maar een paniekaanval overleven: ik wilde die angst nu echt achter me laten. Dus daar ging ik: met hartkloppingen, angstzweet op mijn voorhoofd en vol doodsangst reed ik met knikkende knieën de snelweg op. (dat laatste is op zich al een prestatie: probeer maar eens te rijden met knikkende knieën!) De eerstvolgende afrit reed ik er direct weer van af, maar wat was ik trots: ik had een stukje snelweg durven rijden! Ik had mijn angst onder ogen gezien en ik leefde nog. Het leek zo klein, maar voor mij was het een enorme overwinning. De week er na reed ik de oprit weer op, en ging ik er na twee afslagen weer af. Weer een stapje gezet. Ik bleef oefenen, steeds een stukje verder. Ik nam er de tijd voor, was blij met iedere overwinning. Elke keer als ik weer een stukje over de snelweg reed, knikten mijn knieën iets minder. Elke keer als ik het weer probeerde, zweette ik wat minder. Het abnormale werd normaal. Ik leerde letterlijk dat ik het kon, door het te doen, ondanks mijn angst.

Een paar jaar later reed ik voor het eerst de Frans-Spaanse grens over, juichend. Het was me gelukt: mijn angst voor de snelweg was weg! Ik had mijn angst onder ogen gezien en daarmee letterlijk weggejaagd, stapje voor stapje, maar het was me gelukt. 
Rijden op de snelweg roept voor mij inmiddels een heel ander gevoel op: het geeft me een gevoel van vrijheid, blijdschap en onafhankelijkheid. Ik ben in de auto ontspannen, ik luister naar muziek, concentreer me op de weg en rijd al jaren met plezier overal naar toe.

pexels-photo-271418
Praat over je angst met mensen die je vertrouwt of met je huisarts. Je zult ervaren dat je niet de enige bent!

En daar waren ze weer
Sinds mijn burn-out heb ik weer last gekregen van paniekaanvallen. Ze zijn er zodra ik drukte opzoek. Zodra het drukker om me heen wordt, met name als ik ergens binnen ben, overvalt me die duizeligheid en lichte staat van paniek weer. Mijn spieren spannen aan, mijn nek verkrampt en ik voel me benauwd. Ik word licht in mijn hoofd en ik weet: daar zijn ze weer, mijn twee vijanden.

Ik geef niet op!
Maar net als jaren geleden met de snelweg zal ik ook dit keer niet weg rennen of plaatsmaken voor angst en paniek, hoe akelig ze ook zijn om te ervaren. Ik zal weer blijven doorgaan, met kleine stapjes, op mijn eigen tempo. Weer zal ik mijn vrijheid terugwinnen. Ik heb het eerder gedaan – en ik zal het weer doen. Beter bang zijn en toch doorgaan dan me verschuilen en het leven aan me voorbij laten gaan, omdat ik op de vlucht ben voor de paniek. Ik weet: Als ik er voor weg ren, rennen de angst en paniek alleen maar harder achter me aan: ze zullen me altijd inhalen. Hoe meer ruimte ik ze geef, hoe groter ze kunnen worden.

Dus kies ik er voor om wederom niet ervoor weg te rennen, maar mijn angst recht in de ogen te kijken, stil te staan en er tegen te zeggen: “Prima, ben er maar. Je mag er zijn. Ik vecht niet tegen je, dat heeft toch geen nut. Maar of je er bent of niet, ik ga door met leven, want ik ben sterker dan jij. Dus maak me maar bang: ik ga het toch doen.”

medical-appointment-doctor-healthcare-40568
Ga naar je huisarts: hij of zij zal je helpen

Ten slotte nog een paar tips en trucs:

  • Heb je last van paniekaanvallen? Ga praten met je huisarts. Hij of zij kan je doorverwijzen naar een praktijkondersteuner of andere hulpverlener. Gedragstherapie kan je helpen met het uitdagen en overwinnen van angstgedachten.
  • Het is best eng om voor het eerst iets te gaan doen waar je al zo lang bang voor bent. Vraag als jou dit helpt, iemand in je omgeving om met je mee te gaan. Kies iemand die jou goed kent, die je vertrouwt en die weet wat hij moet doen als je een paniekaanval krijgt. Dit kan je gerust stellen en de kans op succes vergroten.
  • Praat er over. Je bent niet de enige: ontzettend veel Nederlanders hebben last van angst- en paniekstoornissen. Je leest hier hoeveel. Je bent dus absoluut niet de enige, en je kunt er iets aan doen.
  • Een paniekaanval voelt heel akelig aan, maar is niet gevaarlijk. Dit is belangrijk om te beseffen.

 

Ellie Lust: “Mijn stress is van mij, dus die houd ik ook bij mij.”

Ellie Lust, politiewoordvoerder en bekend van Wie is de Mol?, is vanaf volgende week dinsdag te zien in haar eigen programma “Ellie op Patrouille” op NPO1.  Ik sprak met deze bijzondere vrouw over haar programma, het thuisfront en omgaan met stress.

