Categorie archief: Echte Moeders

Vraag NOOIT aan een vrouw of ze zwanger is!

Nee, het is nooit, ik herhaal NOOIT een goed idee om aan een vrouw te vragen of ze zwanger is. Voor diegenen die zich afvragen waarom: Luister. Als een vrouw inderdaad zwanger is, is er een reden dat ze het jou nog niet heeft verteld. Misschien heeft ze eerder wel al eens een miskraam gehad en is ze bang om het te vertellen, of wil ze gewoon wat langer wachten. Hoe dan ook; je hebt er niets mee te maken en als ze het wil delen, dan doet ze dat vanzelf wel.

Als een vrouw niet zwanger is, dan heb je grote kans dat je haar zojuist enorm beledigd hebt met je ongevraagde bemoeienis. Ja, zo werkt dat bij veel vrouwen. Daarbij zijn er vrouwen die na de bevalling nog een tijdje (in mijn geval, bijna acht jaar, maar daar hoeven we het niet over te hebben, haha) nodig hebben om weer even back in shape te komen. Hoe dan ook: be-moei-je-er-niet-mee!

man-couple-people-woman

Ik heb de beruchte vraag zelf gelukkig nog nooit gekregen, maar ik ken slankere vrouwen in mijn omgeving die ‘m wel kregen, bijvoorbeeld doordat ze een wat holle rug hebben, een paar kilo’s aangekomen waren na de kerst, of omdat ze toevallig een opgeblazen dag hadden. Naast het feit dat je er al buitenstaander niets mee te maken hebt, kun je met deze bemoeizuchtige en ongepaste vraag ook nog eens een heel gênant moment creëren voor jezelf, met een rotgevoel voor de dame in kwestie aan wie je de vraag stelt. Enige manier om dit te voorkomen: Gewoon. Nooit. Vragen! 

Advertenties

Basisdingen om te voorkomen dat je je kind opvoedt tot professioneel hufter.

Er zijn een aantal dingen die je als ouder kunt doen, om er voor te zorgen dat je kind later geen onnoemelijke rothufter wordt. Het lijkt voor de hand liggend, maar toch.

Dankjewel en alsjeblieft 

Van onschatbare waarde. Als iemand zegt “doe mij eens friet” zal ik niet snel geneigd zijn om te gaan rennen. “Mag ik alsjeblieft …” klinkt een stuk vriendelijker, het kost niets en het opent deuren die anders gesloten blijven. 

Dankjewel zeggen is ook al zoiets, dat sommige kinderen tegenwoordig niet meer lijken te kennen. Blijf er op hameren dat je kind netjes dankjewel zegt; het hoort bij de basis van beleefdheid en ze hebben er de rest van hun leven profijt van, als ze in de grote mensen wereld verder willen later.

Bescheidenheid

Je bent niet meer of beter dan een ander. Dus ook je kind niet. Voorkom prinsessen en prinsen syndromen en zorg ervoor dat je kind bescheiden is en vooral dat het leert niet neer te kijken op anderen, hoe anders het ook denkt dat ze zijn. Niemand is meer waard dan een ander. Nooit.

Zerotolerance beleid voor pesten

Hoe zeer ik ook van mijn kind houd, als ik er achter zou komen dat het andere kinderen zou pesten, dan zwaait er wat. Natuurlijk denk je in eerste instantie altijd, dat doet mijn kind toch niet? Maar als dan blijkt dat je kind dat toch echt wel doet; grijp in. Je kunt hier niet de oogkleppen voor op doen, hoe lief je je kind ook hebt.

Niet wijzen in het openbaar

Het lijkt heel simpel, maar dat is het niet. Kinderen merken snel op als er iets anders is dan anders, en zijn geneigd dan te wijzen of te staren. Leer je kind zo vroeg mogelijk dat het niet netjes is om te wijzen, al is het maar omdat dat heel onprettig is voor de persoon waar naar gewezen wordt (die weet immers misschien niet eens waarom je kind wijst).

Telefoon of tablet 

Als je een telefoon of tablet hebt, wil dat niet zeggen dat dat je vrijpleit van enige sociale interactie. Prima als kinderen zo’n apparaat bij zich hebben als ze ergens heel lang moeten wachten of op een verjaardag met alleen maar ubersaaie volwassenen (boring!), maar zorg er voor dat je kind wel nog echt antwoord geeft wanneer hem of haar iets gevraagd wordt, dat er nog fatsoenlijke begroetingen uit komen en dat er interactie blijft. 

Anders heb je zo’n suf zombie kind, dat later niet kan netwerken voor zijn carrière, of dat heel veel spijt krijgt, van te weinig gesprekken met oma. 

Eigenlijk zijn al deze punten zo voor de hand liggend als maar kan zijn. Toch denk ik, dat het niet verkeerd is om het de wereld in te slingeren. Je weet wel, voor het geval dat. 

NINJAKINDEREN (je hoort ze nooit aankomen)

Kinderen hè. Die hebben een gáve. Het is de gave van de aanwezigheid. Want, echt hè. Ze zijn er altijd, overal. Waar je ook gaat. Als een soort ninja’s besluipen ze je op de meest onverwachte momenten. Ongehoord.
Als ik bijvoorbeeld mezelf eindelijk eens een lekker koekje wil gunnen, en er is er nog maar één van, dan kan het natuurlijk eens zo zijn dat ik denk; sorry hoor, vandaag is het mama-time, die laatste is dit keer gewoon voor mij.

Even daarvoor had ik nog gecontroleerd; Kind zat nog met half open hangend mondje gehypnotiseerd televisie te kijken, al zeker een half uur. Me veilig wanend sloop ik naar de keukenkast, waar ik behoedzaam en geruisloos de kastdeur opende en als in een mission impossible film de doos koekjes richting aanrecht verplaatste, en BAM: naast me stond Kind, als uit het niets verschenen op ninjasokjes, verontwaardigd naar mijn koekje te kijken. “Voor mij?”

Girl Watching the Cake on White Ceramic Round PlateEen goede moeder zou dan natuurlijk lieflijk glimlachen en zeggen “Natuurlijk, schatje.”. Maar ik, als soms wel oververmoeide, dietijdvandemaandoverlevende alleenstaande moeder, moest daar dan toch echt even over nadenken. Want, natuurlijk, je kind is je alles en zo. Maar, van de andere kant, CHOCOLA.

