Er wordt zoveel gezegd en geschreven over het begrip burn-out: het zou een hype zijn, mensen zouden veel te snel roepen dat ze een burn-out hebben.

Ja, het lijkt nu inderdaad veel vaker voor te komen. Maar dit kan ook te maken hebben met de hoeveelheid aan keuzes die onze generatie heeft, de crisis en het feit dat mensen sinds de crisis met minder uren meer werk moeten verrichten. Of simpelweg met het feit dat er minder taboe heerst en mensen er dus vaker openlijk voor uit komen dan vroeger. Wie zal het zeggen.

Ik zelf heb een burn-out gekregen in december vorig jaar. Opeens kon ik geen antwoord meer geven op vragen van mensen: ik, die daarvoor overal ja op zei.

Opeens kon ik geen drukte meer aan: ik, die altijd de drukte juist op zocht en het niet druk genoeg kon hebben. Mijn hoofd leek te ontploffen; zelfs een bezoekje aan de supermarkt zorgde al voor hevige paniek.

Dat is overigens een minder besproken onderwerp; de symptomen van een burn-out. Voordat ik zelf een burn-out kreeg, dacht ik dat een burn-out hebben inhield dat je alleen nog maar kon huilen en slapen. Nu zijn dat zeker wel symptomen, maar lang niet de enige.

Een korter lontje, geheugenproblemen, paniekaanvallen, hoofdpijn, buikklachten, duizeligheid, hyperventilatie en slaapproblemen hoor je veel minder over, maar zijn net zo heftig.

Ook een depressie ligt op de loer; daar zit je dan met je verantwoordelijkheidsbesef en je perfectionisme: thuis, op de bank, als een bang, ziek vogeltje. Je hebt zoveel verantwoordelijkheden en opeens kun je amper nog iets aan. Als iemand aan je vraagt of je volgende week wil afspreken, moet je van triestheid bijna lachen: je weet immers niet eens wat je vanmiddag kunt!

Er bestaan heel veel “oplossingen” voor een burn-out: gedragstherapie, meditatie, wandelen, rustgevende middelen om te slapen, etc. Ook online beloven veel bedrijven dé oplossing voor je te hebben, als je je inschrijft voor een tien weken durend peperduur programma bijvoorbeeld.

Want uiteraard wil iemand met een burn-out er zo snel mogelijk weer van af: er wordt handig ingespeeld op het karakter van de persoon met de burn-out: zelfs in het herstel willen we zo goed mogelijk zijn.

Het antwoord is niet zo simpel. Dé instant oplossing bestaat ook niet. Het herstel heeft tijd nodig. Als je een burn-out hebt ben je vaak maanden of zelfs jaren over je eigen grenzen heen gedenderd: dat herstel je niet in een paar weken.

Je zet soms twee stappen vooruit en weer drie terug. Je wil soms de haren uit je hoofd trekken omdat je je gewoon weer “normaal” wilt voelen, zoals voor je burn-out. Maar dat gaat niet. Dat accepteren is misschien wel het moeilijkste van een burn-out.

Ik ben nog herstellende, en daar ben ik me volledig bewust van. De ene dag kan ik me al best aardig concentreren en de andere dag lukt dat voor geen meter. De ene dag kan ik de drukte best aardig aan, de andere dag wil ik al huilend weg rennen als er drie mensen om me heen staan, of als ik een gesprek moet volgen.

Dan welt de paniek op en wil ik het liefst mijn bed in kruipen. En het meest frustrerende hieraan is dat ik het zelf ook niet wil; ik wil me gewoon alleen maar weer de oude voelen. Maar de oude zal ik denk ik nooit meer worden. Dan hopelijk in elk geval een assertievere versie van mijn oude zelf, die goed voor zichzelf zorgt en opkomt. Ook al kost me dat nu nog heel veel energie.

Advertenties

De vrouwelijke variant wordt nooit vervelend, dwars of puberaal. Dat zijn haar eigen woorden. Ik heb ze direct vastgelegd, schriftelijk, ondertekend en in drievoud.

Het is wel waar, ze is heel gemakkelijk in de omgang. Ze snapt dat het leven een stuk prettiger is wanneer ze meewerkt. Ze gaat mee boodschappen doen, dekt zonder commentaar de tafel, en eet wat de pot schaft.

Daar zit dus een klein probleem. De mannelijke puber leeft voornamelijk van de P’s. Patat, Pizza, Pasta, Pannenkoek, en, toegegeven, Paksoistamppot. Maar de vrouwelijke variant. Zij lust dat dus allemaal niet. Ook geen appelmoes, mayonaise, alles wat nagenoeg alle kinderen lusten, dat hoeft ze niet. Zij zat als tweejarig hummeltje naar mijn asperges te kijken en vroeg: “Mama, wat zijn dat voor een stengels?” Weg asperges. Inclusief biefstuk, aardappeltjes, ham en ei.

Het is dus nooit goed, qua eten. Maar dat ligt niet aan de vrouwelijke puber.

Ze is ook inderdaad nooit heel erg vervelend. Soms dan, als je haar wakker maakt vóór 12 uur ‘s middags. Ze heeft een masterclass uitslapen gedaan. Misschien maakt dat het zo makkelijk, ze is er gewoon niet, want ze ligt tot minstens 12 uur in bed.