IMG-5068

Aanstaande dinsdag verschijnt jouw eigen programma op NPO1, Ellie op Patrouille. Wat vond je van het maken van je eigen programma?

“Ik vond het ontzettend bijzonder. Dertig jaar geleden, toen ik begon aan het politiewerk, had ik nooit kunnen bedenken dat mijn loopbaan hiertoe zou leiden. Na mijn deelname aan Wie is de Mol? waren er een aantal productiemaatschappijen die interesse hadden, maar de formats die met mij gedeeld werden waren het telkens net niet. Totdat Medialane kwam met het format voor Ellie op Patrouille: ik dacht direct: dit wil ik maken. Mensen kennen me als woordvoerder, maar ik ben natuurlijk allereerst politievrouw. Ik heb twintig jaar werkervaring opgedaan op straat in Amsterdam. Na al die jaren denk je alles wel meegemaakt te hebben, maar na het maken van Ellie op Patrouille heb ik nu wel geleerd dat er overtreffende trappen zijn.”

IMG-5062
“San Fransisco heeft zesduizend daklozen en een eigen Homeless Unit. Dat hebben we in Amsterdam niet.”

Voor Ellie op Patrouille werkte je in Colombia, Kenia, Albanië, Israël, Dubai en San Francisco. Dat lijkt me heel anders dan Amsterdam, waar je al die jaren gewerkt hebt.
“Het is echt niet te vergelijken met Amsterdam. In Bogota wonen bijvoorbeeld 9,7 miljoen mensen: dat zijn dan nog alleen de mensen die ingeschreven staan. Het is gigantisch. Colombia staat natuurlijk bekend om de drugs. Men werkt er hard aan om van dit label af te komen. We zijn daar met een hele grote drugs-instap mee geweest. Ik heb vaak invallen gedaan in Amsterdam, als we bijvoorbeeld een – ik noem het even oneerbiedig – junkenpand binnen gingen. Daar werd dan een straat afgezet. In Bogota wordt meteen een hele wijk hermetisch afgesloten. San Francisco heeft zesduizend daklozen, daar hebben ze hun eigen homeless unit: dat hebben we in Amsterdam niet.”

“Dubai kenmerkt weer zich door hele andere dingen: zij willen in alles de beste zijn. Daar word je, als je een politiebureau binnenloopt, niet begroet door een mens maar door een stem. Je moet op een scherm aanwijzen wat je komt doen en die stem leidt je dan rond door het gebouw, zonder dat je een mens tegenkomt. Heel bijzonder.”

“Druk je op een knop, dan krijg je een callcenter aan de lijn.”

IMG-5070“We zijn ook in de wijken geweest waar de arbeiders wonen die zorgen dat Dubai gebouwd wordt. Op een politie-trainingsterrein heb ik meegedraaid met een VIP beveiligingsunit voor vrouwen: dat is een unit die uitsluitend bestaat uit vrouwen en ook vrouwen bewaakt: bijvoorbeeld de vrouwen van het Koninklijk Huis en de vrouwen van sjeiks.
In Kenia was ik de enige blanke politieagent, dan ben je een bezienswaardigheid.
Israël is een land dat al honderd jaar in oorlog is, dat is daar ook voelbaar. Ik zou overigens dolgraag ook eens aan de Palestijnse kant mee willen draaien. Ik oordeel overigens niet over de achtergrond. Dat is ook niet aan mij. Ik draai alleen mee met mijn collega´s.”

“Het maken van het programma is voor mij een groot cadeau geweest. Het is zo ongelofelijk bijzonder om mee te maken, dat je ondanks een dag hard werken toch niet moe bent: zo veel energie kreeg ik er van. Soms was er ook wel even wat gedoe hoor, in de ploeg. Dat kwam omdat we dan zestien uur op de been waren geweest, maar dat was dan te begrijpen. Ik denk dat het een hele mooie serie is geworden, waarin ik de kijker meeneem in het werk van de teams. De verwachtingen rondom het programma zijn hoog gespannen.”

IMG-5069Drugspanden, mensensmokkel, kinderprostitutie… heb je wel eens moeite gehad om in slaap te komen?
“Weet je, het is heus niet zo dat ik mijn schouders er voor ophaal. Het doet me echt wel wat. Ik ben immers ook maar een mens. Wat me vooral aangreep was om te zien is waar mensen toe kunnen verworden, door geboren te worden op een bepaalde plek. Letterlijk op het vuilnis leven, geen ouders hebben, lijm snuiven, prostitueren om aan eten te komen. Ook schrijnend is de verslavingsproblematiek. Sommige dingen kun je niet uitzenden, bijvoorbeeld de geur die in zo´n pand hangt. Dat kan ik je niet uitleggen. Sommige mensen hebben al drie jaar niet gedoucht. Aan het einde van de dag ging ik dan douchen en eten met de ploeg, maar daarna rook ik die geur nog steeds. Dat blijft wel even bij je.”