Vertwijfeld stond ik me af te vragen waar Kind toch dat zesde zintuig vandaan haalt als het om lekkers gaat. Van de andere kant groeide mijn respect voor haar, terwijl ze standvastig deelnam aan de langste staredown van haar leven, hier in de keuken. Het koekje bleef tussen ons in liggen, de wedstrijd van de langste adem was begonnen.

Na een tijdje keek ze op van het koekje, keek mij aan en zei “Weet je wat, ik breek hem, en dan mag jij het grootste stuk. Want precies doormidden lukt me toch bijna nooit. Is dat een oplossing?” Ik knikte, aaide haar over haar hoofd en sprak mezelf van binnen vermanend toe, want ik hoopte in mijn hoofd op een heel groot stuk. Daarna bedacht ik dat ik haar wel probleemoplossend denkvermogen bij breng op deze manier, en voelde ik me iets minder slecht, met mijn 60% koekje.

Leerkrachten, jullie zijn Bazen!

pens, school, colorful

Ze krijgen tegenwoordig de meest uiteenlopende problemen voorgeschoteld; leraren en leraressen. Waar vroeger de leerkracht meer op een afstand stond, is hij of zij tegenwoordig veel meer betrokken bij kinderen en hun ouders.

Diagnoses, onderzoeken, rugzakjes, speciale behandelingen, dyslexie, concentratieproblemen…. Met de betere manier van onderzoeken en diagnoses stellen worden (gelukkig) steeds meer kinderen op tijd gediagnosticeerd. Maar met deze diagnoses komen ook extra taken. Extra uitleg.

In het kader van passend onderwijs proberen scholen zo goed mogelijk het onderwijs aanbod aan te passen aan de behoeften van het kind. Waardoor leerkrachten veel flexibeler moeten omspringen met de wensen en behoeften van het kind. En dan te midden van een (vaak volle!) klas met 25 kinderen of zelfs meer.

Ik moet zeggen, ik heb er veel respect voor. Leerkrachten krijgen geen tonnen salaris voor hun werk, maar zij doen het vaak wel vol overgave en met oog voor de kinderen.

Ze horen de verhalen aan, troosten bij verdriet, moeten altijd up-to-date blijven qua vakkennis, hebben vaak na schooltijd nog tig uren werk aan vergaderingen en toetsen beoordelen, ze bemiddelen bij conflicten en moeten tussendoor ook nog er voor zorgen dat ze genoeg kennis overbrengen op onze kinderen, zodat ze klaargestoomd worden voor de toekomst. Ga er maar aan staan.

En of het nu de meest dankbare job ter wereld is…? Vaak wordt bij problemen direct met het verwijtende vingertje richting leerkracht gewezen. Ik vind dat niet terecht. Ga jij maar eens een hele werkdag voor een grote groep kinderen staan met allemaal verschillende karakters, en zie dat maar eens de hele dag onder controle te houden.

Natuurlijk gebeuren er dingen buiten hun zicht, simpelweg omdat ook leerkrachten geen ogen op hun rug hebben.

Ik vind dat men wel eens vaker wat waardering voor leerkrachten mag uitspreken. Dus heeft jouw kind zo’n fijne juf of meester / leerkracht? Laat het ze ook eens weten. Ze krijgen al genoeg ellende te horen, een keer een compliment is ook fijn. Ze zijn immers ook sleutelfiguren in het klaarstomen van onze kinderen voor de toekomst.

Inspirerend: Wees de hotdog in een kamer vol prinsessen!

Soms vergeet je wel eens even bijna wat voor Bazen kinderen kunnen zijn. Totdat je een foto zoals deze

De koddige Ainsley ging viraal, nadat zij op prinsessendag kwam opdagen als Hotdog bij de lokale dansschool.

 

tegenkomt: Ainsley, het meisje links op de foto in het Hotdog kostuum, vond het niet nodig zich te verkleden als prinses op prinsessendag bij de lokale dansschool.

Nee, Ainsley vond het veel leuker om verkleed te gaan als hotdog; zij was immers “een prinses aan de binnenkant”.

Wat een geweldig kind. Hoppa, gewoon niks aantrekken van prinsessendag, niks aantrekken van de druk om er als een prinses bij te lopen.

Er bij willen horen? Niet op willen vallen? Niet buiten de box denken?
Daar trekt Ainsley zich niet zo veel van aan.

Het enige wat Ainsley zich wel aantrekt, is een kick-ass hotdog pak.

Ik ben alvast fan.

Hoe weet je of je een goede moeder bent?

Elke moeder vraagt het zich wel eens af; ben ik een goede moeder? Zeker op de dagen waarop je wallen je knieën bereiken, je geduld nog maar minimaal aanwezig is en je het gevoel hebt op je tandvlees te lopen.

Een goede moeder zijn heeft niets te maken met alles kunnen kopen voor je kind. Ook niet met een perfect gepoetst huis. Merkkleding (leuk hoor) zijn ook geen garantie. Een goede moeder zijn heeft ook niks te maken met het perfecte plaatje. Dat perfecte plaatje bestaat namelijk helemaal niet. Want nergens is het perfect. Zelfs niet bij die ene moeder, die alles altijd zo onder controle lijkt te hebben.

Een goede moeder ben je, als je je af en toe afvraagt waar je in godsnaam mee bezig bent. Als je af en toe denkt: ben ik wel een goede moeder?
Want juist dat bewijst dat je het als moeder graag zo goed mogelijk wil doen voor je kind.

Een goede moeder heeft ook wel eens een slechte dag, een slechte week of een rot humeur. Een goede moeder verliest ook wel eens haar engelengeduld. En een goede moeder zegt ook sorry als ze iets verkeerd heeft gedaan.

Want guess what: juist daarvan leren kinderen. Kijk, mama is ook niet perfect, mama heeft ook wel eens angst of een rotdag of verdriet. Dus als mama dat kan, mag ik dat ook. Mama zegt sorry als ze een fout maakt, en dat maakt haar juist menselijk.

