Tagarchief: leven

Hoe goed kun jij tegen kritiek?

Kritiek: we geven het graag, maar kritiek krijgen, dat is vaak een heel ander verhaal.

Overal waar je komt kun je kritiek krijgen: thuis, van je partner, op je werk, of zelfs van vreemden in het openbaar. Kritiek krijgen kan een vervelend gevoel oproepen: met name als deze niet zo prettig gebracht wordt.

Jezelf ontwikkelen

Toch is het goed leren ontvangen van kritiek een manier om jezelf positief te ontwikkelen. Niet alle kritiek is terecht; het is dan ook goed om kritisch (haha) te bepalen van wie je kritiek wil ontvangen.

Herhaalde kritiek

Als je bepaalde kritiek meerdere keren te horen krijgt, bijvoorbeeld dat je slecht luistert, dan is dit vaak een teken dat je daar bijvoorbeeld toch beter wel naar kunt luisteren.

Dat doe ik helemaal niet!

Veel mensen zijn geneigd bij het ontvangen van kritiek meteen in de verdediging te gaan. Dit is een menselijke, maar emotionele reactie op het gevoel dat je aangevallen wordt. Het is goed om je op zo’n momenten af te vragen:

  1. Word ik echt aangevallen?
  2. Zit er een kern van waarheid in de kritiek die ik krijg?
  3. Reageer ik nu op een redelijke manier of vanuit emoties?

Koop tijd

Weet je niet goed wat je aan moet met de ontvangen kritiek? Dat is helemaal niet erg. Bedank je gesprekspartner voor zijn eerlijkheid en geef aan dat je even wilt nadenken over wat je te horen hebt gekregen. Zo voorkom je dat je vanuit een emotie over-reageert en kun je er op een rustig moment even over nadenken.

Je hoeft niet altijd direct te reageren.

Oneens?

Zo veel mensen, zo veel meningen. Ben je het – ook na een moment van reflectie – oneens met de ontvangen kritiek? Je kunt er dan voor kiezen om de ontvangen kritiek naast je neer te leggen, of om de kritiek gever aan te spreken om desgewenst te onderbouwen waarom jij het oneens bent. Vraag je hierbij wel af, of je eerlijk en neutraal naar jezelf gekeken hebt: dit is namelijk heel moeilijk voor mensen; hun eigen gedrag objectief beoordelen. Vraag als je daar behoefte aan hebt de verzender om nadere toelichting. Misschien berust de kritiek wel op een misverstand, dat je gemakkelijk uit de weg kunt helpen.

Onterechte kritiek

Soms is kritiek echt onterecht. Sommige mensen zijn geneigd veel kritiek te gaan uiten op mensen met eigenschappen die hun jaloezie opwekken, of die gedrag vertonen dat ze zelf benijden. Als je merkt dat iemand vooral kritiek geeft om het kritiek geven, kun je wederom de kritiek naast je neerleggen, of zelf kritisch doorvragen bij de verzender wat nu precies het probleem is. Hoe ga jij om met kritiek? Geef je zelf veel kritiek aan anderen? Reageer jij verdedigend vanuit emotie op ontvangen kritiek? Laat het weten in een reactie!

Advertenties

Burn-out is voor people-pleasers die geen prioriteiten kunnen stellen

Chrisje
“Burn-out is voor people pleasers die geen prioriteiten kunnen stellen.”

Mensen met een burn-out komen vaak met één harde klap tot stilstand. Als een auto waar te lang niet mee getankt werd: opeens is de brandstof op. Het is acuut: opeens kun je nergens meer naar toe, totdat op zijn minst de energie wordt aangevuld.

