Tagarchief: begrijpen

Burn-out: de wereld door een waas

Er wordt zoveel gezegd en geschreven over het begrip burn-out: het zou een hype zijn, mensen zouden veel te snel roepen dat ze een burn-out hebben.

Ja, het lijkt nu inderdaad veel vaker voor te komen. Maar dit kan ook te maken hebben met de hoeveelheid aan keuzes die onze generatie heeft, de crisis en het feit dat mensen sinds de crisis met minder uren meer werk moeten verrichten. Of simpelweg met het feit dat er minder taboe heerst en mensen er dus vaker openlijk voor uit komen dan vroeger. Wie zal het zeggen.

Ik zelf heb een burn-out gekregen in december vorig jaar. Opeens kon ik geen antwoord meer geven op vragen van mensen: ik, die daarvoor overal ja op zei.

Opeens kon ik geen drukte meer aan: ik, die altijd de drukte juist op zocht en het niet druk genoeg kon hebben. Mijn hoofd leek te ontploffen; zelfs een bezoekje aan de supermarkt zorgde al voor hevige paniek.

Dat is overigens een minder besproken onderwerp; de symptomen van een burn-out. Voordat ik zelf een burn-out kreeg, dacht ik dat een burn-out hebben inhield dat je alleen nog maar kon huilen en slapen. Nu zijn dat zeker wel symptomen, maar lang niet de enige.

Een korter lontje, geheugenproblemen, paniekaanvallen, hoofdpijn, buikklachten, duizeligheid, hyperventilatie en slaapproblemen hoor je veel minder over, maar zijn net zo heftig.

Ook een depressie ligt op de loer; daar zit je dan met je verantwoordelijkheidsbesef en je perfectionisme: thuis, op de bank, als een bang, ziek vogeltje. Je hebt zoveel verantwoordelijkheden en opeens kun je amper nog iets aan. Als iemand aan je vraagt of je volgende week wil afspreken, moet je van triestheid bijna lachen: je weet immers niet eens wat je vanmiddag kunt!

Er bestaan heel veel “oplossingen” voor een burn-out: gedragstherapie, meditatie, wandelen, rustgevende middelen om te slapen, etc. Ook online beloven veel bedrijven dé oplossing voor je te hebben, als je je inschrijft voor een tien weken durend peperduur programma bijvoorbeeld.

Want uiteraard wil iemand met een burn-out er zo snel mogelijk weer van af: er wordt handig ingespeeld op het karakter van de persoon met de burn-out: zelfs in het herstel willen we zo goed mogelijk zijn.

Het antwoord is niet zo simpel. Dé instant oplossing bestaat ook niet. Het herstel heeft tijd nodig. Als je een burn-out hebt ben je vaak maanden of zelfs jaren over je eigen grenzen heen gedenderd: dat herstel je niet in een paar weken.

Je zet soms twee stappen vooruit en weer drie terug. Je wil soms de haren uit je hoofd trekken omdat je je gewoon weer “normaal” wilt voelen, zoals voor je burn-out. Maar dat gaat niet. Dat accepteren is misschien wel het moeilijkste van een burn-out.

Ik ben nog herstellende, en daar ben ik me volledig bewust van. De ene dag kan ik me al best aardig concentreren en de andere dag lukt dat voor geen meter. De ene dag kan ik de drukte best aardig aan, de andere dag wil ik al huilend weg rennen als er drie mensen om me heen staan, of als ik een gesprek moet volgen.

Dan welt de paniek op en wil ik het liefst mijn bed in kruipen. En het meest frustrerende hieraan is dat ik het zelf ook niet wil; ik wil me gewoon alleen maar weer de oude voelen. Maar de oude zal ik denk ik nooit meer worden. Dan hopelijk in elk geval een assertievere versie van mijn oude zelf, die goed voor zichzelf zorgt en opkomt. Ook al kost me dat nu nog heel veel energie.

Advertenties

Waarom mannen vrouwen niet begrijpen

Sorry dames, maar ik snap wel waarom mannen vrouwen soms niet begrijpen. Mannen zijn over het algemeen wat rationeler ingesteld en vinden duidelijkheid prettig. Zeg nou zelf: Een demonstratief geplaatste toiletrol op de trap is toch vooral leuk om overheen te springen?