Laatst was ik in een speeltuin met dochter. Er doemde een super hoge glijbaan met matjes voor ons op. “Toe, ga je mee mama?”
Maar deze mama heeft een ietsepietsie klein beetje heul veul last van hoogtevrees.
“Uhhh…”
“Kom op mama, je kunt het wel hoor!” moedigde haar stemmetje me aan. “Het lijkt nu misschien eng, maar het is echt heel leuk!”
Zeg daar maar eens nee tegen.

Dus daar ging ik, van de hoge glijbaan met mijn matje. Zij ging voorop. “Ik kom er aan!”  zei ik met bevende stem.
En daar ging ik.
Wat ik niet wist, was dat zo’n pokke-hoge glijbaan echt pokkesnel gaat. Dus ik gilde. En ik gilde hárd.
Als een gillende keukenmeid kwam ik met een rotvaart ter aarde.

“Mama, je moest er van gillen hè!” zei dochter verrukt.
“Ja, ik vond het best spannend.” probeerde ik nog cool.
“Ik ben trots op je hoor, mama. Maar jij zegt ook altijd; van proberen kun je leren en dat heb je nu ook gedaan!”

Samen liepen we verder. Ik was zelf ook best trots. Imperfecties maken de moeder.

Het Mysterie van de Handtas!

fashion-woman-cute-airportIedereen weet dat vrouwen superkrachten hebben, als het goed is. Zoals Batman Robin heeft, hebben vrouwen hun handtas. Wat ogenschijnlijk een klein buideltje is, ontpopt zich tot een omhulsel waarin verbazingwekkend veel meegezeuld wordt.

Ik heb ook zo’n tassen. Zelfs uit mijn kleinste handtas, die ik zo op het oog zeer nonchalant om mijn schouder heb hangen, verschijnen als ik iets aan het zoeken ben desgewenst:

  • drie pakjes zakdoeken,
  • een portemonnee,
  • een Labello en een lipstick,
  • een pakje pleisters,
  • een make-up mapje,
  • een flesje water,
  • drie aangebroken pakjes kauwgum,
  • een fles bodylotion of handcrème,
  • een liga (Voor als ik opeens hongerklop heb.)
  • een zonnebril,
  • een EHBO pakket,
  • een mapje met dames-artikelen,
  • een mapje met autopapieren en paspoort er in,
  • een bus deodorant,
  • een flesje parfum,
  • een reserve panty,
  • een telefoon,
  • een reserve telefoon (Mijn wekker!)
  • een föhn,
  • een kam,
  • en drie dikke leesboeken. (Voor als ik ooit in de trein zit en me verveel.)

Het spreekt voor zich dat ik het benodigde item zelden snel vind. Dan moet echt eerst die hele handtas binnenstebuiten worden gekeerd. En het laatste wat ik er uit vis, is natuurlijk wat ik zocht.

Sleutelbossen zijn ook rotzakken. Die hebben de gave om af te dalen naar de bodem van de tas, of zich te verstoppen achter de voering van de tas, als daar onverhoopt een scheurtje in gekomen is. Leuk, als je dringend weg moet.

Natuurlijk, ik kan er minder in doen. Maar het geeft me zo’n fijn gevoel van controle, dat ik mijn halve huisraad mee sleep. Dat me bijna alles kan overkomen, en dat dat dan altijd opgelost kan worden door mijn magische buidel. Heel rustgevend.

Toch ben ik wel eens jaloers op mannen (of vrouwen zonder handtas-afwijking), als ik zie dat die alleen hun telefoon en sleutels pakken en -hop- de deur uit kunnen. Sta ik dan, te graaien in mijn buidel, naar die verrekte sleutelbos. Maar als ik dan eindelijk de deur uit kan, heb ik wel alles onder controle. Nou ja, bijna alles dan.

Zelfvertrouwen krijgen doe je zo!

Zelfvertrouwen opbouwen is niet zo moeilijk als je zou denken. Toegegeven, iedereen heeft onzekerheden. Ja, iedereen. Zelfs de meest zelf zekere personen die je kent zijn onzeker over iets aan zichzelf. Alleen dat al moet je enigszins gerust stellen: onzekerheden zijn menselijk.

Wil je je zelfvertrouwen toch een boost geven, probeer dan eens:

– vanaf nu jezelf niet meer af te kraken. En dan echt helemaal niet meer. Jezelf neerhalen is vanaf nu verboden! Dat spreek je met jezelf af. En nee, ook niet als “grapje”. Want als ervaringsdeskundige weet ik dat als mensen dan lachen om dat grapje dat je zelf maakte over je dikke kont, jij het toch ziet als bevestiging van je onzekerheid (“zie je wel, zij lachen er om, dus het is zo!”)

– bedenk elke dag iets wat je positief vindt aan jezelf. Dat mag uiterlijk zijn, maar ook innerlijk.

– schrijf deze positieve eigenschappen op in een schriftje. Altijd goed om terug te lezen op een slechte dag. Je zult je verbazen over hoe veel dingen heel positief zijn aan jou!

– vraag je omgeving om positieve feedback. En nee, dat is niet hetzelfde als bedelen om complimentjes. Je echte vrienden (of partner, familie, kinderen) zullen je graag vertellen wat zij zo bijzonder of mooi aan jou vinden.
Schrijf ook die feedback die je krijgt op in je schriftje.

– stop met vergelijken. Of probeer het althans flink af te bouwen. Die super slanke vrouw is misschien wel jaloers op jouw decolleté. Vergelijken is menselijk, maar word jezelf bewust van hoe vaak je het doet en of het wel zo realistisch is.

– schrijf eens je nadelen (volgens jou!) op en check deze met je partner of vriendin. Klopt het echt, of zit het tussen je oren? Wat vinden zij?

– bedenk jezelf hoe kritisch je kijkt naar bijvoorbeeld je vriendinnen. Ben je naar hen toe net zo streng als naar jezelf? Vast niet. Probeer jezelf eens te bekijken zoals je je vriendinnen bekijkt. Het vergt even wat moeite, maar het is het wel waard.

Succes!

Waarom je je kind zo vaak mogelijk op schoot moet pakken

Op schoot bij mama of papa. Er is geen veiligere of gezelligere plek.