Op het moment dat het mij overkwam, gebeurde precies dat. Mijn breinkneuzing, noem ik het wel eens gekscherend. Maar in feite is dit geen grapje, want zo heb ik het echt ervaren: alsof mijn brein gekneusd was. Ik had al een paar dagen een forse hoofdpijn en last van duizeligheid, toen mijn benzinetank definitief leeg bleek te zijn. Ik wankelde ook al een paar dagen letterlijk op mijn benen: ik moest soms letterlijk houvast zoeken: tafels, stoelen en muren om tegen te leunen – om overeind te blijven staan. Een hele vreemde gewaarwording, waar ik op dat moment totaal niets van begreep: dit had ik nog nooit meegemaakt.

Opeens was de tank leeg. Prompt viel al mijn jarenlang geoefend, sociaal wenselijk gedrag weg. Ik kon letterlijk niet meer op mijn benen blijven staan, geen vraag meer beantwoorden.

En dan zit je thuis, met je goede gedrag
Dus daar zat ik dan, met mijn goede gedrag: thuis, volkomen overstuur. Ik had geen idee wat ik moest doen. Ik zag het leven overigens wel nog zitten; depressief heb ik me niet gevoeld. Sterker nog, ik leef echt graag. Ik hou van het leven. En ik hou van mensen. Sterker nog; ik leef zo graag en hou zo van mensen, dat ik mede daardoor burn-out raakte. Ik ben van nature een positief, vrolijk en energiek mens. Hoe kwam ik dan in vredesnaam opeens thuis te zitten? Hoe kon het dat ik in een klap van moeiteloos multi-tasken naar volledig opgebrand op de bank was gegaan?

Hoe kon het dat ik – als liefhebber van mensen – opeens totaal geen mensen meer kon verdragen?

Ik begreep er werkelijk helemaal niets van. Ik probeerde naar de supermarkt te gaan, maar alleen al het licht, de geluiden en de mensen: allemaal te veel. Ik was letterlijk bang, puur omdat mensen met me zouden kunnen komen praten. Ik voelde me de eerste tijd constant opgejaagd, alsof ik elk moment een marathon moest gaan rennen en in de startblokken stond, vol adrenaline.

Prioriteiten en assertiviteit
Mensen die een burn-out krijgen, werken vaak te hard aan de verkeerde dingen, voelen zich te verantwoordelijk voor problemen (of mensen) waar ze helemaal niet verantwoordelijk voor zijn. Mezelf meegerekend zijn mensen die een burn-out krijgen stuk voor stuk te harde werkers met een te groot verantwoordelijkheidsbesef.

Peoplepleasers dus, die twee essentiële eigenschappen missen: prioriteiten kunnen stellen en assertiviteit.

Mensen die voor zichzelf op komen en prioriteiten kunnen stellen, raken niet (zo snel) burn-out als mensen die dat nog niet geleerd hebben. Een burn-out kan dan wel getriggerd worden door grote gebeurtenissen, zoals echtscheiding, verhuizing, verlies van een naaste of het verkeerde beroep, maar als je geen prioriteiten leert stellen en geen nee leert te zeggen, heb je – ook na het verwerken van deze gebeurtenissen – grote kans op een terugval.

Spiegel
Mensen geven altijd liever anderen de schuld van hun problemen. Dat is menselijk, want je eigen probleem onder ogen zien is niet zo gemakkelijk en voelt heel onprettig. Dus geef je eerst liever zo lang mogelijk een ander de schuld. Naar een ander kijk je gemakkelijker dan naar jezelf. Dat heb ik overigens wel gedaan – letterlijk. Ik stond op de badkamer en keek voor het eerst sinds lange tijd écht naar mezelf in de spiegel.

Daar stond ik dan, en ik keek naar mij. Het beviel me maar niets wat ik daar zag. Ik was bleek, zag er vermoeid uit en mijn lach was weg. Mijn schouders waren gespannen. ´Zo wil ik niet meer zijn,´ zei ik hardop tegen mezelf.

Ik wilde ook niet meer zo zijn.
Ik wilde niet meer met een masker op leven: overal ja op zeggen, omdat mensen me anders niet meer aardig zouden vinden. Ik wilde niet langer dingen doen omdat ik dacht dat ´men´ dat verwachtte. Ik had letterlijk geen enkele energie meer over om nog maar een seconde langer te doen alsof.