“We nemen de kijker mee in het werk.”

IMG-5060Men heeft jou bewust geen presentatietraining gegeven voor het maken van dit programma, las ik in een artikel in de Volkskrant. De programmamakers wilden dat je zo jezelf bleef: Puur Ellie. Dat is wel een heel mooi compliment, toch?
“Ja, absoluut. Gerard Baars (AVRO TROS) zei tegen mij nadat hij een proefaflevering gezien had: “Ellie, beloof me dat je nooit een presentatiecursus gaat doen.“. Joep (de cameraman) en Maarten (de geluidsman) zijn ontzettend ervaren. Ik kwam voor het eerst in Colombia: zij zijn daar voor hun werk al tig keer geweest. Zij gingen mee met programma’s zoals het voormalige Vermist, Peter R. de Vries, Spoorloos, Kees van der Spek. Zij hebben me echt geholpen. Dan zeiden ze tegen mij: “Ellie, vertel me wat er gebeurt, waarom gaat dit zo?”. Zo nemen we de kijker mee in het werk, maar ook in het vakjargon. Dat is overigens wel een dingetje sinds de hype rondom mijn uitleg over etherdiscipline in Wie is de Mol?, haha.”

Haha, daar wilde ik al niet over beginnen. Maar dat vakjargon is voor de leek wel leerzaam, want wij weten doorgaans niks af van die termen.
“Precies. Ik probeer mensen een beter beeld te geven van het politiewerk, en daar hoort het jargon nu eenmaal bij.”

IMG-5059

Hoe ga je de eerste uitzending kijken?
“We gaan de eerste aflevering kijken bij Medialane (producent van Ellie op Patrouille), samen met zo veel mogelijk mensen die hebben meegewerkt aan het programma. Ook mijn vrouw Boukje, zus Marja en haar vrouw zullen er bij zijn. Ik vind het heel mooi om dit zo te doen. Ook spannend trouwens.”

Hoe vinden jouw collega’s het dat jij beroemd bent?
“Veel collega´s vinden het leuk. De politie heeft me ook de ruimte gegeven om dit programma te kunnen maken. Verder is er geen samenwerking geweest met de Nederlandse politie: ik heb dit programma op persoonlijke titel gemaakt.”

Hoe gaat Boukje om met jouw bekendheid en werk?
“Boukje en ik hebben sowieso elke dag contact, altijd. Ze gunt mij dit enorm, maar natuurlijk is ze ook blij als ik weer veilig thuis ben. Het scheelt dat wij elkaar al kennen sinds de tijd dat ik op straat werkte in Amsterdam: zij is in alles met me mee gegroeid. We hebben samen kunnen wennen aan het feit dat mijn gezicht steeds bekender werd. Vanaf het moment dat je op televisie komt verandert je buitenwereld, maar aan mijn binnenwereld is niets veranderd: gelukkig maar. Ik geef naast mijn werk als politiewoordvoerder ook lezingen en ben in te huren als dagvoorzitter: Boukje helpt me daarmee, bespreekt zaken voor, maakt presentaties, enzovoorts.”

IMG-5058
“Boukje en ik hebben iedere dag contact. Ze gunt mij dit enorm, maar is ook blij als ik weer veilig thuis ben.”

Je tweelingzus Marja werkt ook bij de politie. Je hoort wel eens dat tweelingen het `voelen´ op afstand, als er iets mis is met de ander. Hebben jullie dat ook?
“Nee, dat hebben wij niet. We zijn wel heel bezorgd om elkaar. Het ergste wat je kan meemaken is volgens mij als de mensen waarvan je het meest houdt iets overkomt. Daar zit dus ook mijn kwetsbaarheid. Ik kan alles aan, zolang het maar goed gaat met de mensen waar ik van hou. Boukje, Marja, mijn broer, neef en mijn allerliefste vrienden: als het daar goed mee gaat, kan ik de hele wereld aan.”

Tijdens je opleiding speelde je volleybal op topniveau. Speel je nog, of heb je daar geen tijd meer voor?
“Ik speel niet meer. Dat hoorde bij die periode. Het was overigens een fantastische tijd waar ik mooie vriendschappen aan over heb gehouden. Af en toe heb ik nog etentjes met de vrienden uit die periode. We pakken dan altijd de draad weer op waar we gebleven waren. Heel leuk is dat. Die periode in de topsport was ook heel intens. We hoeven de deur ook niet plat te lopen om in elkaars leven te blijven: daar is WhatsApp overigens ook heel handig voor.”

IMG-5063Je lijkt altijd heel gefocust en in charge. Schiet je wel eens in de stress?
“Ja, maar mijn stress is van mij. Die houd ik dus ook bij mij. Als ik aan het werk ben, mag je van mij verwachten dat ik mijn hoofd er bij houd. Dat is mijn beroepshouding. Als mensen de politie bellen, mogen ze iets van ons verwachten. Werken ze niet mee, dan ben ik ook zo weer weg, hoor. Daar kan ik niets mee. Ik zeg wel vaker: U belt de politie, maar als u niet geholpen wilt worden, dan gaan we weer weg. Er is maar een versie van mij. Of je mij nou in Wie is de Mol? of in Ellie op Patrouille ziet: er is maar één Ellie. Ik speel nooit een rol.”