Ze kan ook heel goed haar broer opvoeden. Dat leidt tot discussies. Ik vraag me dan af waarom ze niet allebei perfect zijn, aangezien ze het beiden heel goed blijken te weten. Maar zelfreflectie is nog een brug te ver. Logisch ook, het zijn pas pubers. Ze beginnen wel steeds meer op echte mensen te lijken, dat wel.

Min dochter stapte vorig jaar al met een vriendin in de trein om te gaan shoppen in Venlo. Of in Maastricht. Of in Den Bosch. En natuurlijk vind ik dat stoer, maar kom op zeg. Ze is nu pas 13. Ik wil haar vervoeren in een kinderzitje achter op mijn fiets, niet zelfstandig in de trein. Ze krijgen beiden kleedgeld. Dus dan komt ze thuis, met lamme armen van alle tassen, die ze ook allemaal meesleept in de trein. Ze heeft haar eerste piercing. Dat mag vanaf 12. Ze ontdekte dat toen ze nog 11 was. Met 12 jaar en twee dagen zaten we in de tattoo shop, om een gat in haar oorschelp te laten schieten. Wanneer je mij nu een onverantwoordelijke moeder vindt, dat mogen ze vanaf 12 jaar zelf regelen, zonder toestemming van ouders. Het leek me dus verstandig met haar mee te gaan en een gedegen shop uit te zoeken, om te voorkomen dat ze zelf een breinaald in haar oor zou steken.

De vrouwelijke puber gaat wel een weekje naar lenteschool, in de meivakantie. Om wat vakken bij te spijkeren. Ze heeft namelijk nooit huiswerk. Ook nooit proefwerken. Zelfs niet in de proefwerkweek. Nooit hoeft ze iets te doen. Ze weet alles al. Ze wilt medicijnen gaan studeren, en ik zie al heel veel geld verdwijnen in een studentendispuut. Want het is een feestbeest. Ze mist geen enkel uitje, geen enkel feestje, ze is overal bij, en wanneer ze er niet bij kan zijn, dan zorgt ze wel dat het verzet wordt. Het lijkt wel een voorbeeldige puber, maar ik houd mijn hart vast voor de toekomst.

Kortom, pubers. En kleinkinderen. Niet vermoorden dus, die pubers, denk eraan. Dat is momenteel mijn mantra.

Ellen Boonstra

Wil jij ook als Gastblogger jouw blog delen met 30.000 volgers? Stuur dan je leukste blog via e-mail naar de redactie!

Er is een spreuk, die gaat als volgt: “Het krijgen van kleinkinderen is de beloning voor het niet vermoorden van je pubers”. Ik ben benieuwd of ik ooit oma word.

Want die pubers, die puberen wat af. Ik heb er twee. Een mannelijke, en een vrouwelijke variant. De mannelijke variant is een gamer.

De meest gehoorde uitspraak van hem is: “Wacht effe”. “Kom je eten?” “Wacht effe.” “Ben je klaar?” “Wacht effe.” “Ga je douchen?” “Wacht effe.” “Ruim je dat even op?” “Wacht effe”. Als er iets is waar ik een hekel aan heb, dan is het wel wachten. Dit leidt dus tot behoorlijk wat ergernissen hier in huis. Ik snap het ook niet. Ik kondig het avondeten aan, vanaf een kwartier van te voren. Ik kondig het inmiddels al drie keer aan. En dan nog volgt steevast het antwoord….wacht effe. Want die games, die zijn van levensbelang. Fortnite speelt hij. Inclusief dansjes, tenminste, moves. Hij ging het me uitleggen, want moeders snappen niks van de jeugd van tegenwoordig. Daar zijn mijn mannelijke puber en ik het dan wèl over eens.Een online game kun je dus niet zomaar afsluiten. Want je speelt in een team. En als je offline gaat, laat je dat team in de steek, of je wordt vermoord. Uuuuh wat?? “Nee mahaaam,” (met dikke oogrol en een zucht vanuit zijn tenen), “…jouw karakter in de game wordt dan vermoord.” Ooooh… dat klinkt al minder ernstig. De uitspraak die met stip op nummer twee komt: “Ik moet hier ook alles doen”. En nee, dat zeg ik niet, maar hij! Ik ben een gescheiden moeder, de pubers zijn om de week bij mij. Ze krijgen hun natje en hun droogje op een presenteerblaadje aangeboden. Toegegeven, hier zit een stukje schuldgevoel in. Maar dat hoeven de modelpubers niet te weten. Ik werk, ik doe het huishouden, de boodschappen.. enfin, dat hoef ik jullie allemaal niet te vertellen. Doen jullie ook allemaal. Dan is de chips er niet die meneer blieft. Mag hij zelf met mijn geld naar de winkel, om de goede chips te kopen. Moet hij alles doen. Daar krijg je toch moordneigingen van? En dan de elastiekjes. Die vind ik o-ver-al. Op zijn kamer, op de badkamer, in de keuken. Overal, behalve in de prullenbak. Gelukkig is de hoeveelheid elastiekjes gehalveerd, want de vrouwelijke puber is inmiddels beugelvrij. Daarnaast moet ik elke avond vragen of hij ze in heeft, wat nooit het geval is. En deze gek brengt meneer de puber dan zijn elastiekjes… Maar toegegeven, als hij daar dan zo lekker in zijn bed ligt, met zijn pyjamaatje aan, en ik toch nog een stevige knuffel krijg, realiseer ik me dat het ondanks alles best een leuke puber is.