Je kunt het niet vaak genoeg doen, vind ik. Hoe gehaast je bestaan ook is en hoe veel je ook moet.
Ik weet het, je hebt het druk. Het leven is druk. De wereld is druk. Haast, haast, haast. Maar op schoot staat de tijd stil. Je kunt elkaar aankijken. Je kunt kijken naar de details van hun wimpers en wenkbrauwen. Je kunt kietelen, knuffelen en gewoon lekker tegen elkaar aan hangen.

Kinderen moeten zo vaak mogelijk op schoot. Niet omdat het moet, maar omdat het kan. Nu nog wel. Want in al die haast ontgroeien ze – zomaar, in wat een oogwenk lijkt – je schoot.
Zijn ze opeens boven je uit gegroeid, of willen ze niet meer.

En dan opeens komt de dag dat ze het ouderlijk nest verlaten. Daar gaan ze, met hun koffers, hun leven als volwassene tegemoet.

Dan wens je dat ze nog even zo klein waren dat ze op je schoot pasten. Dat je nog even kon ruiken, knuffelen en kijken. Dat die handen nog handjes waren, of knuistjes met kuiltjes er in.

Dus laat alles vallen waar je mee bezig bent, schuif je iPad of laptop van je schoot af en roep je kind bij je.

Nu kan het nog.
De rest komt later wel.

Eerlijke Mama Visioen

Ja, ik doe ook maar wat. Ja, ik lees veel te veel artikelen over opvoeden. Ja, ik twijfel aan mezelf. There, I said it. Ja, ik neem me elke dag voor om kalm, beheerst en consequent te zijn. En om niet te veel op mijn telefoon te kijken, op Facebook, naar creatieve dingen die andere moeders uit hun mouw schudden die ik never nooit zal kunnen maken. En een deel van de tijd lukt dat ook.

Maar een deel van de tijd ben ik ook maar een mens. Sommige dagen wil ik mijn haren een voor een uit mijn hoofd trekken. Tel ik dertig keer tot tien. Sommige dagen heb ik visioenen. Visioenen van een week alleen, op een zonnig eiland, zonder zorgen, in een hangmat. Met een cocktail er bij, én een boek dat ik in één ruk uit kan lezen. Met een toilet waar niemand me stoort tijdens mijn bezigheden. Zonder wekkers. Zonder neusspray, zwemwratjes en zetpillen, zonder een schooltas die klaar gemaakt moet worden.

Ja, ik doe maar wat. Ik probeer te leren van mijn fouten. Ik probeer te kijken naar hoe andere moeders het doen en daar de positieve dingen uit op te pikken. Stiekem dromend van die week op mijn eiland. Die week van mij – en mij alleen. Met een inloopdouche waar ik een half uur onder kan staan, zonder vragen waar die ene barbie is gebleven, waarom ik moet douchen, hoe lang ik er nog onder staaaaaaa. Oh, die inloopdouche, die stilte, die rust en vrede…

image

Wat zou het heerlijk zijn. Een week alleen, met mezelf. Ik zie mezelf al voor me. Helemaal alleen met mijn gedachten. Pompiedompiedom. Oh, heerlijk. Zie je me al liggen, in die hangmat? In gedachten ben ik overigens wél heel slank en heel bruin en alles. Want hee, het is wel mijn visioen hè. Daar lig ik dan. Ik hoor de zee ruisen, vogeltjes fluiten, de zeewind verkoelt zachtjes mijn zongebruinde huid…

En terwijl ik daar zou liggen, zou ik denken aan mijn kindje. Wat is ze aan het doen? Mist ze me? Ik mis haar wel. Ik denk aan haar stem. Haar oogjes. Haar vrolijke neusje. Haar geur. Haar handjes om mijn nek. Hoe ze loopt, praat, lacht.

In mijn visioen ga ik overeind zitten in mijn hangmat (in mijn visioen kan ik zoiets zonder er acuut uit te vallen namelijk), pak ik mijn telefoon en boek ik het eerst mogelijke ticket terug naar huis, al kost het me mijn laatste spaarcent. Ik moet naar mijn kind terug, en wel nu!

Opgelucht haal ik adem. Het was maar een visioen, gelukkig.

Bereken hoe laat jouw kind naar bed moet

Met deze handige calculator kun je berekenen hoe laat jouw kind ’s avonds het beste naar bed kan gaan, op basis van de leeftijd. Best handig!

PS: Uiteraard is ieder kind anders en geeft deze calculator slechts een indicatie. Het ene kind is het andere niet; ook niet qua slaap behoefte.

image

Hoe laat gaat jouw kind naar bed?

Zwangere buik aanraken? Can’t Touch This!

Het is alweer een hele tijd geleden dat ik zwanger was van ons kind. Maar wat ik me nog maar al te goed herinner, is hoe versteld ik er van stond hoe veel mensen aan je buik dachten te mogen zitten.
En gek genoeg waren dat niet eens mijn vriendinnen of mensen die dicht bij me staan, maar vaak zelfs vage kennissen, toevallige voorbijgangers en collega’s. Nu weet ik niet hoe het met jullie zit, maar ik ben best wel gehecht aan mijn personal space. Natuurlijk, ik knuffel mijn naasten en goede vriendinnen graag. Maar van vreemden wil ik toch eerst wat meer weten, alvorens ze fysiek toenadering mogen zoeken.

Ik begrijp dat zo’n uitpuilende buik (zeker die van mij, ik leek wel een drieling te dragen!) uitnodigend is. Een soort fysiek uithangbord. En ik vond het helemaal niet erg als mensen iets zeiden of vroegen over de zwangerschap. Maar dat aanraken, dat hoefde van mij nou ook weer niet. Er was zelfs een collega die het leuk vond om me telkens te verrassen door me van achteren te besluipen, en dan opeens die twee handen op mijn buik. Uh. Pardon?

Er waren ook mensen die mijn loopje gingen na doen. Vonden ze grappig. Waggel, waggel, waggel. Hilarisch hoor, althans dat vonden zij. Ik niet zo. Ach ja.
Als er vrouwen in mijn naaste omgeving zwanger zijn, voel ik ook wel die behoefte om er even een hand op te leggen. Maar wetende dat niet iedereen daar zomaar van gediend is, vraag ik het altijd even van te voren. Wel zo netjes, toch?

