Manipumanipulatorleren. Het gebeurt zo slinks, dat je het vaak niet eens in de gaten hebt. Daarbij heb je het vaak pas door als het te laat is: Mensen die graag en veel manipuleren  pikken jou er uit in een ruimte vol mensen. Daar hoef je overigens geen woord voor te zeggen: Je hulpvaardige, zorgzame en vriendelijke uitstraling hebben daar waarschijnlijk al voor gezorgd voordat jij hallo zegt.

Iedereen manipuleert wel eens. Iedereen liegt ook wel eens. Maar waar een weldenkend mens last krijgt van zijn of haar geweten als dit te ver gaat, gaat een echte manipulator onverstoorbaar door. Als je niet op let, vreet het jouw energie weg, net zolang totdat deze op is of je het door krijgt.

Manipulators kom je overal tegen: dat kan op je school, werk of in je privé situatie zijn. Ze kunnen bovendien gemakkelijk diverse gedaantes aannemen: lief en charmant, maar ook verwijtend of zelfs boos: dit hangt af van wat men precies van jou gedaan wil krijgen én hoe ze dat het best denken te bereiken. Waar manipulators in uitblinken, is het uitbuiten van situaties en mensen. Meestal smeren ze je veelvuldig stroop om de mond en word je op handen gedragen: ze willen immers iets van je.

Jij hebt iets wat zij willen, dus zetten ze een uitgebreid charme offensief in.

Dit doen ze net zo lang als nodig is. Net zo lang totdat het werkt. Doorzie je dit niet tijdig, dan heb je een groot probleem. Plotseling kun je jezelf in een situatie bevinden waar je uit jezelf nooit in zou zijn gestapt. Vaak heb je het echter pas door als het al te laat is. Het herkennen van manipulatie is daarom ontzettend belangrijk, vooral voor hulpvaardige, empathische mensen met een groot hart.

We kennen ze allemaal wel: energiezuigers. Mensen die continu van hun probleem jouw probleem proberen te maken. Dit kunnen ze overigens ook onbewust doen: vaak is het een gedragspatroon dat ingesleten is omdat het ooit bleek te werken. 

Manipulatoren maken van hun probleem jouw probleem met verschillende redenen:

  • De manipulator wil jouw aandacht, dus bedenkt hij een probleem, zodat jij dat op kan lossen. Als je dit vaak meemaakt, spreekt de manipulator jou aan op jouw hulpvaardigheid en empathie. Overkomt dit jou, dan is het goed om in gedachten te houden dat volwassen mensen stuk voor stuk verantwoordelijk zijn voor hun eigen problemen. Natuurlijk kun je mensen wel eens met iets helpen. Maar als iemand problemen op jou af blijft vuren met de verwachting dat jij het voor hem oplost, heb je vaak te maken met een manipulator. In dat geval kun je best even adviseren, maar je hoeft helemaal niets op te lossen: het is immers niet jouw probleem. Je kunt betrokkenheid tonen, en toch de verantwoordelijkheid daar laten liggen waar die thuis hoort.
  • Hij wil dat je iets voor hem doet, dus vertelt hij jou hoe ontzettend goed jij bent in juist dat ene ding, en hoe slecht hij er in is…. dus… zou jij dit misschien willen doen? Als dit eenmalig gebeurt, is er vaak niets aan de hand. Maar als je dit met één persoon wel erg vaak meemaakt, heb je meestal te maken met een manipulator die jouw ego streelt om te krijgen wat hij wil:
    • dat jij zijn werk voor hem doet,
    • dat jij zijn probleem oplost (zie punt 1) of
    • dat hij zijn zin krijgt.

Hij maakt daarbij dankbaar gebruik van jouw inlevingsvermogen en streelt tegelijkertijd je ego zodanig, dat het moeilijk wordt om nog nee te zeggen. Toch is nee zeggen altijd een optie. Dit kan ook in de vorm van een spiegeltechniek: “Goh, dat klopt, ik ben daar inderdaad goed in. Maar ik weet zeker dat het jou ook gaat lukken. Ik heb het mezelf immers ook geleerd door te oefenen.” En hop, zo leg je de bal weer terug. Jij bent immers (zie punt 1) alleen verantwoordelijk voor jouw eigen leven en jouw eigen verantwoordelijkheden.

Als je merkt dat je vaak het werk van anderen op aan het knappen bent of dat problemen jouw kant uit geschoven worden, heb je waarschijnlijk te maken met mensen die donders goed weten hoe lief en zorgzaam jij bent, en daar dankbaar gebruik (of misbruik) van maken.