Mannen willen gewoon dat vrouwen duidelijk zijn. Duidelijke vragen stellen. Dan zeggen zij daar ja of nee op. Niet zo moeilijk, toch?
En wat doen wij vrouwen?
Wij stellen geen duidelijke vragen. Wij geven HINTS.

We gaan op de bank zitten, het ene been over het andere, wiebelen onrustig heen en weer. En we zuchten. We zuchten wat af. We zuchten net zo lang en net zo hard, totdat de man wel moet opkijken van zijn gadget.

Dan vraagt de man, terwijl zijn laatste Angry Bird door de lucht vliegt: “Is er iets?”
Als we het echt op onze heupen hebben, zeggen we dan eerst: “Nee, er is niks, hoor.” met bijbehorende pruillip en blik richting parketvloer of nagels.

De man denkt dan: Mooi. Er is niks. En katapulteert vrolijk weer een vogel op zijn touchscreen. Ondertussen ontploffen wij bijna, want natúúrlijk is er wel iets, ziet hij dat dan niet?

Nee, dat ziet hij niet.
Hij werd gestoord omdat we wat harder ademden, maar toen hij ons vroeg of er iets was, zeiden wij nee. Daarmee is de kous af.
En natuurlijk is die kous niet af.
We HINTEN. We hopen dat hij onze lichaamstaal leest, dat hij in de oeverloze diepte van onze ogen kijkt en zegt “Schat, lieverd, ik zíe aan je dat er iets is, hoe kan ik je dag op empatische wijze weer goed maken?”

Maar dat doet hij meestal niet. Niet omdat hij niet wil: hij is zich gewoon van geen kwaad bewust. En dat Kwaad, waar hij zich niet van bewust is, zit naast hem op de bank, te wiebelen met haar pumps. Het wordt steeds kwader. Als we dan nog niet snappen hoe mannen communiceren, zuchten we nog eens heel diep, staan we demonstratief op, lopen we – onze hakken in het parket borend –  naar de keuken, waar we luidruchtig de vaatwasser gaan staan in- of uitruimen. Daarbij laten we pannen extra hard in de kast kledderen, kijken we van hoe ver af we het bestek in de besteklade kunnen mikken, en als we écht irritant zijn – en dat zijn we soms – mompelen we ook nog wat binnensmonds, net hard genoeg dat hij het kan horen, maar te zacht om te verstaan.

Soms schrikt de man dan op van zijn Angry Birds spelletje, door zijn eigen vleesgeworden angry bird, die in de keuken smijt met pasta-tangen en bakjes. Hij denkt dan, huh, er was toch niks, waarom is ze dan zo luidruchtig bezig? en krabt zich eens achter zijn oor. Als hij niet al te bang aangelegd is voor lichamelijk letsel, brengt hij zijn gadget in veiligheid en durft hij de keuken in te komen lopen om te vragen of het gaat.

En dan, nou, dan is het prijs.
De man staat niets vermoedend te kijken terwijl de tsunami achter hem opdoemt en losbreekt. Een stortvloed van verwijten, die zich uren, dagen, weken, of zelfs jarenlang hebben opgehoopt, wordt in één keer op die arme kerel losgelaten. “Natuurlijk gaat het niet!” schalt het door de keuken, gevolgd door een stroom van verwijten, meestal opgebouwd in de loop van de dag – en als we het echt op onze heupen hebben, zit in de stroom van verwijten nog een aantal verwijten van vorige week, vorige maand, die ene keer dat hij flirtte in de Efteling, of een oude koe van tien jaar geleden.

De man vraagt zich af waar dit alles in godsnaam vandaan komt, en hoe het kan dat zijn anders toch best lieve en redelijke vrouw nu door de keuken raast als een oververhitte vrouwelijke Donald Trump. Hij snapt niet waar ze het vandaan haalt, al die verwijten, en wat hij in vredesnaam misdaan heeft. Bovendien had hij bijna level 32 van Angry Birds gehaald, en dat wil hij eigenlijk graag af gaan maken.