Moeder (31) met borstkanker waarschuwt vrouwen: “Doe regelmatig zelfonderzoek!” (anonieme gastblog)

Dit keer een bijzondere gastblog, door een anonieme moeder met borstkanker.

“Mijn dochtertje is zestien maanden oud. Twee weken geleden waren we op een zondag samen aan het douchen, toen ik een knobbel in mijn borst voelde. Volgende dag dokter gebeld. Hij kon niet zeggen wat het was.. ik werd doorgestuurd naar het ziekenhuis voor een echo en mammografie.
Ik kon op vrijdag terecht. Ik dacht dat worden 4 lange dagen, zo ongeduldig als ik ben heb ik andere ziekenhuizen gebeld en kon ik de dag er na, op dinsdag, al terecht. Mammografie gehad. Dat is gewoon mishandeling van je borsten, en erna de echo. Toen de echo genomen werd zei de radioloog: we zien wat je voelt dus we nemen gelijk een biopt. Een biopt wordt gedaan onder verdoving, dan halen ze een stuk weefsel door middel van een holle naald uit de knobbel. Ik voelde er niets van. En toen zeiden ze dat ik op maandag terug moest komen voor de uitslag. Dus niet van “oh het kan een cyste zijn” of “we zien toch iets kwaadaardigs..” Nee, helemaal niets… Dus daar kon ik helemaal niets mee natuurlijk. Dit was een hele lange week.. Veel zitten googlen (moet ik niet doen maar volgens mij doet iedereen dit) zitten stressen, slecht geslapen, veel geknuffeld met mijn dochter. Die zondag had ik besloten dat het een bindweefselknobbel was, het voelde precies zo zoals ze het omschreven, en komt heel vaak voor bij vrouwen van mijn leeftijd. Zondagnacht super goed geslapen. Maandag ging mijn moeder mee voor de uitslag. De arts kwam supervrolijk binnen dus ik dacht dat zit goed. “Mevrouw, we hebben kwaadaardige cellen gevonden.” Slik! Dit kan niet waar zijn.. terwijl de tranen over mijn wangen rolden luisterde ik naar de woorden chemo en operatie.. een kwartier later stonden we buiten. Ik belde mijn vriend, mijn baas. Ik appte iedereen die met mij samen in spanning zat te wachten op het nieuws en iedereen was er stil van. Die donderdag had ik een vervolgafspraak en ik moet nu een half jaar aan de chemo, mag een pruik uitzoeken en erna hopelijk een borstbesparende operatie. Ze gaan uitzoeken of ik gendrager ben, dan gaat alles eraf en kan mijn dochter ook gendrager zijn. Nog een kind krijgen zit er niet meer in; ik krijg 5 jaar lang hormoonpillen en dan is zwanger worden niet verstandig. Deze hele week krijg ik scans en volgende week vrijdag krijg ik te horen of er uitzaaiingen zijn, dat wordt de spannendste dag van mijn leven. Zolang die er niet zijn kan ik alles aan! Wat ik hier kwijt wil, is dat dit niet vaak voorkomt bij een vrouw van mijn leeftijd, maar het komt helaas wel voor.

Ik heb het per ongeluk ontdekt, deed nooit zelfonderzoek maar ik raad het iedereen ten zeerste aan en als je iets ontdekt om heel snel actie te ondernemen. Op een jonge leeftijd groeien tumors sneller.

Ik ga vechten, voor mijn dochter vooral, ik wil haar zien opgroeien en daar zal ik alles voor doen!

M.

Vaccineren kinderen: wel of niet?

hand, young, babyIn Nederland hebben we het Rijksvaccinatieprogramma, waardoor alle kinderen kunnen worden ingeënt tegen besmettelijke en gevaarlijke infectieziektes zoals de bof, mazelen (kan leiden tot longontsteking en hersenvliesontsteking), difterie, kinkhoest, polio en rode hond (kan bij zwangere vrouwen leiden tot miskraam, vroeggeboorte of aangeboren afwijkingen van de baby).

Sinds de introductie van deze vaccinaties is de kindersterfte in West Europa drastisch gedaald. Toch zijn er ook nog steeds ouders die er  – ondanks de risico’s – voor kiezen hun kind niet te laten vaccineren, wegens religieuze redenen of uit angst voor het effect van de vaccinaties op de gezondheid van hun kind.

Hoe meer ouders echter weigeren hun kind te laten vaccineren, des te groter is de kans dat deze gevaarlijke infectieziektes weer de kop op gaan steken. Door je kind te laten vaccineren bescherm je dus niet alleen je eigen kind, maar ook de gehele bevolkingsgezondheid.

Op internet gaan er veel verhalen rond dat kinderen autisme zouden kunnen ontwikkelen door vaccinaties. De arts die dit beweerde is echter inmiddels uit functie gezet omdat hij fraudeerde en omdat zijn onderzoeksresultaten niet kloppend bleken te zijn. Het onderzoek waar hij aan werkte werd later om die redenen ingetrokken.

Op de website van het RIVM vind je een video waarin antwoord wordt gegeven op de meest gestelde vragen die ouders hebben over de vaccinaties.

Hoe heb jij de afweging gemaakt?
Heb jij je kind laten vaccineren of niet?

Als je twijfelt aan jezelf als moeder….. ❤

Het leven kan zwaar zijn als je moeder bent. Soms voel je je een voetveeg, of degene die alles op moet vangen. Maar hoe zwaar je het ook vindt, bedenk wel dit:

– als je er van baalt dat je kind snotverkouden is, bedenk dan dat er moeders in ziekenhuizen zitten nu, op dit zelfde moment, naast het bed van hun ernstig zieke kind, biddend dat het beter mag worden.

– als je moe wordt van de drukte, bedenk dan hoe stil het later zal zijn als ze met hun koffers vertrekken om op kamers te gaan.

– als je denkt dat je het niet goed genoeg doet, kijk dan eens naar je kind als het naar je lacht. Luister naar het gekwebbel. Hóór de complimenten die ze je geven op hun eigen manier, en vang ze in je hart. Ze menen het immers. Jij bent hun heldin!

– als je je zorgen maakt of je ze financieel wel alles kunt bieden, vraag je dan eens af wat belangrijker is: een gelukkig kind met liefdevolle ouder(s) of een verwend kind met veel te veel spullen.

