Tagarchief: orientatie

Worden we Dom-Dom van de Tom-Tom?

navigation-car-drive-road-largeOp nu.nl bij de rubriek opmerkelijk las ik dat een vrouw in Wijhe haar navigatiesysteem gevolgd was: het water in wel te verstaan. Volgens de navigatie moest er een veerpont aan de oever liggen, maar die was toevallig even aan de overkant. Veerponden doen dat nog wel eens, wegens hun enige doel in het leven. De vrouw negeerde de stoptekens natuurlijk, want als de navigatie zegt dat daar een veerpont ligt, dan ligt het daar toch, toch? 

Toch niet. De vrouw raakte met haar vrouw te water en kon gelukkig zonder verwondingen uit het water gehaald worden.  Dit gezegd hebbende rijst bij mij de vraag: worden we Dom-Dom van de Tom-Tom? Als ik heel eerlijk naar mezelf kijk (en dat doe ik niet graag, zoals jullie weten), dan moet ik daar toch ja op antwoorden. Mensen zoals ik worden inderdaad een beetje Dom-Dom van de Tom-Tom.

Ik kan die vrouw nu wel heel gemakkelijk helemaal er door halen, maar zelf ben ik ook niet bepaald intelligenter geworden door het gebruik van mijn navigatie. Ik snap het wel hoor, dat mensen een rivier in rijden, of een struik, of opeens op een busbaan belanden. Dat zijn namelijk mensen zoals ik, met de unieke combinatie van een compleet gebrek aan oriëntatievermogen en een te groot vertrouwen in de navigatie.

Zo reed ik laatst – blind vertrouwend op mijn navigatie systeempje – de snelweg af, in de stad waar ik moest zijn. Ik volgde de navigatie, ook al leek het af en toe alsof ik door een veld reed en leek mijn allerliefste Tom-Tom ook niet te weten dat deze nieuwe weg was gelegd, reed naar rechts, reed nog eens naar rechts.
Zelfs toen de Tom-Tom mevrouw begon te stotteren en haperen, bleef ik precies doen wat ze me vertelde. Keer-hier-om-oh-nee-ga-naar-rechts-sla-rechtsaf-probeer-om-te-draaien. Als je een beetje ADD hebt en het richtingsgevoel van een stoeptegel, zoals ik, dan doe je nu eenmaal wat die mevrouw zegt. Ook als het nergens op slaat.

En zo zag ik mezelf opeens een oprit naar de snelweg op rijden, de compleet tegenovergestelde richting uit. “Wat doe je nu? Ik ben terug naar huis aan het rijden!” gilde ik tegen de mevrouw van de Tom-Tom. Ze zei daarop “Probeer om te draaien.” Dat was het moment waarop ik besloot haar advies maar eens niet al te serieus te gaan nemen, want omkeren midden op de snelweg lijkt me nu niet zo veilig. 

Had die mevrouw van de auto bij het veerpont ook moeten doen eigenlijk. Vertrouwen op haar eigen zicht. Lesje voor de toekomst?

Waarom mannen de weg altijd willen weten en vrouwen de handleiding wel gebruiken

“We zijn verdwaald, denk ik.” zei ik tegen mijn echtgenoot, terwijl we ergens in de middle of nowhere rond tuften, mijlenver van onze bestemming verwijderd.
“We zijn helemaal niet verdwaald.” zei hij. “Ik denk dat we daar achter naar links moeten.”
“Maar kijk, daar loopt een boer, zullen we het hem anders even vragen, voor de zekerheid?”
“Ik heb geen zekerheid nodig, en ook geen boer. We gaan de goede kant uit.” zei mijn man.
Nerveus keek ik op mijn horloge. We moesten toch echt op tijd op d

ik verdwaal nooit…

e plek van bestemming zijn. Mijn echtgenoot tuurde zelfverzekerd in de verte.
“Duurt het nog lang?” vroeg een kinderstemmetje van achter uit de auto. “Dat weet ik n… nee. Papa zegt dat het niet meer lang duurt.” zei ik terug. Maar ik was er nog niet zo zeker van. Eer mijn man er mentaal aan toe zou zijn om zijn hoofd te buigen en de weg te vragen aan iemand, was het feest al lang en breed afgelopen. Naarstig tuurde ik in de verte, op zoek naar een herkenbaar punt, dat er niet was.