Maar de vrouw interesseert zich niet voor zijn gadget of vogels; zij weet weet wél wat hij misdaan heeft. Ze zal het hem eens haarfijn uitleggen, nu ze toch bezig is. Aan het einde van zo’n tsunami – die opvallend vaak voorkomen tijdens de hormonale, maandelijkse death wish dagen – laat ze de man verbouwereerd achter, terwijl ze haar heus gaat snuiten op het toilet, en vraagt hij zich af hoe zijn leven er uit zal zien als vrijgezel. De vrouw echter, is de tsunami kwijt, voelt zich wellicht ook een tikkeltje schuldig, want zo kwaad had ze het nou ook weer niet bedoeld.

Mannen zeggen meestal direct wat hen dwars zit. Ik vind dat heerlijk.
Vrouwen zijn daar soms een beetje jaloers op. Want de hele week rondlopen met zo’n opgebouwde tsunami van in je buik, dat is niet fijn hoor. Dat blijft borrelen, en ten slotte, tja, dan moet-ie er uit. De vraag is alleen wanneer. Vrouwen spelen fervent hints met mannen, maar het spelletje wordt nooit echt begrepen aan de andere kant.
Als wij zeggen “Pffff, de zolder moet weer eens opgeruimd worden.” denken mannen “Daar heeft ze gelijk in.” en hij gaat verder met zijn denkbeeldige vechtscène in Modern Warfare.

Hij gaat echter op geen enkele wijze er van uit dat wij daar mee bedoelen “JIJ moet de zolder weer eens opruimen. En met weer eens bedoel ik NU.” Aangezien we geen vraagteken achter de zin zetten, voelt hij zich in het geheel niet aangesproken. En als we heel eerlijk zijn, is dat ook niet zo gek. Want als we willen dat hij iets doet, waarom vrágen we het dan niet gewoon? Hij denkt dat we gewoon een feit constateren. En mannen zijn de flauwste niet: dat mag!

Enfin. Om een lang verhaal niet nog langer te maken, snap ik dus wel, dat mannen ons soms niet begrijpen. Godzijdank kunnen we ondanks alle emancipatie toch nog best lief zijn, die andere 28 dagen van de maand. Genoeg tijd voor de man om weer op te laden en de vrouw om verwijten te verzamelen voor de volgende keer.

Als de prins op het witte paard een groot kind op een Shetlandpony blijkt te zijn 😂

“Ik heb hem al zo vaak gevraagd me meer te helpen, maar hij doet het maar niet!”

Er zijn nog steeds veel mannen die zich in de begin periode van een relatie voordoen als een ware prins op het witte paard, waarna ze zich na verloop van tijd (lees: als de buit binnen is) ontpoppen tot hooguit nog een lui groot kind op een verwaarloosde Shetlandpony.

De mannen die van thuis uit emancipatie hebben meegekregen – of het zichzelf hebben aangeleerd (omdat ze volwassen werden) zijn er gelukkig steeds meer, maar toch zijn er helaas ook nog steeds veel mannen die denken zich ernstig te zullen verwonden als ze eens een keer zouden poetsen.

Daarbij halen ze van alles uit de kast: ze kunnen het toilet niet poetsen, want dan ontstaan plotselinge braakneigingen, ze “kunnen niet opruimen” want ze “zien rommel nu eenmaal niet liggen”. Geef me één huishoudelijke taak en dit soort mannen geeft je drie excuses om ze niet te doen.

In de tijd die de vrouw vervolgens besteedt aan het onrecht dat hier aan ten grondslag ligt, heeft ze de betreffende taak al tien keer zelf gedaan, dus geeft ze van vermoeidheid maar op: en zo is het cirkeltje rond, en zijn doel bereikt. Vrouwen zijn er immers toch voor gemaakt om het huishouden te doen?

Van pure ellende gooit ze de handdoek maar in de ring. En ze moet hem daarna zelf oprapen en wassen. Waarna ze hem zelf moet strijken en in de kast leggen, want dat zal haar liefste niet doen: die is veel te druk met gamen of hele belangrijke dutjes. Ook al heeft zij net zo hard gewerkt als hij.