Eerlijk
Als mensen me vroegen hoe het met me ging, zei ik eerlijk dat het niet goed met me ging. Dat is eng, maar ook verfrissend. Mensen reageerden helemaal niet negatief, waar ik altijd zo bang voor was geweest, als ik echt mezelf zou zijn. Integendeel zelfs. Ze gaven me opeens een knuffel, lieten inlevingsvermogen zien, boden me hun hulp aan of vertelden me dat zij dit ook hadden meegemaakt – of nog mee maakten. Dat bood ontzettend veel troost: weten dat je niet de enige bent.

Doordat ik geen kracht meer had om te doen alsof, deden anderen dat plots ook niet meer.

Als je letterlijk niets meer kunt, terwijl je al je hele leven gedacht hebt dat mensen met je omgaan vanwege de dingen die je doet, kom je er achter wie in je leven is vanwege wie je bent. Als je niemand meer kunt helpen, komen de mensen die echt om je geven vanzelf naar jou toe, om je te steunen. Dat was een nieuwe, maar ook ontroerende ervaring voor me. Plotseling bleek dat mijn vrienden onvoorwaardelijk in mijn leven zijn, zelfs als ik helemaal niets behalve mijn aanwezigheid te bieden heb. Zelfs als ik niets kan doen, behalve er bij zitten. En zelfs ook als ik dat niet eens kan. Dat ik er ben is voor hen genoeg. Het besef dat ik al die jaren keihard gewerkt had voor iets wat helemaal niet nodig was, kwam hard binnen.

Waarom dacht ik altijd dat ik dingen moest doen in ruil voor aardig gevonden worden?

Waarom moest ik altijd zo veel van mezelf? Waarom legde ik die lat altijd zo hoog dat ik er niet bij kon? Waarom was goed niet goed genoeg?

Voor en sinds: de positieve kant van een burn-out
Mijn leven is sinds de burn-out drastisch aan het veranderen, in de positieve zin. Ik ben nog steeds een vrouw, moeder, vriendin, schrijfster en werknemer. Voor mijn burn-out stond ik midden in het leven en ontmoette ik heel veel mensen, wiens problemen ik probeerde op te lossen in ruil voor hun vriendschap of waardering.
Sinds mijn burn-out stopte dat voor-wat-hoort-wat-gedrag, maar er kwam iets mooiers voor in de plaats: ik ontmoette mezelf en ging eindelijk met mijn eigen problemen aan de slag. Voor mijn burn-out had ik altijd heel veel mensen en drukte om me heen omdat ik lief en zorgzaam was: sinds mijn burn-out zoek ik meer de stilte op, ben ik bevriend geraakt met mezelf en zorg ik beter voor mij.

Vroeger steunde ik altijd alles en iedereen: nu heb ik steun durven terug vragen en accepteren.

Dat is een van de lessen die ik geleerd heb door mijn burn-out: dat zorgen voor anderen geen must is – dat kunnen ze doorgaans zelf prima! – en dat steun bieden geen eenrichtingsverkeer is; je mag het ook terug vragen. Mijn burn-out is dus zeker ook positief, ook al voelt mijn gekneusde brein niet bepaald prettig. Daarmee komt het wel goed, maar het is nog niet wat het moest zijn: mijn concentratie, geheugen en energie hebben een flinke tik gekregen.

Doordat ik beperkte energie heb, werd ik gedwongen prioriteiten te leren stellen: ik kijk dag voor dag wat ik kan én wil doen, en met wie.

Om te eindigen met die auto langs de kant van de weg: iedere dag kijk ik even op mijn dashboard hoe het er voor staat met de brandstof: sommige dagen kan ik halverwege de dag nog maar vijf kilometer, sommige dagen twintig. Daar pas ik mijn dag op aan. Veel verder dan vandaag kijk ik niet meer vooruit: wie iets met me wil plannen mag dat proberen, maar het is altijd onder voorbehoud. Dat heeft ook met eerlijkheid te maken: ik weet vandaag immers nog niet hoe veel brandstof ik morgen heb.