Wat zijn jouw doelen voor de komende jaren?
“Dat is altijd moeilijk om te plannen, morgen is immers niemand beloofd. Ik zou wel dolgraag een tweede serie maken van Ellie op Patrouille.”

Even iets heel anders: Ik zag op Instagram dat jullie ook een super snoezige hond hebben, Loetje.  Ik begreep dat jullie Loetje in Frankrijk ontmoetten, en dat jullie zelfs naar Frankrijk terug zijn gereden om hem op te halen. Dan was het echt liefde op het eerste gezicht?
“Ja! We ontmoetten Loetje tijdens een vakantie. Hij kwam letterlijk telkens aan onze deur en bleef de hele week iedere dag bij ons terug komen. De familie bij wie hij woonde, wilde hem terugbrengen naar de fokker. Ze hadden geen tijd voor hem. Wij hoorden dat toen we weer in Nederland waren, dus reden we inderdaad 1200 kilometer terug om hem te halen. Een van de beste beslissingen die we ooit genomen hebben. Weet je wat zo mooi is aan Loetje? Dan kom ik terug van een reis en heeft hij geen idee van wat ik heb gedaan: hij is alleen maar ontzettend blij dat ik er weer ben, klimt in me. Nou, dan smelt je toch. Home is where the heart is, en dat klopt.”

Jullie hadden ook nog twee katten?
“Ja, maar toen een van de poezen is overleden hebben we de andere poes bij vrienden ondergebracht, die een kat hebben verloren. Loetje nemen we overal mee naar toe, dus voor Josje is het prettiger bij hen: zij werken allebei niet meer dus zijn ze veel vaker thuis. Tevens zijn zij ons oppas adres voor Loetje: zo zien ze elkaar af en toe toch nog.”

IMG-5065Aanstaande dinsdag zie je Ellie in de eerste aflevering van haar programma Ellie op Patrouille op NPO1.

Wil je meer weten over Ellie, ga dan naar haar website: www.ellielust.nl

Bron foto’s: AVRO TROS

 

Hoe goed kun jij tegen kritiek?

Kritiek: we geven het graag, maar kritiek krijgen, dat is vaak een heel ander verhaal.

Overal waar je komt kun je kritiek krijgen: thuis, van je partner, op je werk, of zelfs van vreemden in het openbaar. Kritiek krijgen kan een vervelend gevoel oproepen: met name als deze niet zo prettig gebracht wordt.

Jezelf ontwikkelen

Toch is het goed leren ontvangen van kritiek een manier om jezelf positief te ontwikkelen. Niet alle kritiek is terecht; het is dan ook goed om kritisch (haha) te bepalen van wie je kritiek wil ontvangen.

Herhaalde kritiek

Als je bepaalde kritiek meerdere keren te horen krijgt, bijvoorbeeld dat je slecht luistert, dan is dit vaak een teken dat je daar bijvoorbeeld toch beter wel naar kunt luisteren.

Dat doe ik helemaal niet!

Veel mensen zijn geneigd bij het ontvangen van kritiek meteen in de verdediging te gaan. Dit is een menselijke, maar emotionele reactie op het gevoel dat je aangevallen wordt. Het is goed om je op zo’n momenten af te vragen:

  1. Word ik echt aangevallen?
  2. Zit er een kern van waarheid in de kritiek die ik krijg?
  3. Reageer ik nu op een redelijke manier of vanuit emoties?

Koop tijd

Weet je niet goed wat je aan moet met de ontvangen kritiek? Dat is helemaal niet erg. Bedank je gesprekspartner voor zijn eerlijkheid en geef aan dat je even wilt nadenken over wat je te horen hebt gekregen. Zo voorkom je dat je vanuit een emotie over-reageert en kun je er op een rustig moment even over nadenken.

Je hoeft niet altijd direct te reageren.

Oneens?

Zo veel mensen, zo veel meningen. Ben je het – ook na een moment van reflectie – oneens met de ontvangen kritiek? Je kunt er dan voor kiezen om de ontvangen kritiek naast je neer te leggen, of om de kritiek gever aan te spreken om desgewenst te onderbouwen waarom jij het oneens bent. Vraag je hierbij wel af, of je eerlijk en neutraal naar jezelf gekeken hebt: dit is namelijk heel moeilijk voor mensen; hun eigen gedrag objectief beoordelen. Vraag als je daar behoefte aan hebt de verzender om nadere toelichting. Misschien berust de kritiek wel op een misverstand, dat je gemakkelijk uit de weg kunt helpen.