Waar de man de eerste tijd nog heel hoffelijk en galant was, zit hij nu ongeïnteresseerd voor zich uit te staren, met zijn tenen te spelen of met zijn telefoon, roept hij af en toe lachend “Liefje, trek eens aan mijn vinger!” naar haar en laat hij alle lichamelijke gassen vrolijk de vrije loop. Wat dan ook wel weer grappig kan zijn, alleen de vrouw heeft geen tijd meer om te lachen want ze is druk bezig met ALLES wat hij niet doet.

Terwijl de allerlaatste vlinders uit de buik van de vrouw vertrekken, vraagt ze zich af wat er nou toch gebeurd is met die eens zo charmante man, die haar veroverde. De PlayStation is dingend, terwijl hij echt al drie dagen geleden dringend het vuilnis buiten moest zetten en inmiddels de vuilniszakken náást de afvalcontainer in grotere getale aanwezig zijn dan de zakken ín de afvalcontainer.

Waar ging het allemaal mis? Vraagt de vrouw zich af, terwijl ze zich afbeult als huissloof in stralende afwezigheid van haar ooit zo geëmancipeerd lijkende prins. Als er ook nog kinderen bij zijn gekomen, mag ze vaak ook daar de volledige zorg voor dragen, want hij is immers véél te druk. (Je kunt inderdaad ook heel druk zijn met je ouderlijke verantwoordelijkheden ontwijken!)

Kan dit ongeëmancipeerd exemplaar op zijn Shetlandpony veranderen? Kan zij hem er toe bewegen haar en haar behoeften wel te zien staan? Kan ze hem doen inzien dat zij heel veel dingen doet, meer dan hij inziet?

Nou, dat weet ik niet. Veel van dit soort mannen veranderen helaas niet. Het enige wat de vrouw kan doen is stoppen met 100% doen en nog maar 50% doen. Grenzen stellen en voet bij stuk houden. Dit loslaten en als hij nog steeds niks doet, de boel maar eens laten lopen. Net zolang tot het voor hem ook eens vervelend wordt. Wie niet horen wil, moet het misschien eens zien, voelen, ja uiteindelijk zelfs ruiken.

Als dat allemaal niet werkt, kan de vrouw ook eens een weekje of twee op vakantie vertrekken en hem alleen in huis laten, maar als het echt een onverbeterlijk groot kind is, belt hij zijn moeder (wiens rol jij zo mooi over had genomen) om hem te helpen. Als het laatste gebeurt, is het misschien een goed idee om als vrouw zijnde iets langer op vakantie te blijven. En met iets langer bedoel ik voor altijd. En met op vakantie bedoel ik in haar eigen huis, waar ze een kind minder heeft om voor te moederen. Zodat ze een gelijkwaardig partner kan vinden, in plaats van een extra kind, dat haar alleen charmeert om haar binnen te halen en vervolgens als voetveeg gebruikt als hij weer op zijn gemak is.

Waarom vrouwen andere vrouwen niet begrijpen

Na mijn blog over waarom mannen vrouwen niet begrijpen, wordt het nu hoog tijd voor een blog over een ander bekend fenomeen: haat en nijd onder vrouwen.

Want ook vrouwen begrijpen hun eigen geslacht niet altijd even fantastisch.
Zoals de bekende spreuk luidt: als mannen de wereld leiden, is er oorlog. Als vrouwen de wereld zouden leiden, zouden er alleen een heleboel landen vuil naar elkaar kijken. Wat is dat toch, met vrouwen onder elkaar? Waarom is het vaak zo ingewikkeld? Waarom gunnen we elkaar niet zo veel?