Ellen Boonstra

Wil jij ook eens een column schrijven als Gastblogger voor Chrisje? Stuur dan jouw leukste column naar redactiechrisje@gmail.com en wie weet, misschien verschijnt jouw gastblog wel op Chrisje.info!

 

Afgelopen week ging ik er een paar dagen tussenuit met mijn dochter. Aangezien ik minstens een keer per jaar de zee wil bezoeken en dol ben op Zeeland, viel al snel mijn oog op een aanbieding van Roompot Beach Resort te Kamperland. Een familiecamping pal aan zee… ideaal!

Hoewel de weer app enkel regen voorspelde, hadden we daar weinig last van. De zon scheen volop en hoewel het wat fris was, was alleen al het uitzicht onbetaalbaar. Het strand letterlijk op drie minuten lopen: dat staat op mijn bucketlist voor later!

Voor slechts €140,- huurden we een stacaravan met twee slaapkamers, een badkamer met toilet en alles er op en er aan. Een kleine slaapkamer met twee eenpersoonsbedden en een grote slaapkamer met een tweepersoonsbed. Niks mis mee!

Bij aankomst was alles netjes en schoon, er stond zelfs een leuk vaasje met bloemen in het raam. Wel jammer dat we pas om drie uur in de stacaravan konden.. Deze was overigens heel ruim en compleet ingericht met o.a. televisie, kachel, radioinstallatie. De zit- en eethoek waren prima, afgezien van een ietwat schuine eettafel. 😉

’s Ochtends kregen we al vroeg bezoek: de familie Eend waggelde rustig langs alle bewoonde caravans om te kijken of er soms nog wat brood over was. Uiteraard hadden we dat 😉

Het is best een groot resort, dus huurden we op de eerste dag twee fietsen om ons verblijf en het halen van boodschappen wat gemakkelijker te maken: bovendien is het leuk om een fietstochtje te maken in deze omgeving! De fietsen waren van het merk Gazelle en hoewel het even wennen was aan alleen een terugtraprem, ging dat al snel helemaal goed.

Op het resort vind je eigenlijk alles wat je nodig hebt: een zwembad, bowlingbaan, pooltafel, een restaurant, snackbar, terras, supermarkt en genoeg speeltuinen verspreid over het resort. Ook kun je er tafeltennissen en midgetgolf spelen.

Bij elke aankoop op het resort krijg je trouwens “Koos munten”, die de kinderen kunnen inruilen voor Koos Konijn gadgets tijdens de dagelijkse kinderdisco in het centrum. Mijn dochter voelde zich daar overigens al iets te groot voor, maar goed :-).

Ook de campingplaatsen voor gewone caravans zagen er trouwens prima uit.

Een ideaal park om met je gezin even te ontsnappen uit de sleur van alledag dus.

En als je echt geld over hebt, kun je een van de luxe beach houses huren die pal aan zee liggen!

Al met al een echte aanrader voor een vakantie in eigen land met het gezin!

fileStel, je hebt een rotdag. Je kent ze wel: iedereen heeft er wel eens eentje.
Zo’n dag waarop alles tegen zit. Niks loopt zoals je wilde, alles valt uit je handen. De hele dag door lijkt dan ook werkelijk alles mis te gaan: 

Je reed ´s ochtends al vol ergernis naar het werk, stapvoets, omdat er een behoorlijke file stond. Heb ik weer, dacht je. Je was bovendien al aan de late kant, doordat voor school een moeder haar auto heel asociaal scheef geparkeerd had, waardoor jij niet soepel door de kiss and ride zone kon rijden. Je was al wat kribbig opgestaan en de kinderen waren lastig, dus van ergernis foeterde je op hen. Op je werk goot je jouw kop koffie half over je nieuwe blouse, omdat jouw collega heel onhandig langs jou rende, zonder even uit zijn doppen te kijken.

Daarna startte je laptop niet op, waarop je ook nog eens een zeer onvriendelijke helpdeskmedewerker te woord moest staan om op gang geholpen te worden. Aan het eind van de dag, nadat je gehaast door de supermarkt rende voor een paar boodschappen, stond je je weer te ergeren in de rij, omdat het maar niet opschoot. Waarom zijn mensen toch altijd extra langzaam als ik net mijn dag niet hebt? dacht je, terwijl je ongeduldig van de ene voet op de andere voet wipte.

“Bah, alles zat vandaag tegen,” zei je ’s avonds tegen je partner, terwijl je het eten opschepte en iedereen aanschoof aan tafel.

Een echte typische rotdag, ja.

Alleen was je niet de enige.

De file waar jij in stond was veroorzaakt door een ongeval waarbij een moeder en een kind ernstig gewond raakten. De rest van jouw rotdag lagen zij in het ziekenhuis te vechten voor hun leven.