Ik leef bij de gratie van de TomTom, de Google Maps, de navigatie die standaard op je telefoon zit tegenwoordig. Ik raak overal de weg kwijt. Mijn oriëntatievermogen heeft zich eigenlijk nooit ontwikkeld. Ik kan me herinneren dat ik bij een vriendin op bezoek ging. Vriendin woonde in een minuscuul dorp met maar drie straten, waarvan één straat overduidelijk de hoofdweg was. En zij woonde op die hoofdweg. Hoe het kan, weet ik niet, maar iedere keer weer dacht ik dat ik te ver door gereden was, sloeg ik een zijstraat in, draaide ik, en wist ik het niet meer. “Je huis is verhuisd!” zei ik eens tegen haar, toen ik weer moest bellen om te vragen waar ik heen moest. “Wat zie je nu voor je?” vroeg Vriendin. ik verdwaal nooit...“Een paar huizen!” zei ik ontredderd.
“Wat nog meer?” zuchtte ze.
“Eh… een kerk?”
“Rijd tien meter vooruit, sla links af, en rem dan.”
Ik reed tien meter vooruit, sloeg links af, remde, en zag haar staan janken van het lachen met de telefoon nog in haar hand.
Ik vraag – als ik geen navigatie bij me heb – overal de weg, in tegenstelling tot mijn echtgenoot. Bij het vragen van de weg zoek ik liefst oudere mensen uit; die wonen dan vast daar in de buurt. Jongere mensen vind ik minder betrouwbaar, want die sturen je wel vaker verkeerd, heb ik helaas gemerkt.
Ik vind het altijd lastig als mensen mij ergens om de weg vragen. Deels wil ik interessant overkomen en hen de instructies geven, omdat dat er heel verstandig uit ziet, maar deels wil ik ook gewoon eerlijk zijn en opbiechten dat ik zelf nergens de weg ken. Dilemma’s, dilemma’s….

Mijn man vraagt nooit de weg. Dat doen mannen schijnbaar niet. Net zo min als ze de gebruiksaanwijzing lezen die bij welk-apparaat-dan-ook geleverd wordt. Dat is een doodzonde, schijnbaar. Mannen lezen die gebruiksaanwijzing pas, als echt absoluut niets, maar dan ook niets anders meer mogelijk is. “Maar als we nou die gebruiksaanwijzing eens er bij nemen, dan gaat het misschien sneller?” opperde ik eens. Als blikken konden doden, had ik dit artikel niet meer kunnen schrijven. Mannen MAKEN dingen, ze BOUWEN dingen, ze zijn KAMIEJAJAJIPPIEJIPPIEJEEEEEH volgens de Hornbach.

Echte mannen lezen geen gebruiksaanwijzing. Die wéten gewoon vanzelf hoe iets in elkaar moet. En als ze het niet weten, dan proberen ze net zo lang, tot midden in de nacht, met het zweet op hun voorhoofd, tot het wel lukt. Ook al is het veel efficiënter om het gewoon meteen goed te doen, met behulp van de gebruiksaanwijzing. Net zoals wanneer ze verdwaald zijn. Ze moeten en zullen zelf die weg vinden, anders beschadigt dat hun eergevoel, of wat dan ook. Maar goed. Het zal iets met de oertijd te maken hebben; het zelf bouwen van dingen en de weg naar huis door de rimboe willen weten. Ach, ze zijn al zo ver geëmancipeerd, onze mannen; laat ze dit maar houden. En als het echt te ver gaat, dan vragen wij wel de weg, of lezen we toch gewoon stiekem de gebruiksaanwijzing.