Om te beginnen kijken vrouwen naar andere vrouwen om zich met dat exemplaar te vergelijken. Is ze mooier? Is ze slanker? Is ze grappiger? Waarom kan ik niet zo op hoge pumps lopen zonder om de meter een enkel te verstuiken? Waarom kan zij wel bevallig lachen en waarom kan ik niet lachen zonder te knorren? Waarom staat dat jurkje haar zo goed? En waarom staat dat zelfde jurkje mij als een vuilniszak? Waarom kan zij wel kroketten bunkeren zonder een gram bij te komen en word ik van die zelfde kroket de dag er na een kilo zwaarder wakker? Waarom heeft zij haar huis altijd zo netjes en is het bij mij maar een keer per week, namelijk de eerste drie minuten na het poetsen, alweer alsof er een tornado door ons huis heeft geraasd? Waarom Waarom Waarom? En zo verder.

Vrouwen zijn vaak (niet allemaal, maar dat begrijpt u wel) naar mijn mening veel te perfectionistisch. We willen graag de perfecte vrouw zijn, de uitmuntende werknemer, de goede vriendin en de perfecte moeder. We zijn soms zo diep onzeker over ons zelf, dat we het altijd wel op één vlak verliezen van welke andere vrouw dan ook. 
En dat vergelijken, daar zouden we eens mee moeten stoppen. Want we maken het elkaar niet makkelijk er mee. En ons zelf ook niet.

Die ene slanke vrouw wil misschien juist graag wat bijkomen. Of heeft een mega complex over haar neus. Die vrouw met die prachtige krullen droomt misschien al haar hele leven van steil, glad haar. Die vrouw met de super carrière en veel geld, huilt zichzelf misschien wel in slaap vanwege de druk die op haar schouders rust. Die vrouw die dat jurkje zo mooi draagt heeft misschien wel een enorm slecht huwelijk. Je kunt de mensen immers niet in het hoofd kijken.

In plaats van te misgunnen, zouden we elkaar juist eens wat meer de hemel in moeten prijzen. In plaats van vuil kijken vanwege jaloezie, zouden we ons wat vaker kunnen concentreren op onze eigen pluspunten.

Dat gaat ongeveer zo: Ja, ik ben dan misschien geen perfecte moeder, en ik heb geen maat 34, maar ik doe wel mijn stinkende best. En ja, mijn huis is vaak tornado waardig, maar er wordt wel geleefd. En ja, zij lacht bevallig, maar die vervloekte knor aan het einde van mijn lach, maakt andere mensen wel altijd aan het lachen. En ja, zij lijkt perfecter, maar zij heeft vast weer andere problemen.

Kortom: een beetje liever voor jezelf = een beetje liever voor anderen. We doen immers allemaal maar ons best. Toch?

Hoe het echt is om een moeder te zijn!

moedeMoeder zijn is in het begin vooral pijnlijk, maar dat fysieke deel houdt gelukkig meestal op, (een tijdje) na de bevalling. Daarna is het vooral mooi, prachtig, zwaar en grappig, onzeker makend, verwarrend, angstaanjagend en tegelijkertijd het mooiste ooit, uitdagend maar ook vervullend. Moeders zijn nooit zonder zorgen. Of het nu kleine zorgen zijn, of grote. Moeders dragen hun kind, letterlijk en figuurlijk. Moeders stoppen pas met zich zorgen maken om hun kind(eren), op het moment dat ze hun laatste adem uitblazen, en gaan waarschijnlijk zelfs daarna nog door, vanuit het hiernamaals.

Vragen
Moeders stellen vooral veel vragen: Hoe was je dag? wil je een kusje er op? Waar heb je dat kraaltje precies ingeduwd? Waarom heb je op de muur getekend? Wil je dat ik je help met je huiswerk? Waarom zou mama nou haar telefoon in de koelkast hebben gelegd? Zal ik de juf dan vragen of dat kan? Waarom heb je de rol toiletpapier helemaal uitgerold en om je bed heen gespannen? Sta je op? Sta je nu dan op? Kom je nu echt uit bed? Je weet dat ik van je hou, toch?
Maar meer nog, beantwoorden moeders dagelijks honderden vragen. Over de gekste dingen. Van waarom de aarde draait, of rond is, tot waarom een pleister nodig is, of niet, waarom iets niet mag (een keer of dertig per dag) waarom de verf nog niet droog is, waarom die jongen haar plaagt, waarom de juf hem niet begrijpt, waar kinderen vandaan komen, waarom in je neus peuteren in het openbaar niet netjes is, waarom je goed moet eten, en zo verder (en verder, en verder, en verder…)