De “asociale” moeder die de kiss and ride zone blokkeerde was finaal de weg kwijt, omdat haar man haar de avond ervoor plots had verteld dat hij van haar ging scheiden.

Je kinderen waren lastig, omdat jij al kribbig op was gestaan ’s ochtends en zij jou probeerden op te vrolijken door een beetje onhandig de clown uit te gaan hangen.

koffievlekDe collega die jou de kop koffie over je blouse deed gooien, was overspannen en had een zieke vrouw thuis zitten, waar hij zo snel mogelijk weer naar terug moest, omdat hij mantelzorger voor haar is.

De onvriendelijke helpdesk collega had net vóór jouw telefoontje te horen gekregen dat zijn contract niet verlengd zou worden.

En aan het eind van de dag, toen jij je stond te ergeren aan die extra langzame mensen in de rij van de supermarkt, werd deze rij veroorzaakt door een vrouw met de ziekte van Parkinson, die aan de kassa met veel moeite het kleingeld uit haar portemonnee te voorschijn probeerde te halen.

Jij had een rotdag. Klopt. Zij ook.

27751709_1996612403688422_2558537857180198047_n
Trendwatcher Lieke Lamb voor RTL nieuws

Ik sprak met Nederlands bekendste Trendwatcher: Lieke Lamb. Een veelzijdige vrouw: spreker, trendwatcher, radiobekendheid, columnist en mede-eigenaar van het bedrijf Trendwatcher.com, dat zij samen met haar man Richard runt. Daarbij is ze moeder van vier kinderen en hoofdredacteur van de websites www.balancebabes.com en mama.nl. Geboren in Rotterdam in 1973, werkend en wonend met Richard en hun vier kinderen in Wassenaar. Een getalenteerde zakenvrouw met een neus voor trends, maatschappij en technologie. 

Je bent een veel gevraagd spreker. Hoe verliep jouw weg naar het podium?

“In de begin periode van ons bedrijf ging ik zelf het podium niet op. Ik vond dat niets voor mij. Er kwamen echter steeds meer aanvragen binnen voor lezingen over vrouwenzaken, waarop ik besloot het toch te doen. Mijn eerste lezing was meteen een grote: een zaal vol vrouwelijke CEO’s; de lezing moest bovendien in het Engels gegeven worden. Een echte sprong in het diepe dus, ontzettend spannend om te doen. Richard heeft me hier vanuit zijn ervaring in begeleid; ik heb er geen trainingen voor gevolgd. Na een heleboel lezingen te hebben gegeven over vrouwenzaken zoals het glazen plafond, ben ik ook langzaam steeds meer lezingen gaan geven met een technische achtergrond: ook over zaken waarmee ik vanuit mijn andere werkzaamheden (bijvoorbeeld adviestrajecten) te maken had.  Richard heeft aan de TU Delft gestudeerd: hij heeft van huis uit die technische achtergrond. Ik ben veel praktischer ingesteld en maak de vertaalslag naar de maatschappij: wat betekenen al deze ontwikkelingen voor het dagelijks leven? Hoe passen we de nieuwe technologieën toe?”
img_4705

Hoe heeft jullie bedrijf zich ontwikkeld?

“Als bedrijf zijn we snel gegroeid maar tegelijkertijd ook bewust klein gebleven. Er deden zich mooie kansen voor om ons bedrijf groter te maken, met een groter pand en personeel. Toch hebben we hier niet voor gekozen, ook vanwege onze vier kinderen. Ik ben naast zakenvrouw ook echt een familiemens. Mijn gezin staat voor mij altijd op één. Ik heb regelmatig nee gezegd tegen mooie carrière kansen. Ik zou dan zo veel in het buitenland moeten verblijven dat ik mijn kinderen amper zou zien. Dit was voor mij geen optie. Richard liet me hier overigens geheel vrij in: hij support alles wat ik wil doen.

16105560_1552721784744155_8533150096816045241_n
Lieke bij Omroep Max

Je gezin staat dus echt altijd op nummer één.

“Absoluut. Onze oudste dochter valt bijvoorbeeld buiten het onderwijssysteem. Wij hebben er een tijd voor gekozen haar toch zelf vanuit thuis  te gaan scholen. Dit jaar doet zij eindexamen aan het VMBO. Dat we haar op deze manier kunnen begeleiden kostte weliswaar veel tijd, maar ik zou het allemaal exact zo overdoen. Vanuit deze ervaring heb ik overigens ook de drive gevonden om het onderwijssysteem te wijzen op mogelijke verbeteringen. We moeten er voor vechten om kinderen die hun eigen manier van leren hebben, toch te laten leren.” 

14947892_1461215817228086_5988439113813996392_n

Samen wonen én werken. Is dat niet lastig? 