Ik denk dat ik dat dashboard controleren maar blijf doen voortaan, zodat ik nooit meer leeg en zonder brandstof langs de weg beland.

Eerlijkheid duurt het kortst!

Over het algemeen duurt eerlijkheid natuurlijk – gelukkig! – altijd het langst.

Maar in gesprekken duurt eerlijkheid vaak het kortst.

Let er maar eens op: mensen doen er veel langer over om te liegen, dan om de waarheid te spreken. Kijk maar eens naar de volgende voorbeeldvragen en -antwoorden.

“Heb je even tijd voor me?”

Leugen: “Ja, maar ik heb een hele drukke dag vandaag en ik moet zo nog weg, maar het kan wel even.”

Waarheid: “Nee.”

“Hoe gaat het met jou?”

Leugen: “Ja, wel goed, het gaat zijn gangetje, wat druk op het werk en weinig tijd, en de kinderen zijn wat lastig te handelen de laatste tijd, maar ja, waar is dat niet hè?”

Waarheid: “Niet zo goed. Het is me te druk.”

Wie de waarheid niet spreekt, heeft veel woorden nodig.

Het gevoel zegt nee, dus het brein zoekt naarstig naar uitvluchten of andere redenen waarom iets niet kan, omdat we zelf niet durven te zeggen wat we echt bedoelen.

Of het brein zoekt paniekerig naar manieren om recht te praten wat krom is. Dat kost tijd en veel woorden.

Soms is het zelfs de vraag of we met al die woorden eigenlijk wel de ander willen overtuigen, of onszelf.

Sinds ik overspannen ben geraakt heb ik geleerd te zeggen wat ik écht voel en denk. Respectvol, maar duidelijk. Daarmee leer ik mezelf te beschermen: Tegen een agenda die te vol is, bijvoorbeeld, tegen dagen die te veel drukte hebben, tegen mensen die mij hun probleem in de schoenen schuiven- en vooral om mezelf meer rust te gunnen. Door eerlijk te leren zijn tegen anderen ben ik liever geworden voor mezelf.

Eerlijk zijn werkt bijzonder verfrissend. Mensen kunnen best goed tegen de waarheid, merkte ik. En soms is het ook goed als sommige mensen er niet tegen kunnen, want:

Als iemand mijn grenzen niet kan of wil respecteren, wil ik zo iemand dan überhaupt in mijn leven?

Ik stond in de supermarkt, van de week. Ik was aan de beurt toen een man voorkroop om tussendoor nog snel een los item te betalen. Schijnbaar was hij al aan de kassa geweest, en was hij dit item vergeten. Hij vroeg echter niet aan me of hij even tussendoor mocht komen: waarschijnlijk had ik hier overigens geen punt van gemaakt- als hij het gevraagd had. Maar hij vroeg niets, hij deed het gewoon. Vervolgens begon hij luidkeels grappen te maken en wilde hij zijn eigen gedrag vergoelijken door tegen mij te bulderen: “Wel onbeleefd van mij hè, dat ik zomaar voorkruip? Hahaha!”. Vroeger zou ik gezegd hebben “Ach, kan gebeuren.” Of “Geeft niks hoor.” Maar tijden veranderen: vroeger was ik immers ook niet eerlijk naar mezelf toe en kwam ik zelden voor mezelf op.

Dus keek ik hem aan en zei ik simpelweg “Ja.”

Want tja, het wás ook onbeleefd.

“Hahaha, haha, ha, eh, oh.” stamelde de man, terwijl hij mijn bevestigend antwoord liet inwerken. Ik bleef hem rustig aankijken, toen tot hem doordrong dat ik bevestigde dat het onbeleefd van hem was. Hij liep wat rood aan, liet zijn kleingeld van ongemakkelijkheid bijna uit zijn portemonnee rollen en maakte zich snel uit de voeten. De caissière wachtte tot hij weg was, knikte toen naar me en zei “Goed gezegd!”.