Moeders. Het zijn net echte mensen.
Moeders slapen vaak licht. Worden wakker zodra het alarmerende MAMAAAA uit de naastgelegen kamer klinkt. Moeders offeren zich op, gaan mee in het ritme, zouden hun leven in een seconde geven voor hun kind. Moeders lachen, huilen, kunnen leugens ruiken en boze dromen verjagen. Moeders pakken aan, nemen uit handen, vangen op, rapen op, verlenen eerste hulp, leren schrijven, leren lezen, leren rekenen, en proberen te leren los te laten. Moeders proberen de andere kant op te kijken en hun kind zelf fouten te laten maken. Moeders vergoelijken, vergeten, vergeven en verwijten bij momenten ook. Het zijn net echte mensen.

Strenge moeder
En het strengst zijn moeders niet voor hun kinderen, maar voor zichzelf. Doe ik het goed? Help ik mijn kind goed genoeg? Help ik mijn kind niet te veel? Geef ik hem of haar genoeg aandacht, of te veel? Stimuleer ik hem of haar genoeg, of moet ik hem of haar wat meer loslaten? Praat ik genoeg met de juf en de moeders op het schoolplein? Moet ik nu wel of niet ondersteunen bij de voorbereiding voor de Cito toets? Moet ik nu wel of niet iets zeggen tegen dat kind dat mijn kind pest? Moet ik wel of niet zorgen voor extra begeleiding? Geef ik nu te veel of te weinig cadeau’s, zakgeld, kleding, eten? Moet ik mijn kind nu al inschrijven voor die school, of ben ik dan beschamend vroeg? Maar als ik wacht, ben ik dan niet asociaal laat? Hoe pakken andere moeders dit aan? Vragen andere moeders wel eens om hulp? Ben ik een slechte moeder, nu ik na zeven nachten met amper slaap mijn kind een nachtje naar oma breng? Gaat mijn kind te veel naar de opvang? Of houd ik het te veel thuis? Knuffel ik mijn kind te weinig, of knuffel ik het te veel? Geef ik mijn kind genoeg complimenten of te weinig?

Snikken boven de babykleertjes
Het is het zwaarste wat er is, en het mooist. Het verschuiven van je eigen belang voor het belang van je kind gaat vanzelf, vanaf de eerste dag. Vanaf het moment dat je een kind hebt ga je shoppen voor jezelf en kom je terug met een zak vol kleren voor je kind, ga je een dagje weg voor jezelf en denk je de hele dag aan je kind, ga je werken met plezier, maar ga je met nog meer plezier daarna je kind weer ophalen. Ruik je aan babyhaartjes, gewoon, omdat ze zo lekker ruiken. Mis je de babytijd als die voorbij is, hoe zwaar die ook was. Sta je te slikken en te snikken bij het weg doen van babykleertjes, huil je bijna mee als de lievelingsknuffel kwijt is geraakt, loop je met een brok in je keel weg als je je kind voor de eerste keer naar de opvang, peuterspeelzaal of school brengt. Waar je vroeger nog met droge ogen kon kijken naar geboortes op televisie, schiet je nu vol. Het moederschap verandert je leven compleet, en het houdt je constant een spiegel voor. Ook als wat je in die spiegel ziet, confronterend of niet fijn is. Het maakt je zwakke plekken zwakker en je sterke punten krachtiger. Wie aan je kind komt, maakt de leeuwin in je los, waarvan je vroeger het bestaan misschien niet eens kende.

Achtbaan
Het is nooit voorspelbaar, geen dag hetzelfde, en hoe zeer je ook probeert alles te plannen, het loopt altijd net iets anders dan je had gedacht. Je hebt de rest van je leven vierentwintiguursdienst, zelfs als ze de deur uit zijn. Alsof het moederschap een achtbaan is: beangstigend, en net als je denkt “Waar ben ik aan begonnen?” wordt het weer zo leuk dat je zelf weer zo blij wordt als een kind. Je wordt aanbeden, op handen gedragen, weggeduwd en terug geroepen. En hoe vermoeiend en verwarrend het ook allemaal lijkt te zijn; het gaat precies zoals het moet.