Een simpele truc om te testen of je met een manipulator te maken hebt?
Los eens een paar weken geen enkel probleem meer voor hem op. Hoor je na een paar weken steeds minder? Dan heeft de manipulator waarschijnlijk gemerkt dat hij bij jou geen antwoord meer krijgt en al een nieuw slachtoffer gevonden, die er wel nog intrapt.

 

Advertenties

pexels-photo-723031.jpegAfvallen: het lijkt zo simpel. Je eet minder en/of beweegt meer: je valt af. Simpel, toch? Waarom lukt het dan zo veel mensen maar niet om gewicht te verliezen of hun streefgewicht te behouden? 

Diëten zijn er genoeg. Diëtisten ook. Afslank goeroes. Diëetboeken. Afslankpoeders. Shakes….. het aanbod van manieren om af te vallen is enorm: waarom zijn dan nog steeds zo veel mensen (ondergetekende meegerekend) te zwaar? 

Verkeerde focus?
Veel mensen gaan tijdelijk anders eten. Of ze gaan tijdelijk heel fanatiek sporten. Of allebei! Vol motivatie vliegen al snel de eerste kilo’s er af. Ja! Het werkt! Maar lange termijn afvallen houdt veel meer dan alleen minder eten en meer bewegen: een blijvend effect wordt alleen bereikt als je een samenwerking tussen je hersens en je lichaam bewerkstelligt. Head first, body follows!

Wie niet voldoende aandacht besteedt aan de psychologische kant van het over-eten, gaat op een dag geheid voor de bijl.

Want: oude gewoontes sluipen er vanzelf weer in. Jojo-en is niet voor niets zo’n bekend fenomeen. Er gebeurt iets naars en hup – voor je het weet zit je weer met die zak chips op de bank.

Blijvend afvallen: Hoofdzaakgirl-woman-beach-female-157662 (1)
De enige mensen die ik blijvend gewicht heb zien verliezen, pakten ook de psychologische redenen voor hun overgewicht aan. Gezonde, degelijke lifestyle programma’s (dus geen crash diëten!) hebben dit goed gezien en nemen in hun langdurige programma dan ook altijd een psycholoog of coach op, die samen met de cliënt gaat kijken naar het psychologisch aspect van het over-eten.

Gedragspatronen vanuit je verleden
Emo-eten. Stress-eten. Je kent al die uitdrukkingen wel. En ze spreken boekdelen: eten is vaak een reactie op emoties; met eten we nare gevoelens te onderdrukken. Ook cultuur en opvoeding spelen mee. Assertiviteit heeft er zeker ook mee te maken, want: hoe vaak zwicht je onder de groepsdruk als op een verjaardag drie keer er op wordt aangedrongen dat je toch gezellig een stuk taart mee moet eten?pexels-photo-799255.jpeg

Verlies het probleem achter je eetprobleem

Trauma’s uit je jeugd, een ongelukkige relatie, te veel stress of een ongezond zelfbeeld: allemaal redenen die er voor kunnen zorgen dat je na een paar dagen of drie weken weer terugvalt op je oude, ongezonde eetpatroon.

Ik durf dan ook te stellen: Wil je afvallen? Dump dan dat ongezonde crashdieet en ga op zoek naar een goede coach of psycholoog!

Heb jij ervaring met blijvend afvallen? Hoe is het jou gelukt? Ik ben benieuwd naar jullie ervaringen! 

 

Arme mannen. Terwijl wij vrouwen het hele wereld wijde web vol schrijven over onze gevoelens, gedachten, emoties en dat soort dingen, zitten mannen daar dan, op de bank, met hun gevoelens. Ja, je leest het goed, hun gevoelens.
Waar wij altijd dachten dat mannen heerlijk gevoelsvrij en dartel door het leven huppelden, blijken ook mannen last te hebben van gevoelens, ook wel bekend als emoties: Recentelijk onderzoek wijst namelijk uit dat ook mannen wel degelijk last hebben van gevoelens. Ze omschrijven de symptomen onder meer als “alsof je erg naar het toilet moet, en er dan toch niks komt”, “een vlaag van misselijkheid maar dan in mijn hoofd” en “een zeer onaangename sensatie in mij”. Het herkennen van het hebben van deze gevoelens is volgens experts de eerste stap richting acceptatie.