Onterechte kritiek

Soms is kritiek echt onterecht. Sommige mensen zijn geneigd veel kritiek te gaan uiten op mensen met eigenschappen die hun jaloezie opwekken, of die gedrag vertonen dat ze zelf benijden. Als je merkt dat iemand vooral kritiek geeft om het kritiek geven, kun je wederom de kritiek naast je neerleggen, of zelf kritisch doorvragen bij de verzender wat nu precies het probleem is. Hoe ga jij om met kritiek? Geef je zelf veel kritiek aan anderen? Reageer jij verdedigend vanuit emotie op ontvangen kritiek? Laat het weten in een reactie!

Ik zie ik zie wat jij niet ziet: over Hoogsensitieve mensen

Je kent het spelletje van vroeger wel: ik zie ik zie wat jij niet ziet. En het is…… blauw! Hoogsensitieve mensen (ook wel HSP’ers genoemd, omdat mensen lange woorden combinaties nu eenmaal graag afkorten) nemen gedetailleerder waar. Ze pikken details op die anderen met het blote oog niet zo snel zien. Deze details komen zonder filter binnen.

Een op de vier mensen is hoogsensitief. Er bestaan veel andere namen voor, maar het komt op hetzelfde neer: deze mensen zien wat anderen vaak niet zien.

En met zien bedoel ik niet altijd het soort zien dat je visueel doet: het is meer waarnemen: soms voel je het letterlijk in je lijf, soms proef je het, soms weet je het gewoon met elke vezel in je lichaam. Bijvoorbeeld: Iemand komt in je buurt en je weet acuut dat het niet goed gaat met diegene. Je weet bij andere mensen vaak ook al wat er aan scheelt, zelfs (lang) voordat diegene zelf er achter komt. Dit kan voor de hoogsensitieve persoon zelf heel naar zijn, maar ook voor de mensen er om heen. Want vaak zijn mensen er nog (lang) niet aan toe om te ontdekken wat jij in twee seconden al aanvoelde toen je hen zag.

Veel mensen weten van zichzelf niet eens dat ze hoogsensitief zijn, of weten het wel maar hebben nog niet geleerd hun grenzen te bewaken. Omdat je als je hoogsensitief bent zo gemakkelijk de energie (ook negatieve!) van anderen oppikt, kan dit veel stress veroorzaken.  Het is dan ook – zeker voor hoogsensitieve mensen – heel belangrijk om te leren hoe je omgaat met al die informatie die bij je binnenkomt – en wat je er aan kunt doen om het niet allemaal bij je binnen te laten komen.

Ben jij zelf hoogsensitief? Hoe heb jij geleerd hier mee om te gaan, of ben je nog zoekende? Ik ben heel benieuwd naar jullie reacties!

Waarom je nooit “We moeten praten.” tegen een man moet zeggen!

Als je ooit in een langdurige, gelukkige relatie met een man terecht wil komen of blijven, knoop deze les dan goed in je oren. Zeg nooit, ik herhaal NOOIT, tegen een man dat “we moeten praten”! De man, die nietsvermoedend en vrolijk naar Studio Sport zit te kijken, verkrampt compleet tot een grote bal stress bij het horen van deze zo gevreesde woorden. 

We moeten praten is een trigger voor mannen, dames, en geen positieve. Nu is praten sowieso al geen grote hobby van (een heel aantal) mannen. Maar de ervaring leert de man in de loop der jaren, dat we moeten praten vaak de inleiding is tot de grootste ruzies, de ergste discussies, of op zijn minst (maar ook dat is erg!) een periode van langdurig moeten luisteren naar zijn vrouw. En we weten allemaal, dat langdurig luisteren niet in de top 10 van mannenhobby’s voorkomt. Tenzij ze sport uitslagen voorleest of zo.

Dus verkrampen zijn spieren, knijpt hij bijna zijn telefoon kapot, werpt hij een blik op de kalender om te zien of het (PLEASE GOD NO!) die tijd van de maand al is, en zet hij zich schrap op de bank, met samengeknepen billen. Daar komt ze, met haar we moeten praten! Snel verzamelt hij in zijn – inmiddels tamelijk bezwete – hoofd tegenargumenten tegen de meest bevochten onderwerpen van relationele discussies. Ik doe ook wel eens de afwas, ik heb minder lichaamsgassen laten ontsnappen, ik heb pas nog mijn onderbroek verschoond, ik heb de bril weer omlaag gedaan. Nagelbijtend en tandenknarsend zit hij klaar tijdens de angstaanjagende stilte voor de storm die we moeten praten heet. Dat heet; als hij het niet al op een lopen heeft gezet.

We moeten praten zeggen tegen een man zet alle lichten op rood, het hoofd op tilt, de hartslag op standje hartaanval en komt geen enkel gesprek ten goede. Als je wel een ontspannen, open en gezellig gesprek met een man wilt voeren, doe dat dan vooral niet aangekondigd. Bijvoorbeeld in de auto, als de muziek op staat, hij relaxed is en jij ook.