– als je denkt dat ze je háten en je nooit meer normaal zullen behandelen, bedenk dan dat ze zich zo veilig bij je voelen dat ze hun emoties durven te laten gaan en hun frustraties durven uiten. Zo belangrijk ben jij dus! Blijf door ademen: this too shall pass.

– als ze woedend worden omdat iets niet mag van jou, bedenk dan dat je ze voorbereidt op het volwassen leven: later mag ook niet alles.

– als je jezelf een zeur vindt omdat je ze voor de zoveelste keer maant om rechtop te gaan zitten en netjes te gaan eten, bedenk dan dat je ze voor de rest van hun leven etiquette mee geeft die in allerlei situaties handig van pas zullen komen.

– als je hart pijn doet van het loslaten, bedenk dan dat ze het meest groeien van het maken van hun eigen fouten en het oplossen van problemen.

– als ze je verwijten dat je ze een krantenwijk laat doen of in de supermarkt een bijbaantje laat nemen; hier leren ze belangrijke dingen voor later: voor niets gaat de zon op, klantvriendelijkheid en omgaan met een baas.

– als je twijfelt aan je moeder instinct: niet doen. Het klopt 99,9% van de keren.

– als je het allemaal even niet meer weet: bedenk dan dat er op dat moment nog duizenden andere moeders met de handen in het haar zitten en het ook niet weten.

Hekel aan Bumba!

Ik schreef eerder een bekentenis over Dora. Dat luchtte zo op, dat ik besloten heb het nieuwe jaar nog eerlijker in te gaan met de bekentenis dat ik een zo mogelijk nog grotere hekel heb aan Bumba. En met hekel bedoel ik niet gewoon hekel, maar eigenlijk bedoel ik dat ik er jaren na dato nog af en toe over droom, waarna ik badend in het zweet wakker word.

Dat muziekje, de stem van die man die je nooit ziet (“Waar is die kleine clown?”)… ik ben er van overtuigd dat er een hypnose effect in dat programma zit waardoor kinderen vanzelf in de staarmodus gaan.

Nu heb ik het sinds de film IT toch al niet op clowns. Maar na zevenhonderdveertig afleveringen van Bumba weet ik het zeker.

Die akelig wegdraaiende ogen bijvoorbeeld. Daar lopen de rillingen toch van over je rug? En dat hij alle conflicten oplost door heel hard BUMBALOOOOO!!! te roepen siert hem ook niet. Ik heb het eens geprobeerd in een conflict: werkt niet.

Soms hoor ik hem in de verte. “NONNINONNINONNI!” roept hij dan.

We kwamen hem ook eens in het echt tegen, in Plopsaland. Hij gaf daar een theatershow weg waar geen touw aan vast te knopen was. Dochter wilde met hem op de foto. Ik durfde eigenlijk niet, maar dat kon ik natuurlijk niet maken.

Dus zette ik me over mijn angst en afkeer heen en poseerde trots met dochter voor de foto. Met die grote vingerloze bumba hand in mijn nek. Brrr.

Asociaal gedrag bij Kinderen (en de blinde vlek van ouders)

Ik schreef eens een quote over Pietertje. Pietertje rende door de speeltuin en maaide met zijn armpjes onschuldige voorbijgangertjes neer. “Dat komt door zijn koemelkintolerantie.” zuchtte zijn moeder tegen me.
Totdat Pietertje een kindje tegenkwam met Pietertje intolerantie.

Die quote werd me toch een triljoen keer gedeeld, zeg. En ik snap ook wel waarom. Het lijkt alsof sommige kinderen tegenwoordig alleen nog gekleed en gevoed worden, maar niet meer opgevoed. En hoewel mijn eigen kind absoluut niet perfect is (en dat ook niet hoeft te zijn), kan ik het niet helpen dat de volgende gedachte zich aan mij opdringt:

Als ouders toe zitten te kijken terwijl hun kind gigantisch over alle fatsoensnormen heen dendert, fysiek of verbaal faliekant meermaals de mist in gaat en asociaal gedrag vertoont, dan wordt dat al voor een groot deel verklaard door exact dat: de toekijkende ouder die niet ingrijpt.

Je kunt kinderen niet met honden vergelijken. Want foei, dat is niet hetzelfde. Maar toch. Stel dat ik dat toch stiekem een keer zou doen. Dan zou je die ouders die niet ingrijpen kunnen vergelijken met hondeneigenaren die bij een bijtincident er naast staan en verbouwereerd zeggen: “Dat doet ie anders nooit.”

Toch is het bijtincident meestal een gevolg van een hele reeks gebeurtenissen waarin de hond zijn grenzen niet duidelijk gemaakt krijgt, waardoor hij nerveus en angstig wordt (want een hond houdt van duidelijkheid… kinderen ook. Tot zo ver mag je gaan.) uiteindelijk een bijtincident kan plaatsvinden.

Het kan natuurlijk zo zijn dat dat agressieve gedrag van je kind een (veel) dieper liggende oorzaak heeft dan enkel het opzoeken van grenzen. Maar  dan nog; dan ga je als ouder op zoek naar die dieper liggende oorzaak, en laat je dit soort incidenten niet zomaar voorbij gaan zonder enige reactie te geven richting je kind, toch? Ik begrijp oprecht niet waarom mensen niet ingrijpen als hun kind zo asociaal of agressief is naar andere kinderen. Is het de blinde vlek, die ouders hebben voor hun kind? Zien ze het niet zoals wij het zien? Zie ik dingen bij mijn eigen kind dan misschien ook niet? Het zou best kunnen. Toch weet ik zeker dat wanneer mijn kind op zo’n bewuste, gemene manier een ander kind pijn zou (proberen te) doen, ik er binnen twee tellen bij zou zijn, met bijbehorende consequenties.

Dat zeg ik niet uit de hoogte, maar omdat ik fatsoen wil overbrengen op mijn kind en omdat ik me verantwoordelijk voel. Als je ziet hoe veel zinloos geweld er is tegenwoordig, bekruipt me toch de gedachte, dat meer mensen dit zouden moeten proberen.

Haat jij Dora ook? There it is! 😂 #herkennenisdelen

image
Dora.

Ah, Dora. Welke moeder kent haar niet? Het vrolijke poppetje met haar vriendjes op televisie, dat half Nederlands half English speaks to her little viewers.