Waar de emancipatie van gevoelens van vrouwen al eeuwenlang evolueerde, staat die van mannen nog in de kinderschoenen. Gevoelens hebben is natuurlijk eng, zo bewijst deze bier reclame maar al te duidelijk:

Mannen overal in het land geven aan zich geen raad te weten met dit fenomeen. Er heerst vooral schaamte en schuldgevoel.

“Het is nogal wat, je gaat het niet zomaar effe delen met je maten, in de kroeg.” zegt N., die wegens privacy liever anoniem zijn gevoelens deelt. “Ik voel me regelmatig, hoe zeg je dat, verdrietig, maar denk maar niet dat ik daar snel iets over zeg. Tegen andere mannen al helemaal niet. Ze lachen je vierkant uit. Ik zit dus gewoon opgesloten met mijn eigen gevoel. Alleen al door dit anoniem aan jou te vertellen voel ik me schuldig.”
N. heeft even tijd nodig voor een tissue.
“Maar mijn vrouw zit er ook niet op te wachten hoor. Vrouwen zeggen wel dat ze willen dat we gevoelig zijn, of gevoel tonen. Maar toen ik laatst na maanden moed verzamelen eindelijk vertelde dat ik nog steeds verdrietig werd van de film Bambi, zei ze dat ik maar eens volwassen moest worden. Dat zeg je toch niet, zoiets?”
N. blaast nog een keer in zijn tissue. Zijn ogen naar de grond gericht,  vol schaamte.

“Het is ook gewoon allemaal zo verwarrend. We moeten modern zijn, maar niet te, we moeten onze vrouwen maar alles laten overnemen, je weet wel, werk, geld, wat we voor kleren dragen en zo, maar als we gevoelens gaan tonen dan worden we opeens met de nek aangekeken.”

Ook P. heeft last van gevoelens. “Het begon toen mijn vrouw me opdroeg om Nivea creme te gaan gebruiken vanwege mijn achteruitgaande huid. Kreeg ik een klodder van die zooi in mijn oog. Tranen als een bezetene. Ik zag mezelf zo in de spiegel, met die klodder in mijn oog, en dacht: nou, is dit het dan? Sta je daar, met je terugtrekkende haargrens en je bierbuikje, met een klodder Nivea in je oog. Voor ik het wist stond ik te huilen als een klein kind. Sindsdien is het hek van de dam. Ik hoef maar naar een Nivea reclame te kijken, of ik begin al. Ik heb het op Google opgezocht. Ik denk dat ik lijd aan PTSS. Dat moet wel.”

N. neemt me verder in vertrouwen. “Laatst zat ik naar het darten te kijken op TV. Barney verloor. Ik dacht dat ik het niet meer had. Een dartpijl in mijn hart, weet je wel. Ik kon me amper groot houden. Mijn jongste zoon had het door. Papa, huil je? Vroeg hij. Natuurlijk heb ik gezegd dat ik iets in mijn oog had. Soms ben ik wel eens jaloers op hem, wou ik dat ook nog zes was. Dan is het nog oké om te huilen, als man zijnde. Gek toch, eigenlijk?”

Er valt nog een hele inhaalslag te maken op het gebied van mannengevoelens. Gek genoeg ligt de grootste verantwoordelijkheid in het acceptatieproces van mannengevoelens bij vrouwen. “Als je vrouw achter je staat, je niet meer uitlacht en je gevoelens valideert, voel je je in elk geval in je eigen huis al veilig als je eens moet huilen om een gemist doelpunt of als je die promotie weer niet gemaakt hebt. Dat zou al een mooi begin zijn, een uitgangspunt, weet je wel. Als je thuis veilig je emoties kwijt kunt, wie weet wat de volgende stap dan is. Wie weet, ooit is het misschien de normaalste zaak van de wereld om een potje te janken als je geen strike hebt gegooid met bowlen. Misschien mag je tegen die tijd gewoon wel even lekker emotioneel worden om dat perfect getapte biertje, met twee vingers schuim. Ondanks alles blijf ik goede hoop houden dat we over een aantal jaren misschien ook buiten de badkamer onze gevoelens de vrije loop mogen geven.”

Vrouwen van Nederland, jullie lezen het goed: de emancipatie van de gevoelens van onze mannen ligt in jullie handen. Ga er wijs mee om. couch-conference-startup-bro-concentration-large

 

 

 

 

https://static.pexels.com/photos/23008/pexels-photo.jpg

We zeggen het tegen elkaar. We zeggen het tegen onze kinderen. “Trek het je niet aan.” Waarom trek het je niet aan naar mijn mening slecht advies is, zal ik uitleggen.