Die man wist zelf ook donders goed dat zijn actie onbeleefd was, anders had hij het zelf niet benoemd. Waarom zou ik het dan voor hem moeten vergoelijken?

Het kost veel tijd om te liegen. Eerlijk zijn kost weinig tijd, maar wel wat moed. Bovendien maak je met iedere leugen niet alleen anderen, maar uiteindelijk ook jezelf wat wijs.

Hoe groter de leugens of hoe vaker je liegt, des te verder raak je verwijderd van jezelf. En van een fijn leven.

Dan verzamel ik liever elke dag een paar keer wat moed.

Zwaar leeefuh – Must watch liedje voor pessimisten, notoire klagers en beroepsazijnzeikers! (en mensen die dat niet zijn)

 

Ken je dat lied, van Brigitte Kaandorp, ik heb een heel zwaar leven? Ik ben er zo dol op.

Op sommige dagen, waar op alles lijkt tegen te zitten, zet ik dit lied op.

Het is zo overdreven en hilarisch, hoe ze zwelgt in zelfmedelijden (“…en dan lig ik in mijn grafffff…. en dan denk ik, gelukkig is het af…”), hoe ze er bij kijkt (lodderig), hoe lang ze de woorden rekt, dat je vanzelf zo hard moet lachen dat je dag alweer mee lijkt te vallen.

Dochter kent het lied inmiddels ook. Als ze bijvoorbeeld boos op me is om de zeer logische reden dat het beláchelijk is dat ze geen snoep van me krijgt om negen uur ’s ochtends, dan verzucht ik “Ik heb een héél zwáár leeefuuuuuhh, nee maar echt waar… moeilukmoeilukmoeilukmoeiluuuuuuuuuk..”.

Ja, ik ben zo’n irritante moeder.

Maar ik mag dat, want ik heb ook een zwaar leefuh.

Brief aan mijn Lijf

Lief Lijf,

Wat haat ik je soms. Op sommige dagen kijk ik naar je in de spiegel en wil ik gewoon weer terug in bed gaan liggen. Dan staar je me brutaal aan, alsof je wilt zeggen: Ha! Je wordt oud! En rimpelig! En de zwaartekracht heeft je te pakken!
Er zijn dagen waarop ik denk: Ach, lijf, zolang je me vandaag maar van A naar B brengt, ben ik al gelukkig met je.

Er zijn ook dagen waarop ik blij met je ben, je mooi vind en tevreden naar je kijk in de spiegel. Maar er zijn ook dagen waarop ik je af beul, met wandeltochten van kilometers lang, avonden dansen of sporten. Daar straf je me dan meestal de dag er na voor (en die daar na is stiekem nog erger!).

Soms heb ik echt een hekel aan je: die huid, die kwabbels, putjes, rimpels.. Op die dagen heb ik spijt van die tijd die nooit meer terug komt; toen ik nog zo jong was dat niks mee zwaaide als ik zwaaide. Toen ik nog niet wist wat striae was. Toen ik nog geen stretch marks op je had gemaakt met het dragen van mijn kind.

Maar, lief Lijf, toch houd ik van je.
Oké, je bent niet meer zo strak. Oké, er begint overal wat na te laten. Maar: je draagt me. Je bent gezond, en daar ben ik dankbaar voor als ik zie hoe veel mensen dat geluk niet (meer) hebben.

Je geeft mijn ziel een tijdelijk huis om in te wonen. Het huis is niet perfect, maar iedereen weet: de gezelligste huizen zijn juist die huizen waarin geleefd wordt. Ik hou van je, met al je voegen, barsten, onvolmaaktheden. Want je bent van mij, je bent onderdeel van mij, en – waar ik het meest dankbaar voor ben – ik heb je nog.