Naast dat dit al incredibly annoying is, is dat natuurlijk pedagogisch super verantwoord en spreken de helft van onze kinderen dankzij Dora al Engels nog voordat ze zindelijk zijn. We waren een keer in een binnenspeeltuin met onze dochter toen ze drie was. Opeens zag ik haar niet meer. Totdat ik een klein stemmetje uit een hoekje van het klimrek hoorde komen: “Please, rescue me, I’m stuck!”
Ja, dat moet je Dora toch nageven.

But all madness on a little stick, ik zou er als kind echt ho-ren-dol van worden, die vragen de hele tijd. ZIE JIJ DE WALVIS? vragen ze dan, terwijl rechtsboven in beeld overduidelijk een walvis komt opdoemen, terwijl voor de zekerheid links en rechts nog twee gigantische neon pijlen staan te knipperen. THERE IT IS!!

Mijn kind heeft overigens nooit meegedaan met die interactie. “Als je even wacht, zegt Dora het zelf al, dus je hoeft niks te zeggen.” was haar droge conclusie. Gelijk heeft ze.

Maar wat ik Dora wel moet nageven; ze was zo ideaal om even bij weg te dromen. Althans, voor het kind. Waardoor de moeder dan even tijd heeft voor een wasje, een dutje of een ongestoorde number two kan doen. Daarom – en daarom alleen! – tolereerde ik Dora.

Swieber ook, met zijn eeuwige gejat, die kon ik wel wurgen op het laatst. “Met Christmas mag je niet stelen Swieber!” riep Dora de huiskamer in.
Ah, mooi.
Alleen met kerst mag je niet stelen. 
De rest van het jaar, ach, als je het met kerst maar niet doet.
“Zie jij de hypocrisie in Dora?” mompelde ik interactief en al tegen het televisie scherm.
“There it is! You did it!”

Roze wolk? Zeg maar gerust donderwolk! (Persoonlijk verhaal / Gastblog door Susan Schuitema)

Gastblogger Susan Schuitema heeft een huilbaby. Haar wolk is verre van roze. Ze wil graag haar persoonlijke verhaal delen met andere moeders.

Een roze wolk? Zeg maar gerust een donderwolk met spoelende regen.
Zo’n hoosbui waarvan je compleet doorweekt raakt en eerst 3 uur onder de douche moet staan om het weer warm te krijgen. Een hoosbui waarbij je met een grote paraplu rondloopt en nog aan alle kanten nat wordt.

Een emmer die iedere dag een beetje voller loopt en meerdere malen per week geleegd wordt om weer opnieuw te beginnen met vullen. Hij loopt vol met tranen, tranen van verdriet, van frustratie, van wanhoop en ook van blijdschap.

De eerste tranen kwamen tegelijk met een luide huil door de operatiekamer, ditmaal van blijdschap. Volledige blijdschap zonder twijfel, trots en opluchting omdat hij er was. De opluchting die je voelt omdat de bevalling eindelijk voorbij is en je kind eindelijk na 9 maanden ongeduld, op de wereld is. Trots op het geluid dat door de ruimte gaat, de harde huil van jouw baby.

De harde huil die je nu – weken later – zelfs onder de douche nog hoort, terwijl hij toch écht eindelijk ligt te slapen.
De huil die je zo graag wilde horen al die tijd, waar je naar uit keek toen je nog zwanger was, omdat dat een teken zou zijn van een gezonde baby. Die zelfde huil maakt je zes weken later wanhopig, gefrustreerd, bang, zelfs wel eens boos.

En dan kun je denken, boos op je baby? Nee, boos op jezelf. Als jij, als enige veilige haven voor je kind, na 9 maanden samen te zijn geweest, je kind niet kunt troosten, wat ben je dan voor moeder? Als je je kind zo gigantisch hard hoort huilen, uren lang, dagen lang, weken lang, dan is het geen roze wolk waar je op je leeft, dan leef je in een storm waarbij de wind af en toe even gaat liggen maar steeds weer terugkomt.

Iedere minuut van de dag kruipt voorbij, met een donderwolk boven je hoofd die je aan alle kanten probeert te ontwijken. En als het dan even windstil is en je in alle rust kunt schuilen omdat hij eindelijk slaapt, durf je geen stap te zetten uit angst om weer in een zee van tranen te belanden.

De adviezen die je naar je hoofd geslingerd krijgt, hoe goed bedoeld dan ook: je kunt er op den duur niks meer mee. Probeer je het uit? Natuurlijk. Je probeert alles uit, je bedenkt de gekste dingen als er ook maar 1% kans is dat het zou kunnen helpen. Je cijfert jezelf weg want het enige wat belangrijk is, is hij. Je leeft niet meer van dag tot dag, maar van huil tot huil en van fles tot fles. In de hoop dat de dag snel voorbij gaat en hij de nacht goed zal slapen. Je kijkt uit naar de leeftijd van 6 weken, want dan zou toch alles makkelijker worden? Als met makkelijker bedoeld wordt dat je went aan het huilen en dat je went aan het constant bedenken van nieuwe oplossingen om je kind tevreden te maken, niet dus. De zes weken zijn namelijk bereikt en er staan inmiddels 100 emmers die over zijn gelopen, ik heb al meerdere malen onder de douche gestaan om mezelf weer op te warmen en door te gaan.

Een grote paraplu van de mensen om je heen die je aan alle kanten proberen te beschermen. Die je proberen op te vrolijken, moed in te spreken dat het allemaal beter wordt en dat je er even doorheen moet. En hoe fijn het ook is, zo’n grote paraplu ter bescherming tegen de regen, je wordt nog steeds aan alle kanten geraakt.

Je probeert af te gaan op je gevoel, want het is jouw kind dus je gevoel hoort je te wijzen op de oorzaak van zijn verdriet. Aan alle kanten word je weggestuurd door mensen die deskundig zouden moeten zijn. Door mensen die leven via de theoretische paden en er van overtuigd zijn dat dit voor ieder kind zo werkt. En oh wee als je afwijkt van dat ritme en die patronen, dan is dát de oorzaak van jouw ontevreden kind.