“Toen Richard en ik elkaar leerden kennen was hij al bezig met het oprichten van een eigen bedrijf, ik ben er dus vanuit mijn studententijd direct in mee gegroeid. We gingen samenwonen vlakbij een bedrijventerrein, waar we letterlijk briefjes in de brievenbus stopten van bedrijven, met de mededeling dat ze een website moesten hebben en dat wij die konden maken. Achteraf zo leuk om aan terug te denken! Richard en ik werken goed samen, onze huiskamer is ingericht in een L-vorm, waarbij de punt van de L met een glazen deur is afgescheiden: daarin zit onze werk-cockpit zoals we deze altijd noemen. Hierin werken wij samen. We weten altijd precies met welke projecten de ander bezig is, we vullen elkaar goed aan. Richard geeft me alle ruimte om te groeien. Ook met het betreden van het podium voor lezingen heeft hij me altijd gestimuleerd en gemotiveerd. Hij is dan heel trots. Ik heb geen trainingen gevolgd in het geven van lezingen, maar voordat ik het podium zelf betrad had ik wel al talloze lezingen bijgewoond en geanalyseerd, van Richard en andere sprekers. Toch is het dan weer anders om het zelf te gaan doen! Op een podium staan is confronterend; je kunt last krijgen van je eigen onzekerheden. Ik ben over die onzekerheid heen gegroeid, enerzijds door het opbouwen van steeds meer expertise en kennis, maar ook door het simpelweg te blijven doen. Wat mij in het begin hielp, was doen alsof ik een actrice was die speelde dat ze een spreker was met jarenlange ervaring. Klinkt gek, maar dat werkte onwijs goed.”

22688887_1866740123342318_2409836117543477088_n - kopie

Wat is jouw grootste talent?

“Met humor kort en krachtig informatie overbrengen. Daarnaast ben ik goed in het toepassen van de informatie op de luisteraar. Ik weet snel voor welk publiek ik spreek, wie mijn doelgroep is. Ik praat gemakkelijk, dat helpt. Ik zet de boodschap altijd duidelijk neer met concrete voorbeelden.”

Je bent van heel veel markten thuis en doet ontzettend veel. Als je vanaf vandaag nog maar één ding mocht blijven doen, wat zou dat dan zijn?

In het leven: Mijn kinderen begeleiden. Op werkgebied: Spreker zijn. Televisie maken is heel leuk maar ook eng: voor een zaal staan is veel fijner dan ik vroeger ooit zou hebben gedacht. De energie die je direct uit de zaal krijgt, de interactie met het publiek en daarop inspelen. Dat blijft uitdagend, ontzettend leuk en leerzaam. Een zaal meekrijgen geeft elke keer weer een enorme kick.”

Je richt je in je werk ook op trends rondom de feminisering van de maatschappij. Waar moeten we dan aan denken?

“Ik heb ontzettend veel lezingen gegeven over feminisering: lezingen over het glazen plafond en de work life balance. In eerste instantie was ik niet zo geëmancipeerd: ik was bijvoorbeeld de eerste van mijn vriendinnen die trouwde, ik nam Richards achternaam aan en startte als eerste met een gezin. Wel had ik een geëmancipeerde familie. Een van mijn tantes was zelfs een van de eerste gynaecologen in Nederland. Mijn moeder hamerde er ook altijd op dat vrouwen hun eigen broek moesten kunnen ophouden: mijn zus ging dan ook medicijnen studeren en werd huisarts. In de loop der jaren ben ik gegroeid in mijn emancipatie; door de lezingen die ik bijwoonde én zelf gaf, ging ik steeds meer nadenken over feminisering. Ik vind het belangrijk om onderwerpen bespreekbaar te blijven maken. Ik ben daar ook ontzettend mee aan de slag gegaan in de periode dat ik lezingen over deze onderwerpen gaf en heb een enorme liefde voor vrouwen vanuit de historie die iets groots hebben gepresteerd. Deze voorbeelden gebruikte ik dan ook in mijn lezingen. De maatschappij richt zich op een bepaalde manier in; ik vind het dan interessant om te kijken naar of iets heel gefeminiseerd of juist heel onderdanig is? Waar ligt de grens?”

23905636_1907024252647238_3138319992146646327_nWat is jullie toekomstvisie?

“Elk jaar geven wij een trendverwachting uit (gratis te downloaden op Trends2018.nl) waarin we ontwikkelingen samenvatten en op papier zetten. Richard en ik worden vaak geleefd door ons bedrijf en gezin. Eigenlijk willen we graag voor ons eigen bedrijf eens een heidag organiseren om met zijn tweeën onze toekomstvisie ook helder in kaart te brengen, maar het komt er tot nu toe nog niet van. Van de andere kant zijn we allebei ook erg flexibel en blij met hoe goed we kunnen inspelen op de behoefte vanuit de markt. Daar ligt ook onze kracht: we kijken wat er op ons pad komt. Zo vond ik het bijvoorbeeld fantastisch toen ik  politici mocht onderwijzen over wat er op technologisch gebied gebeurt: dit was echt onwijs gaaf om te doen en leverde weer een bak aan kennis en ervaring op. Onze manier van werken in combinatie met dat we klein zijn gebleven, maakt ons erg flexibel en snel. 

Die flexibiliteit past dus echt bij je bedrijf.