Ik zal je ook ten alle tijden proberen te beschermen, lief Lijf. Je bent van mij en van niemand anders. Als ik lees over vrouwen wiens lijf zonder toestemming wordt gebruikt als voorwerp, huil ik van verschrikking. Verruil die goedbedoelde gedragscode voor een cursus zelfverdediging! Geen enkele vrouw is een gebruiksvoorwerp, ongeacht kleding, afkomst of oriëntatie!

Ik zal je altijd proberen te verdedigen, tot de laatste snik. Het recht om zelf te bepalen over het eigen lijf zou veel vanzelfsprekender moeten zijn voor vrouwen (en mannen!) op deze wereld. Je lijf is je huis en niemand behalve jij zelf hoort te bepalen wie je uitnodigt.

Ooit, lief Lijf, zal ik je moeten verlaten. Als ik de zon de laatste keer heb zien opkomen, ben ik je dankbaar voor alles waarmee je me geholpen hebt: lief te hebben, spanning te voelen, een kind te baren, de wereld te bewandelen, ontroerd kippenvel te hebben, te leren, te vluchten, te vechten, dapper te blijven staan, te huilen, hunkeren en knuffelen.

Je bent niet perfect, maar je bent wel van mij.

Liefs…

Stress? Doe eens heel langzaam aan!

Stress is verraderlijk. Te veel stress is op lange termijn zelfs heel ongezond. Toch overkomt het veel mensen: je agenda is continu overvol, aan je werk lijkt geen eind te komen en uiteraard luisteren je kinderen voor geen meter, net op het moment dat je écht haast hebt en het je niet kunt permitteren om vertraging op te lopen. Juist dan is het goed om in de slow motion modus te gaan!

Professioneel stresskip

Al jaren was ik professioneel stresskip. Met een druk bestaan, een gezin, een huishouden en een leuke maar drukke baan er bij was er altijd wel iets dat niet lukt. Vroeger kon ik dan ook regelmatig “overkoken”. Ik liet me volledig opjagen door het dagelijks leven en ademde pas rustig als ik in bed lag. En zelfs dan vaak nog niet. Mensen om me heen zeiden wel eens dat het toch wel goed zou zijn als ik er aan zou denken om tussen twee zinnen door adem te halen. Dat soort adviezen kreeg ik wel vaker.

Op een dag was ik het gestrest zijn zo beu, dat ik besloot iets zeer tegennatuurlijks te doen. Althans, voor mij voelde het zeker niet natuurlijk; zeker de eerste tijd niet. Ik besloot om op de meest stressvolle momenten op mijn dooie gemakje te gaan doen. Doen alsof ik aaaaalle tijd van de wereld had.
Ik begon bij een van de meest stressvolle momenten die ik me kon bedenken: je weet wel, na het werk, met honger en een vermoeid kind, in de supermarkt. Eerder was ik dan gehaast, geïrriteerd en moe. Aan dat vermoeide kon ik niet veel doen, maar aan het geïrriteerd en gehaast zijn wél, bedacht ik. Bovendien was ik het beu om altijd maar te moeten rennen, om bij de winkel buiten te komen met maar de helft van de boodschappen die ik nodig had.

Op je dooie gemakje door de winkel

Dus probeerde ik het. Ik deed op mijn dooie gemak de boodschappen. Dacht rustig na over de aankopen. Bekeek de dingen die mijn kind opmerkte in de winkel. Bewonderde rustig met haar de aardbeien en de bananen. Door mijn relaxte houding – al was het nog onwennig – werd mijn kind een stuk minder jengelig. Ze voelde mijn ontspannen houding feilloos aan en werd er zelf ook een stuk gezelliger van.
In de rij voor de kassa, waar ik me normaal altijd stond af te vragen waarom het zo lang moest duren, maakte ik nu een praatje met de vrouw voor ons.