Of; als je zeker wil weten dat je zijn onverdeelde aandacht hebt, begin dan eens een gesprek als je samen een potje aan het kaarten bent, of in bed, of in bad. Maar wat je ook doet, kondig het nooit aan met de verboden woorden. Breng het terloops, met humor, of in ieder geval zonder al te veel poespas. Wedden dat hij een betere gesprekspartner is dan je had gedacht, nu hij niet verlamd is van angst?

Tenzij je natuurlijk echt heel erg boos op hem bent en hij echt iets goed heeft te maken. In dat geval: go nuts!  

 

Waarom de “Pedagogische Tik” helemaal niet pedagogisch is

Een lel om je oren, of een pak billenkoek. Vroeger was het de normaalste zaak van de wereld. Tegenwoordig vinden zelfs nog veel mensen dat de “Pedagogische Tik” moet kunnen op zijn tijd.

Ik ben daar zelf 100% op tegen. Allereerst omdat je daarmee een kind voordoet, dat wanneer je onmachtig bent om een conflict op te lossen, fysiek ingrijpen geoorloofd is. Die “Pedagogische Tik” is helemaal niet pedagogisch, juist eerder een teken van onmacht en frustratie van de ouder.

Onderzoek wijst uit dat kinderen die die pedagogische tik wel eens vaker krijgen, op latere leeftijd een ontregeld stress systeem hebben en meer last krijgen van hart en vaatziekten, depressie en andere ziekten zoals fybromialgie en chronisch vermoeidheid syndroom.

Zo onschuldig is die pedagogische tik dus niet op lange termijn. Tevens stijgt de kans dat de ouder wel fysiek gaat ingrijpen bij het overschrijden van de fysieke grens. Dat alleen al is voor mij reden genoeg om bij mijn standpunt te blijven; fysiek tikken uitdelen is onnodig en schadelijk voor je kind.

Stress? Doe eens heel langzaam aan!

Stress is verraderlijk. Te veel stress is op lange termijn zelfs heel ongezond. Toch overkomt het veel mensen: je agenda is continu overvol, aan je werk lijkt geen eind te komen en uiteraard luisteren je kinderen voor geen meter, net op het moment dat je écht haast hebt en het je niet kunt permitteren om vertraging op te lopen. Juist dan is het goed om in de slow motion modus te gaan!

Professioneel stresskip

Al jaren was ik professioneel stresskip. Met een druk bestaan, een gezin, een huishouden en een leuke maar drukke baan er bij was er altijd wel iets dat niet lukt. Vroeger kon ik dan ook regelmatig “overkoken”. Ik liet me volledig opjagen door het dagelijks leven en ademde pas rustig als ik in bed lag. En zelfs dan vaak nog niet. Mensen om me heen zeiden wel eens dat het toch wel goed zou zijn als ik er aan zou denken om tussen twee zinnen door adem te halen. Dat soort adviezen kreeg ik wel vaker.

Op een dag was ik het gestrest zijn zo beu, dat ik besloot iets zeer tegennatuurlijks te doen. Althans, voor mij voelde het zeker niet natuurlijk; zeker de eerste tijd niet. Ik besloot om op de meest stressvolle momenten op mijn dooie gemakje te gaan doen. Doen alsof ik aaaaalle tijd van de wereld had.
Ik begon bij een van de meest stressvolle momenten die ik me kon bedenken: je weet wel, na het werk, met honger en een vermoeid kind, in de supermarkt. Eerder was ik dan gehaast, geïrriteerd en moe. Aan dat vermoeide kon ik niet veel doen, maar aan het geïrriteerd en gehaast zijn wél, bedacht ik. Bovendien was ik het beu om altijd maar te moeten rennen, om bij de winkel buiten te komen met maar de helft van de boodschappen die ik nodig had.

Op je dooie gemakje door de winkel

Dus probeerde ik het. Ik deed op mijn dooie gemak de boodschappen. Dacht rustig na over de aankopen. Bekeek de dingen die mijn kind opmerkte in de winkel. Bewonderde rustig met haar de aardbeien en de bananen. Door mijn relaxte houding – al was het nog onwennig – werd mijn kind een stuk minder jengelig. Ze voelde mijn ontspannen houding feilloos aan en werd er zelf ook een stuk gezelliger van.
In de rij voor de kassa, waar ik me normaal altijd stond af te vragen waarom het zo lang moest duren, maakte ik nu een praatje met de vrouw voor ons.

Resultaat: alle boodschappen binnen, kind blij, ik blij, en we hadden er geen vijf minuten langer over gedaan dan normaal.

Do try this at home!

Ben jij ook voortdurend gestrest? Altijd maar aan het haasten? Zet jezelf eens in de slow motion stand: Druk letterlijk op je eigen rem. Probeer het eens uit. Hoe vaker je het doet, hoe beter het je zal lukken.

Wanhopig, angstig en alleen, in je bed….