Degene die jou net over zijn probleem heeft verteld, zou het je waarschijnlijk niet verteld hebben als hij het zich niet al lang wel had aangetrokken. Er is een probleem, die persoon zit er mee, en dan kom jij met trek het je niet aan. Daar heb je dus helemaal niks aan, met je probleem.

Allereerst zeg je met trek het je niet aan eigenlijk: je moet je er niet druk om maken. Dat is heel goed bedoeld natuurlijk, maar daar heb je niet zo veel aan als je je er wel druk om maakt. Want dat doe je al. Anders zou je er niet over praten, toch?

Tegen kinderen zeggen we ook vaak dat ze het zich niet aan moeten trekken. Wat ik daar persoonlijk niet zo handig aan vind, is dat een kind dan het gevoel kan krijgen dat het probleem waar het mee zit, niet belangrijk genoeg is, niet mee telt, of in het ergste geval, dat het zich aanstelt. Want jij vindt dat het zich van dit probleem niets moet aantrekken, toch?

In plaats van trek het je niet aan kun je misschien beter het probleem valideren en samen op zoek gaan naar oplossingen. Want hoewel jij misschien denkt dat de ander dit probleem makkelijk naast zich zou moeten kunnen neerleggen, voor diegene is dat (op dit moment) niet zo gemakkelijk. Toch?

Ik schreef eens een quote over Pietertje. Pietertje rende door de speeltuin en maaide met zijn armpjes onschuldige voorbijgangertjes neer. “Dat komt door zijn koemelkintolerantie.” zuchtte zijn moeder tegen me.
Totdat Pietertje een kindje tegenkwam met Pietertje intolerantie.

Die quote werd me toch een triljoen keer gedeeld, zeg. En ik snap ook wel waarom. Het lijkt alsof sommige kinderen tegenwoordig alleen nog gekleed en gevoed worden, maar niet meer opgevoed. En hoewel mijn eigen kind absoluut niet perfect is (en dat ook niet hoeft te zijn), kan ik het niet helpen dat de volgende gedachte zich aan mij opdringt:

Als ouders toe zitten te kijken terwijl hun kind gigantisch over alle fatsoensnormen heen dendert, fysiek of verbaal faliekant meermaals de mist in gaat en asociaal gedrag vertoont, dan wordt dat al voor een groot deel verklaard door exact dat: de toekijkende ouder die niet ingrijpt.

Je kunt kinderen niet met honden vergelijken. Want foei, dat is niet hetzelfde. Maar toch. Stel dat ik dat toch stiekem een keer zou doen. Dan zou je die ouders die niet ingrijpen kunnen vergelijken met hondeneigenaren die bij een bijtincident er naast staan en verbouwereerd zeggen: “Dat doet ie anders nooit.”

Toch is het bijtincident meestal een gevolg van een hele reeks gebeurtenissen waarin de hond zijn grenzen niet duidelijk gemaakt krijgt, waardoor hij nerveus en angstig wordt (want een hond houdt van duidelijkheid… kinderen ook. Tot zo ver mag je gaan.) uiteindelijk een bijtincident kan plaatsvinden.

Het kan natuurlijk zo zijn dat dat agressieve gedrag van je kind een (veel) dieper liggende oorzaak heeft dan enkel het opzoeken van grenzen. Maar  dan nog; dan ga je als ouder op zoek naar die dieper liggende oorzaak, en laat je dit soort incidenten niet zomaar voorbij gaan zonder enige reactie te geven richting je kind, toch? Ik begrijp oprecht niet waarom mensen niet ingrijpen als hun kind zo asociaal of agressief is naar andere kinderen. Is het de blinde vlek, die ouders hebben voor hun kind? Zien ze het niet zoals wij het zien? Zie ik dingen bij mijn eigen kind dan misschien ook niet? Het zou best kunnen. Toch weet ik zeker dat wanneer mijn kind op zo’n bewuste, gemene manier een ander kind pijn zou (proberen te) doen, ik er binnen twee tellen bij zou zijn, met bijbehorende consequenties.

Dat zeg ik niet uit de hoogte, maar omdat ik fatsoen wil overbrengen op mijn kind en omdat ik me verantwoordelijk voel. Als je ziet hoe veel zinloos geweld er is tegenwoordig, bekruipt me toch de gedachte, dat meer mensen dit zouden moeten proberen.