“Absoluut. Ook op persoonlijk vlak bleken we overigens enorm flexibel te zijn:  Vorig jaar hadden we een grote brand in ons huis, waardoor we acht maanden lang met ons gezin en bedrijf in andere huizen moesten bivakkeren. We hebben in die periode echt per dag geleefd. We moesten wel: iedere dag was het weer afwachten of het huis waar we in woonden nog wel beschikbaar zou zijn. Het was lange tijd ook maar afwachten wanneer ons eigen huis weer bewoonbaar zou zijn. Mijn kracht is om daar dan ook weer iets leerzaams uit halen. Ik vond het een waardevolle ervaring om mee te maken. Ik heb Syrische mensen Nederlandse les gegeven, die alles achter hadden moeten laten. Pas toen ons eigen huis in brand vloog, we onze eigen spullen kwijt waren, voelde ik zelf hoe je blijkbaar dus toch hecht aan je huis en spullen. Hier heb ik heel veel met de Syrische mensen over gepraat: zij lieten niet alleen hun huis achter, maar maakten daarbij natuurlijk ook nog verschrikkelijke dingen mee. Het relativeert je eigen situatie.”

Wat kunnen we nog verwachten? 

“We zijn momenteel bezig met de opstart van www.Trendwatcher.TV, omdat we zien dat veel kleine bedrijven zoeken naar een uitlaatklep in de media om zich te uiten. We willen via een eigen kanaal, Trendwatcher TV, bedrijven de kans geven om hun verhaal te doen.”

Voor meer informatie over Lieke en haar werk kun je terecht op haar website, www.liekelamb.nl

https://static.pexels.com/photos/23008/pexels-photo.jpg

We zeggen het tegen elkaar. We zeggen het tegen onze kinderen. “Trek het je niet aan.” Waarom trek het je niet aan naar mijn mening slecht advies is, zal ik uitleggen.

Degene die jou net over zijn probleem heeft verteld, zou het je waarschijnlijk niet verteld hebben als hij het zich niet al lang wel had aangetrokken. Er is een probleem, die persoon zit er mee, en dan kom jij met trek het je niet aan. Daar heb je dus helemaal niks aan, met je probleem.

Allereerst zeg je met trek het je niet aan eigenlijk: je moet je er niet druk om maken. Dat is heel goed bedoeld natuurlijk, maar daar heb je niet zo veel aan als je je er wel druk om maakt. Want dat doe je al. Anders zou je er niet over praten, toch?

Tegen kinderen zeggen we ook vaak dat ze het zich niet aan moeten trekken. Wat ik daar persoonlijk niet zo handig aan vind, is dat een kind dan het gevoel kan krijgen dat het probleem waar het mee zit, niet belangrijk genoeg is, niet mee telt, of in het ergste geval, dat het zich aanstelt. Want jij vindt dat het zich van dit probleem niets moet aantrekken, toch?

In plaats van trek het je niet aan kun je misschien beter het probleem valideren en samen op zoek gaan naar oplossingen. Want hoewel jij misschien denkt dat de ander dit probleem makkelijk naast zich zou moeten kunnen neerleggen, voor diegene is dat (op dit moment) niet zo gemakkelijk. Toch?

Benjamin, een kerngezonde jonge man in opleiding voor luchtverkeersleider, kreeg in 2010 – op zijn zevenentwintigste – plotseling een hersenbloeding door een aangeboren defect in zijn hersenen.

Hij vocht twee maanden in het ziekenhuis voor zijn leven, waarna hij nog ruim een jaar voor zijn herstel vocht in revalidatiekliniek Adelante.

image
Benjamin in het ziekenhuis

Van de ene op de andere dag stond het leven van Benjamin en zijn vrouw Marieke op zijn kop. Benjamin was toevallig die avond nog thuis gebleven; de dag er na zou hij vertrekken naar Amsterdam, waar hij doordeweeks verbleef om zijn opleiding tot luchtverkeersleider te volgen.

Op de badkamer voelde hij een enorme hoofdpijn en merkte hij dat de linkerkant van zijn lichaam het niet meer deed.

Hij riep zijn vriendin: “Marieke, er is iets mis.” Toen Marieke de badkamer op kwam, zag ze dat de linkerkant van zijn gezicht was gaan hangen en dat zijn linker arm niet meer werkte, waarna ze direct de nooddiensten inschakelde.

image
Benjamin in het ziekenhuis. Onder een koeldeken vanwege de hoge koorts / bacterie

Vanaf dat moment begint de achtbaan. In het ziekenhuis wordt hij geopereerd aan een aangeboren defect in zijn hersenen. Artsen kunnen lange tijd geen prognose geven. Het stel en hun familie leven weken lang in grote spanning. Daarnaast wordt Benjamin geteisterd door een bacterie, die zorgt voor langdurige hoge koorts en uiteindelijk ligt Benjamin een maand lang in coma op de intensive care.

image
Benjamin in het ziekenhuis (2010)

“Vanaf dat moment word je geleefd. Het enige dat telt is overleven. Je denkt nergens anders meer aan.”
Benjamin komt uit het ziekenhuis met een halfzijdige verlamming. Zijn lichaam is aan de linkerkant volledig verlamd. Artsen verwachten niet dat hij ooit nog zal kunnen lopen. Maar Benjamin en zijn vriendin Marieke houden hoop. “Ik dacht, ik zal ze laten zien dat ik het wel weer kan leren.”

Nu, vijf jaar later, loopt Benjamin weer. Er is veel gebeurd sinds die noodlottige avond. Na de revalidatie periode komt Benjamin in een tevens moeilijke periode terecht. “Wanneer je uitbehandeld bent, laat het revalidatie centrum je los. Je moet alles zelf doen. Alles is anders. Ik was altijd super zelfstandig en vroeg niet graag om hulp. Plotseling word je op jezelf terug geworpen. Het was een echt gevecht.”