Stel je voor, je ligt alleen in een bed. Je voelt je niet goed, hebt behoorlijke buikpijn, of je voelt je erg alleen en angstig. Of je hebt jezelf onder gespuugd, of onder gepoept in je slaap!
Probleem is alleen: je kunt niet uit bed komen. Het is donker, de spijlen om je bed heen zijn te hoog om er uit te klimmen. Bovendien lig je stevig ingepakt in bed en heb je niet de kracht om jezelf los te wurmen. Je begint te huilen; eerst zacht, maar daarna steeds harder.
Je voelt je opgesloten in je eigen bed, helemaal alleen met je pijn of angst. Iemand moet je toch horen? Er zijn toch nog andere mensen in huis? Ondertussen wordt de pijn alleen maar erger, door de stress die je voelt. Je wordt wanhopig; een gevoel van eenzaamheid maakt zich meester van jou. Je kunt niet praten, niet opstaan uit bed, niets.

Zo – stel ik me voor – voelt een baby zich, die men door laat huilen. En bovenop al die gevoelens van angst, stress en pijn, is die baby dan ook nog eens niet in staat te praten, niet in staat om om hulp te roepen. Het enige wat hij kan, is huilen.
Dankzij allerlei “opvoedingsadviezen” zit beneden, een verdieping lager, een moeder die het huilen van haar baby door merg en been voelt gaan, maar er niet op af durft te gaan, omdat ze bang is dat ze haar baby daarmee zou verwennen. Terwijl verwennen bij kleine baby’s helemaal niet mogelijk is. En het wetenschappelijk is aangetoond dat baby’s door het (lang) huilen te veel stresshormonen aanmaken.

Bron foto: lekker slapen zonder huilen: http://www.bol.com/nl/p/lekker-slapen-zonder-huilen/1001004002604885/
Bron foto: lekker slapen zonder huilen: http://www.bol.com/nl/p/lekker-slapen-zonder-huilen/1001004002604885/

Uiteraard is het niet aan te raden om je baby bij ieder geluidje uit bed te pakken. Je mag je baby best eens een paar minuten laten huilen. Maar voor de gevoelens van geborgenheid, troost en veiligheid is het voor je baby nu eenmaal beter als je wel iedere vijf minuten even naar hem of haar toe gaat, al is het maar om te zien of ze geen volle luier hebben of bijvoorbeeld klem zitten, gespuugd hebben, of niet fijn liggen.

Er zijn overigens talloze tussenoplossingen die uitgeprobeerd kunnen worden, zoals de “Lekker slapen zonder huilen” methode, waarbij je je baby in elk geval geen uur aan een stuk door hoeft te laten huilen in zijn uppie. Je baby huilt immers niet om jou te pesten. En laten we eerlijk zijn, hoe zou jij je voelen, als je geen kant op kon?

Wat ouders (meestal) niet vertellen, maar wel (vaak) doen

Natuurlijk zouden we graag zeggen, dat we als ouders altijd en overal super consequent zijn, ons kind al vanaf vijf maanden uitsluitend ‘raw food‘ laten knabbelen, het kind nooit voor de televisie laten zitten en dat er louter biologische maaltijden zonder E-nummers of conserveringsmiddelen op tafel worden gezet. In een perfecte wereld, met perfecte ouders, zou dat inderdaad zo zijn.


Suikervrij, E-nummervrij en Rotzooivrij

Maar daar heb je meteen het probleem: geen enkel mens is perfect, en ouders dus ook niet. Toch wordt er nogal krampachtig omgegaan met opvoeden, want: iedereen weet hoe het beter kan, zou kunnen of moet. De artikelen over opvoeding vliegen je als ouder om de oren. De adviezen die we krijgen zijn veelal tegenstrijdig: we moeten complimenten geven, maar liefst toch niet te veel, want dan creëer je een narcistisch monstertje. We moeten ons kind liefst suikervrij, glutenvrij, E-nummer vrij en rotzooivrij te eten geven, maar de schappen staan vol met juist die troep. We zouden ons kind het liefst niet te veel op de I-pad of telefoon laten spelen, maar toch barst het van de online kinderspelletjes.

Negeren is het nieuwe foeteren
We zouden het kind een paar uur per dag buiten moeten laten spelen, maar sommige mensen hebben nu eenmaal geen geld voor een huis met een tuin of in een rustige wijk, waar kinderen veilig buiten kunnen spelen. Zijn dat dan meteen slechte ouders? Lijkt me toch van niet. We willen graag opvoeden zonder te straffen, maar in de praktijk blijkt dat toch vaak lastig. Waar we eerder dachten dat de ‘naughty chair’ (stoute stoel) van de Nanny dé oplossing was, blijkt nu weer uit onderzoeken dat in de hoek of op de stoel gestuurd worden net zo veel pijn doet als schelden. Negeren schijnt volgens experts een even grote straf te zijn als foeteren. We kunnen het eigenlijk ook niet meer goed doen!
Oh, en het is niet goed om je kind bij ieder huiltje op te tillen, wisten jullie dat al? Nee, het is beter om het met een gezonde methode te laten wennen aan het zelf in slaap vallen en doorslapen. Dus.
Wat veel ouders niet toegeven, maar wel doen
Ik zal het dan maar toegeven namens de (meeste) ouders van nu: JA! Ja, we laten ons kind wel eens langer dan een kwartier televisie fotokijken. En ja, soms ook gewoon om eens heel even rustig de krant te kunnen lezen of gewoon, om even op adem te komen na de zevenhonderdste waarom vraag. En oh ja: JA, we geven ons kind wel eens de i-pad in de wachtkamer bij de dokter of tandarts, zodat ze de andere bezoekers niet helemaal wild maken. En ja, we koken ook wel eens een snelle hap mét conserveringsmiddelen, we zetten ons kind wel eens in de hoek om af te koelen of om na te denken, en we vergeten wel eens consequent te zijn. En last but not least: ondanks alle adviezen breken wij ouders ook wel eens, en lopen we toch midden in de nacht met ons kleine minimens door de woonkamer, slaapliedjes te neuriën. Gewoon, omdat onze ouderlijke ziel het gehuil niet meer aan kon horen en omdat dat verdrietige stemmetje gewoonweg door merg en been gaat.