Resultaat: alle boodschappen binnen, kind blij, ik blij, en we hadden er geen vijf minuten langer over gedaan dan normaal.

Do try this at home!

Ben jij ook voortdurend gestrest? Altijd maar aan het haasten? Zet jezelf eens in de slow motion stand: Druk letterlijk op je eigen rem. Probeer het eens uit. Hoe vaker je het doet, hoe beter het je zal lukken.

ONGEMAKKELIJK: ALS MENSEN ZICH IN HET ECHT ZOUDEN GEDRAGEN ZOALS OP SOCIAL MEDIA

Mensen doen gekke dingen op social media. Stel je toch eens voor, dat we die dingen in het echte leven ook gingen doen.

Ik ben er helemaal klaar mee!
Dat je op straat zou gaan staan, en zou roepen: “Ik ben er helemaal klaar mee!”, en dat mensen om je heen dan vragen wat er is. Maar jij geeft verder geen antwoord. Nee, je houdt je lippen stijf op elkaar gedrukt, want waarmee je helemaal klaar bent, dat wil je geheim houden. Stel je toch eens voor, hoe ongemakkelijk dat zou zijn, en hoe snel je vrienden je dramatische gedrag zat zouden worden.

Retweet
Stel je voor dat je een goede mop vertelt in het café. En dat je vrienden om je heen acuut beginnen te herhalen wat jij net zei. Awkward!

Ont-vrienden
Hoe bizar zou het zijn, als je op een feestje een discussie krijgt met iemand, die toevallig over een bepaald onderwerp lijnrecht tegenover je staat qua mening. En dat je dan meteen zou zeggen “De vriendschap is voorbij.”, om die persoon vervolgens voor iedere verdere reactie te blokkeren door hem of haar letterlijk te barricaderen.  Ongelofelijk, zeg je? Op Facebook gebeurt het dagelijks.

Of dat je in de kroeg zou staan, gezellig met je vrienden, en je plotseling zou zeggen: “Wie hier morgenavond nog staat, heeft geluk! Want ik ga morgen mijn vriendenlijst bijwerken, dus!”

Porretje
Over porren hoef je ook niet lang te denken. Stel je voor hoe irritant het zou zijn als je buurman elke dag opnieuw op je af zou komen om je in je zij te porren, terwijl je net de boodschappen in laadt of net even rustig in je tuin zit. Naast vervelend is dit ook zeer ongemakkelijk. Nou ja, afhankelijk van hoe aantrekkelijk je je buurman vindt dan.

Vriendschapsverzoek
Stel, je bent heimelijk verliefd op een leuke man of vrouw. En dat je dan, terwijl je ze nog nooit gesproken hebt, verlegen op ze af loopt in de supermarkt met de vraag: “Mag ik je uitnodigen om vrienden te worden?” Het is óf creepy, óf de beste nieuwe openingszin ooit.

Spelletjes
Iedereen doet wel eens graag een spelletje. Maar vervelend wordt het wel, als je elke dag bij je nicht langs gaat om te vragen of ze je een nieuw leven wil schenken. Je nicht is natuurlijk geen draagmoeder, en het zou vast niet in goede aarde vallen.

Sneeuw
Stel je voor, je staat buiten met je vrienden. Het heeft gesneeuwd en er ligt een dik pak. Jij maakt enthousiast een foto en laat die aan al je vrienden zien. “Kijk, er ligt sneeuw!!!!!”

Muziek
Laten we als voorbeeld nemen, dat je op een buurt barbecue zit, en dat je terloops je MP3 speler dopjes in je oren duwt, om vervolgens om de drie minuten te roepen “IK LUISTER NUMMER HUPPELDEPUP VAN DE ARTIEST ZUS EN ZO!”. Zullen we wedden of je volgend jaar weer uitgenodigd wordt? Nobody cares!

Spuit-luier
Zelfs online kan ik amper geloven dat mensen zoiets met anderen delen, maar laten we voor de gein eens even doen alsof je dat in het echte leven zou doen: Met je baby in zijn romper de straat over rennen om de buurvrouw de spuitluier te laten zien.