Terug naar de opleiding in Amsterdam kan hij helaas niet meer. Maar thuis blijven zitten is geen optie: Benjamin zoekt net zo lang totdat hij Dynalean vindt, een werkgever die hem in zijn oude vakgebied (ICT) aanneemt.

“Na die gitzwarte periode heb ik Marieke ten huwelijk gevraagd. Ze is altijd naast me blijven staan, heeft me nooit los gelaten. Ik heb een enorm respect voor haar kracht en haar vertrouwen in mij. Ze zei volmondig ja. De trouwdag was emotioneel en erg mooi. Ik was zo trots dat zij mijn vrouw was geworden.”

image
Benjamin en Marieke op hun trouwdag

Na de bruiloft raakt Marieke in verwachting van hun zoontje, Dastan.
“Het is een wonder dat ook deze droom, die we ooit vanzelfsprekend achtten, ook uit kwam voor ons. Maar ook het krijgen van een kindje was een uitdaging. Met name in de dagelijkse verzorging is het wel eens pittig en probeer ik zo veel mogelijk om mijn verlamming heen te werken. Ik ben trots op onze zoon en hoe goed hij het doet. Ik had jaren geleden nooit durven dromen dat we nog eens een gezin zouden vormen.”

“De ambulance broeders dachten dat ik het ziekenhuis niet zou halen. De chirurg dacht dat ik de operatie niet uit zou komen. De fysiotherapeuten in het ziekenhuis dachten dat ik niet meer zou leren lopen. De mensen van de revalidatie kliniek dachten niet dat ik ooit nog voor een normale werkgever kon werken. Gelukkig ben ik eigenwijs en altijd vol blijven houden, en is me uiteindelijk meer gelukt dan wie dan ook ooit had verwacht.”

Nu, anno 2015, leeft het gezin samen en zijn ze sterker dan ooit. Benjamin weet nog steeds niet van opgeven.
“Dit was dan ook een goed moment om iets te doen voor Serious Request. Ik wil laten zien dat je alles kunt bereiken, als je er maar voor knokt. Ik besloot te gaan trainen voor een halve triatlon. Ik train daarvoor bij Anytime Fitness in Geleen. Ik hoop met mijn actie zo veel mogelijk geld in te zamelen voor kinderen in oorlogsgebied. Zodat zij ook kunnen vechten voor hun toekomst.”

Wil jij Benjamin steunen in zijn actie? Ga dan naar https://kominactie.3fm.nl/actie/ben-unstoppable en sponsor zijn actie!

Veel moeders werken tegenwoordig buitenshuis. Dat is leuk, maar het zijn vaak wel erg veel ballen die je tegelijkertijd in de lucht moet houden. Weet je af en toe niet meer hoe je het moet regelen allemaal? Groeit het werk je boven het hoofd? In deze blog vind je vijf tips die je leven als werkende moeder wat gemakkelijker maken. Heb je aanvullingen op deze tips? Laat hieronder een reactie achter!

1. Bestel je boodschappen!

Bestel online je boodschappen; dat scheelt je een hoop tijd.  Bron foto: www.ah.nl
Bestel online je boodschappen; dat scheelt je een hoop tijd.
Bron foto: http://www.ah.nl

Ik begin meteen met dé gouden tip voor iedereen die zijn tijd efficiënter wil indelen. Want natuurlijk is het niet je hobby om iedere dag weer die supermarkt in en uit te zeulen met tassen vol spullen. Al helemaal niet met een vermoeid, hongerig en te pas en te onpas weg rennend kind bij je.
Wat je kunt delegeren, is het halen van boodschappen. De meeste supermarkten bezorgen tegen een kleine vergoeding je boodschappen gewoon aan de voordeur. Vul online je boodschappenbestelling in, of stuur een e-mail naar je buurtsuper met je bestelling, en je hebt in één keer al je weekboodschappen in huis. It’s so simple!

2. Verdeel de taken goed (en eerlijk)
Als je een partner hebt, is het goed om vaste afspraken te maken over wie wat doet. Klinkt misschien kinderachtig, maar aan het eind van de dag wil jij niet degene zijn die alles doet, terwijl je partner lekker onderuit ligt op de bank. Eerlijk verdelen dus, die taken. Zorg er voor dat je beiden doet waar je goed in bent, en ben ook niet te beroerd om wat water bij de wijn te doen.

3. Je kids kunnen ook iets
Ook al doen ze misschien zeer vakkundig alsof dit niet zo is, toch kunnen kinderen (vanaf een bepaalde leeftijd) ook echt wel een handje helpen in het huishouden. Wijs een vaste tafeldekker aan, een vaste woonkamertafelopruimer, en spreek een dag in de week af waarop de kinderen zelf hun eigen kamer op moeten ruimen. Want laten we eerlijk zijn; als ze zich nog net niet verwaardigen om hun voeten op te tillen als jij langs komt met de stofzuiger, terwijl zij bezig zijn met hun spelletje op de i-pad, weet je dat het tijd wordt voor wat meer samenwerking binnen je gezin. Desnoods zet je een beloningssysteem op: wie zijn taken goed uitvoert, verdient het zakgeld van die week bij elkaar.