PS: De naam moeder kan overal vervangen worden door vader, behalve dan wat betreft de bevalling.

Waarom mannen wel romantisch zijn

bron foto: vrouwblog.nl

Romantiek. Veel vrouwen verlangen er naar, slechts weinigen ervaren het. Althans, de standaard definitie van romantiek. Daarmee bedoel ik onder andere: Diner bij kaarslicht, rozenblaadjes op het dekbed, boottochten waarop je samen Titanic achtig staat te balanceren op het randje van de boot, pagina’s lange liefdesbrieven, elkaar diep in de ogen staren en dansen aan zee, met champagne.
Dat is immers romantiek, toch?

Of is dit soort romantiek een levensgrote leugen, sponsored by de filmindustrie?

Als je aan dat soort dingen denkt bij het woord romantiek, zal je relatie op den duur onherroepelijk een aaneenschakeling van teleurstellingen zijn. Slechts een klein percentage mannen houdt het tien jaar vol om je regelmatig te blijven verrassen met zijn romantische gebaren. Laten we realistisch blijven: hoe langer de relatie duurt, hoe kleiner de kans op romantiek. Toch?

Als de relatie al wat langer bestaat, het nieuwe er af is en de verliefdheidsvlinders zijn neergestreken in je buik, dan kost het wat meer moeite om de boel romantisch te houden. We worden vaak geleefd door ons werk, onze kinderen, onze huishoudens en zo verder. Een gejaagd bestaan, tussen kantoor, kinderdagverblijf en thuis; niets is zo killing voor je romantiek als de sleur van het dagelijks leven.

Tenminste: als je romantiek blijft zien zoals de films het voorschrijven.

Want romantiek, zo heb ik geleerd, zit verstopt in veel kleinere, minder opvallende, dagelijkse dingen. Romantiek in een langdurige relatie zit hem niet per se in het dansen, het zwiepen op een boot, het in katzwijm vallen in elkaars armen. Romantiek in een volwassen, langdurige relatie gaat verder dan dat. Je moet het alleen herkennen en erkennen als zijnde een vorm van romantiek.

Dat hij midden in de nacht met je zieke kleuter liedjes staat te neuriën, zodat jij nog wat kunt proberen te slapen, bijvoorbeeld. Dat hij je angsten en onhebbelijkheden kent en toch bij je blijft. Dat hij je zonder er over na te denken beschermt, als er iets ergs dreigt te gebeuren. Dat hij het voor je opneemt als je aangevallen wordt. Dat hij volschiet op het moment dat jullie kindje geboren wordt. Dat hij je troost bij verlies, en van iedereen het meest blij voor je is als het goed gaat. Dat hij je een rolletje toiletpapier brengt, omdat hij weet dat het op is. (dat hij het soms ook zelf heeft opgemaakt, dat moet je dan maar even voor lief nemen). Dat hij precies weet hoe hij je aan het lachen kan maken, na een zware dag. Of dat je via via hoort dat hij zo trots op je is, en nog steeds over je opschept tegen zijn vrienden. Je kunt me voor gek verklaren, maar ik zie daar onvervalste romantiek in doorschemeren.

De meeste mannen (en ook genoeg vrouwen, weet ik uit ervaring) hebben op den duur een probleem met romantiek in de film-vorm, omdat het vaak zo gemaakt aanvoelt. Geforceerd zelfs. Als je het niet van nature in je hebt om hele romantische daden te verrichten, dan voelt het alsof je een rol speelt, wanneer je die rozenblaadjes over het bed strooit.

Maar als je romantiek ziet voor wat het is, namelijk het accepteren en aanvullen van elkaar, daar waar de ander het nodig heeft, dan zou het zomaar eens kunnen dat je relatie stiekem blijkt te barsten van de romantiek. Zelfs als je ook af en toe “Trek eens aan mijn vinger” te horen krijgt.