Zo erg is af en toe in de hoek zetten niet, tenzij je structureel vergeet je kind er weer uit te halen
Vroeger was dat misschien allemaal anders, maar vroeger is niet nu. De tijden zijn veranderd. Dus veranderen de ouders en kinderen mee. Maar ik geloof niet dat kinderen er zo veel slechter van worden, zolang je ze niet als een zombie uren lang voor de televisie plant. Zo erg zal het in de hoek zetten niet zijn, tenzij je ze structureel vergeet er ook weer uit te halen. En als je je kind je telefoon geeft in de wachtkamer is dat ook niet zo´n ramp, zolang je het niet vergeet mee naar de dokter te nemen als jullie naam geroepen wordt.

Ouders: het zijn net echte mensenfoto2
Oh, en nog iets: zo erg is het niet om eens een keer boos te worden op je kind. (uiteraard zonder geweld! maar dat spreekt voor zich, hoop ik.) Niet iedere ouder heeft immers een ongelimiteerd geduld. Slaapgebrek en stress creëren nu eenmaal iets kortere lontjes. Zolang het niet al te vaak voorkomt, je het daarna ook weer uitpraat en ook niet te koppig bent om sorry te zeggen, is het echt niet zo´n ramp. Want weet je, ouders, dat zijn net echte mensen.
Zo vreselijk slecht is televisie kijken of spelen op de I-pad niet, zolang je zorgt dat ze ook regelmatig in beweging zijn, op wat voor manier dan ook.

Wie denkt dat het wel perfect kan…
Zolang we als ouders onze kinderen regelmatig laten merken dat we van ze houden, trouw blijven aan onze eigen principes en onze kinderen voldoende aanmoedigen om zich te ontwikkelen op zijn of haar eigen manier, is het allemaal zo slecht nog niet met ons gesteld. En wie denkt dat het wel perfect kan allemaal, nou, die heeft waarschijnlijk zelf geen kinderen. Ha!

Instant feelgood filmpje: Lief Uiltje

Je hebt wel eens zo’n dag, waarop alles mis gaat. Je stapt met het verkeerde been uit bed, stoot meteen je dikke teen rampzalig hard tegen een verwarmingsbuis. Je besluit een sluiproute richting je werk te nemen, waarop je achter drie tractors komt te rijden die niet in te halen zijn, om vervolgens een ongebruikelijke file in te rijden.

Zo’n dag ook bijvoorbeeld, waarop de kassa nét kapot gaat, vlak voordat je eindelijk aan de beurt was met afrekenen, na een half uur wachten met uitzicht op een zeer ontstemde peuter, die in de winkelkar van zijn moeder zit, driftig met een vingertje zijn weg omhoog borend in Mount Neusje.

Of zo’n dag waarop je vlak voor het stoplicht van rechts ingehaald wordt door een antisociale persoonlijkheidsstoornis op wielen, waardoor jij nog maar net op tijd tot stilstand kunt komen voor het – inmiddels rode – stoplicht, achterblijvend in de uitlaatgassen van de gestoorde idioot die je onterecht inhaalde.

Zo’n dag waarop je de ketchup over je nieuwe jurk spuit, omdat je eindelijk eens zo’n ‘handige knijpfles’ durfde te proberen. Voor bij je tosti, om te voorkomen dat je met een rammelende maag op je date zou verschijnen, nu je eindelijk weer eens met iemand uit durfde te gaan na een eindeloze reeks teleurstellende liefdespogingen. Waarop je hoofd de kleur van de ketchup op je jurk overneemt, vlak voordat je date aanbelt, met 0 seconden tijd om je nog even snel om te kleden.

Enfin. Op zo´n dagen moet je eigenlijk gewoon even dit filmpje opzoeken. Niet dat je dag er minder desastreus van wordt. Maar gewoon, omdat dit Lieve Uiltje acuut je stress level zal verlagen. Hoe? Nou, gewoon, door een Lief Uiltje te zijn. Kijk maar.