Verrukkelijk
Op Facebook snap ik het al niet, maar hoe raar zou het in het echte leven zijn als je met je bord over straat rent om bij iedereen aan te bellen; “Kijk eens wat ik zo ga opwarmen?” Ziet het er niet verrukkelijk uit? Wil je het recept? Nee? Oké, ik heb drie aardappels gekookt, vier winterpenen geraspt…”

Rare wereld
Het is maar een rare wereld, die online wereld. We delen meer dan anderen willen weten, we delen minder dan anderen willen weten, en als je niet op let, ben je morgen een vriend kwijt. Gelukkig is het allemaal zo vluchtig, dat je het snel weer vergeet.

De sleutel tot een rijker leven: Een Nieuw Motto

Ik heb een aantal jaren geleden een nieuw motto ingebracht in mijn leven. En eerlijk is eerlijk: Het heeft me meer gebracht dan ik ooit had durven denken. Het is best moeilijk soms, maar toch ook weer verrassend simpel.

Ben je er klaar voor? Oké. Hier komt ie:

Wat je eng vindt, moet je doen.

Ik weet niet meer precies wanneer ik besloot dat dit mijn nieuwe levensmotto was, maar het zal een jaar of vijf geleden zijn geweest dat ik het implementeerde. Ik ben nogal beschermd opgegroeid. Ik ben er van nature zo een van de veiligste weg. Niet te veel risico’s nemen, niet te avontuurlijk doen, doe maar normaal, dan doe je gek genoeg. Dit nieuwe motto heb ik geïmplementeerd om mezelf wakker te schudden en wakker te houden. Om mezelf uit te dagen. Om minder angstig door het leven te gaan, want ook ik heb er maar één. Nu zou je denken dat zo’n simpel zinnetje niet zo veel teweeg kan brengen. Maar dan denk je verkeerd.

Iedere keer als ik in een situatie belandde waarin ik voelde dat ik iets stiekem wel wilde doen, maar het normaal gesproken zou overslaan wegens te angstig, hoorde ik mezelf zeggen: “Wat je eng vindt, moet je doen.”
En dus reed ik zelf van Nederland, door België, door Frankrijk, naar Spanje. Solliciteerde ik op die baan, waarvan ik dacht dat die te hoog gegrepen was voor mij. Startte ik mijn eigen pagina op Facebook, met mijn eigen quotes en blogs. En groeide die uit tot een aantal volgers van 10.000+. Volgde ik die training, voor mezelf, of ging ik toch die uitdaging aan.
En dus ging ik die confrontatie aan die ik al zo lang vermeed, met knikkende knieën en bevende vingers. Stapte ik naar voren tijdens een presentatie, om als vrijwilliger voor de groep te staan. Zei ik ja, op het last minute verzoek om als verslaggever naar een groot festival te gaan en een bekende band te interviewen, waar ik niet op voorbereid was. En zo verder, en zo verder.

Je staat er van versteld, wat je kunt bereiken, als je je angsten en onzekerheden besluit te negeren, om er toch voor te gaan. Je zult zien dat je veel meer kunt bereiken, dan je zelf ooit had gedacht. En weet je wat het meest frappante is? Achteraf werden juist die momenten de mooiste gebeurtenissen. De beste herinneringen. De momenten waar ik het meest trots op mezelf werd, juist omdat het zich ver buiten mijn comfort zone begaf. En ja, het was soms eng. En nee, ik doe niet alles waar ik bang voor ben. Ook ik heb grenzen. Maar mijn motto, dat houd ik vast.

En via deze blog geef ik mijn motto weer door aan jou. Wat vind jij eng, en wil je toch stiekem wel doen? Wat durf je niet, maar zou je eigenlijk toch moeten proberen? 

Moraal van het verhaal: Als je het eng vindt om dit motto over te nemen, moet je het juist doen.