4. Poetsen
Als je je een huishoudelijke hulp kunt veroorloven, is het absoluut aan te bevelen om hulp van buitenaf in te schakelen. Zeker als je jezelf er op betrapt dat je om half twaalf ’s avonds nog de badkamer aan het poetsen bent. Bespreek het met je partner en bekijk of een hulp in de huishouding budgettair te doen is. Is dat niet zo? Spreek dan een vaste dag in de week af waarop jij en je partner het huis onder handen nemen. Teamwerk zorgt voor een stuk minder frustraties en een geëmancipeerde relatie, wat anno 2015 gewoon zo hoort natuurlijk.

5. Telefoon uit
Eh… wat zegt u? Telefoon uit?
We kunnen het ons bijna niet meer voorstellen: een mobiel die uit staat. Want hoe moeten we in vredesnaam een paar uur zonder Facebook, Twitter, Instagram, Pinterest, Snapchat, etcetera? Nou, gewoon, die knop in duwen en uit zetten. Je zult er van versteld staan hoe creatief je wordt, als je eens even niet aangekoppeld bent aan de rest van de wereld via je telefoon. Plotseling heb je weer tijd voor dat ene project dat je al zo lang wilde starten, zit je opeens toch dat fotoalbum in te plakken dat al vijf jaar lag te wachten, of haal je je hometrainer opeens toch van zolder. Telefoon UIT; leven AAN. Enjoy!

Gastblogger Jessica Maes vraagt zich af, waarom er nog zo weinig “roze” kleurplaten zijn, waar kinderen die uit een roze gezin komen zich mee kunnen identificeren. Want anno 2015 moet dat toch eigenlijk heel vanzelfsprekend zijn?

Een gastblog door Jessica Maes: Buiten de Lijntjes.

Gastblogger Jessica Maes

Afgelopen week was voor mij een week van verwondering. Een eerste verwondering was dat ik gevraagd werd voor dit gastblog (dank je wel, Chrisje!) en een tweede was toen ik het fenomeen `kleurboek voor volwassenen` ontdekte.

Bij kleurplaten voor volwassenen dacht ik direct aan niet-zo-kindvriendelijke, beetje vadsige prentjes, die je enkele kwartslagen moet draaien voordat je precies ziet wat het is… Dat mijn fantasie op hol was geslagen werd duidelijk toen ik de mandala´s en de bloemenpatronen in handen kreeg. Nu ik moet zeggen dat al het kleuren best meditatief werkte. Je gedachten dwalen af. Wel moet ik erbij vertellen dat ik er ook licht gefrustreerd van raakte. Ja, Ik kreeg het namelijk niet precies zoals ik het wilde en zo af en toe kleurde ik per ongeluk buiten de lijntjes… en kleurplaten die horen nu eenmaal binnen de lijntjes gekleurd te worden. Dat het maken van een kleurplaat helemaal hot and happening is, hoef ik hier niet meer te vertellen. Wie had dat ooit kunnen bedenken? Heel apart, zeker in een tijd met I-pads en andere nieuwe vrije tijdsbestedingen. Toch keren we terug naar het oude vertrouwde. De kleurplaat.

Kleurplaten de tand des tijds flink hebben doorstaan. Momenteel kleuren kinderen nog steeds dezelfde exemplaren in, die ruim 20 jaar geleden in zat te kleuren. Eigenlijk wel een gewaarwording! Er worden nog steeds heel standaard zaken afgebeeld. Neem nu bijvoorbeeld een kleurplaat met trouwen als onderwerp. Ik vond (via google) enkel trouwplaten waarbij een man en een vrouw trouwde. Geen enkele kleurplaat waar twee vrouwen elkaar het ja woord geven. En we zitten 2015… in Nederland… Kijk als we nu in 1902 in Oeganda zaten dan zou ik het begrijpelijk vinden. Maar hier en nu? Persoonlijk voelde deze ontdekking best wrang. Momenteel heb ik nog geen kindjes, wel heb ik een heel erge kinderwens. Ook val ik op vrouwen. Een combinatie die in 2015 best mogelijk en beginnend maatschappelijk aanvaard wordt. Echter; dit vind je dit niet terug in kleurplaten. Na enig zoek werk kwam ik wel bij een leuke website uit. Gayandschool. Daar zijn wel leuke kleurplaten terug te vinden. Met twee mama´s / papa´s… Lekker divers. Wel spijtig dat het er maar zo weinig zijn…

Vandaar dat ik samen met COC Limburg de stoute schoenen heb aangetrokken en hierin verandering wil zien. We besloten dat we op 20 juni een heel kleurboek gaan uitbrengen, met als hoofdthema gezinsdiversiteit. Dit doen we aan de hand van een wedstrijd. Mensen mogen dan een kleurplaat ontwerpen en inzenden. De 10 leukste halen het kleurboek. Meer weten? Surf dan naar http://www.veiligeschoollimburg.nl/component/content/article/18.html of mail je creatieve inzending naar: veiligeschoollimburg@coclimburg.nl. Zo worden ook kleurplaten weer helemaal actueel!