Mensen die je er dagelijks op wijzen dat je wel moet genieten omdat deze tijd zo snel voorbij zal zijn en je het niet weer terug kunt krijgen. Terwijl jij maar denkt, hoezo snel? De dagen kruipen voorbij. En hoezo genieten? Waarvan? Die prachtige roze donderwolk die alsmaar groter lijkt te worden? Dat is niet genieten, dat is overleven. En ja, ik ben dankbaar dat ik zwanger heb mogen zijn, dat ik een kind heb mogen krijgen en moeder heb kunnen worden, maar dat maakt het niet minder zwaar.

Moeder zijn is leren leven met de verantwoordelijkheid die je hebt voor een wezentje die compleet afhankelijk is van jou. En hoewel je geniet van de momenten dat hij zijn troost wél bij je vindt, en die keer dat hij voor het eerst bewust naar je begint te lachen, nieuwe geluidjes gaat maken of tevreden ligt te slapen, die roze wolk is nog niet voorbij gekomen. Maar, wie weet, heel misschien, zit hij verstopt achter die laatste hoosbui, vandaag of morgen. Zoals ze altijd zeggen, na regen komt zonneschijn. En ergens moet je de hoop blijven houden op een mooie regenboog tussen de zon en regen door, met aan het einde van de lange zware vermoeiende weg, jouw grote pot met goud: een tevreden kindje en dus een tevreden moeder.

Dus de welbekende roze wolk? Nee, stel je eerder een wolk voor met alle kleuren van de regenboog die staan voor je eigen gevoel. Met alle weersoorten die je kunt bedenken eraan vast. Zon, regen, hagel, storm, wind vanuit alle windrichtingen en inderdaad ook genoeg wolken, maar of ze altijd roze zijn? Absoluut niet.

Herken jij het verhaal van Susan? Heb jij dit ook meegemaakt met jouw kindje? Hoe ben je er door heen gekomen?

Ik sta voor je klaar……

…..Ik sta voor je klaar, als je vrolijk bent, maar ook als je boos bent. Ik sta voor je klaar als je verdriet hebt, maar ook als je de wereld niet begrijpt. Ik zal alles doen wat binnen mijn mogelijkheden ligt om jou te laten groeien en ontwikkelen.

Ik zal consequent zijn, ook als je dat op dat moment niet fijn vindt, maar het wel beter voor je is. Ik zal je leren dat de wereld veel lagen heeft, dat veel mensen goed zijn, maar sommige mensen ook helemaal niet. Ik zal je stap voor stap het vertrouwen geven om zelfstandig dingen te doen, omdat ik weet dat je meer leert van je eigen fouten en successen dan van iemand die je altijd opvangt voordat je valt.

Ik zal over je piekeren. Ik zal me zorgen maken. Ik zal mijn eigen grenzen verleggen om jou te leren vertrouwen op de jouwe. Ik zal om je huilen, met je lachen, mee lijden als je pijn hebt.

En ondanks alles wat ik nu zeg, zullen er momenten komen dat je me een hele vervelende moeder zult vinden. Dat je mijn zorgen niet begrijpt. Dat je mijn beslissingen verafschuwt. Dat je je zult gaan afzetten tegen mij, gewoon omdat ik voor jou veilig ben om op te oefenen. En dat mag.

Je mag me elke dag vertellen wat je mee hebt gemaakt. Ik zal iedere dag vragen hoe je dag is geweest. Ik zal naar alle kleine problemen luisteren, en ze stuk voor stuk serieus nemen, omdat ik hoop dat dat de basis is waarop je later ook grote problemen met me zult durven delen.

Ondanks dat ik alles met mijn hart zal doen, en ondanks dat mijn liefde voor jou oneindig is, zullen er momenten zijn dat je mij tekort vindt schieten. Ik ben me daar van bewust en ik hoop dat al die goede momenten een fundament leggen, dat door moeilijke momenten niet zomaar in elkaar zal storten.

Mijn moeder zei vroeger altijd: “Wacht maar, als je later zelf kinderen krijgt, dan zul je mij gaan begrijpen.” “Nee hoor!” zei ik dan met mijn puberbrein.
Maar: Ja hoor.
Het is zo.

Het ouderschap: Fantastisch, maar ook heel vies.

Het is fantastisch om moeder te zijn. Echt, geweldig. Ik zou het nooit anders willen. Maar het ouderschap is naast geweldig en mooi en fantastisch ook vaak bijzonder vies.
“Mama, kijk! Ik heb een hele grote neuzevreutel gevangen!” Of je wil of niet (je wil niet), daar staat je kleuter, vlak voor je neus, met een wonderbaarlijk grote vangst uit de zijne. Natuurlijk gebeurt dit niet thuis, waar tissues en stromend water voorhanden zijn. Dit gebeurt midden in de supermarkt, net die ene keer dat je geen tissues bij je hebt.

Kerstavond, bijvoorbeeld. De mooiste tijd van het jaar. Je maakt je kleintje klaar om te vertrekken naar het Familie Diner. Al weken hingen de allermooiste kleertjes klaar, ver weg van de andere gewone kleren, zoals die geweldige, onverwoestbare jeans van de Zeeman en de Hema. Nadat je je kleine wolk hebt gebadderd en ze fris ruikend in haar mooiste kerstjurkje hebt gehesen (dat meer kostte dan jouw complete kerst outfit bij elkaar) en exact drie minuten voordat je moet vertrekken naar het Diner, ruik je opeens een verdachte geur. Alsjeblieft, laat het niet waar zijn, fluister je tegen de kerststal onder de boom, terwijl je je omdraait en je peuter in slow motion lachend weg ziet kruipen met een bruin-groenig plakaat van peuterdiarree op haar rug. Dwars door het veel te dure stof heen.

Ouderschap is gewoon vies. Je leert dingen die je nog nooit geweten hebt, zoals hoe ver een kraaltje omhoog kan in een neus, hoe ver een kind kan projectiel braken, en hoe smerig zwemwratjes zijn als ze open gekrabd worden. En: hoe hygiënisch je het ook probeert aan te pakken, het is nooit genoeg. Hoe steriel je huis ook is, iedere dag worden er gratis en voor niets school- en opvang bacillen mee naar binnen gedragen. Je kunt nog zo er tegen vechten; dat helpt niet.

“Pietertje moest poepen vanmiddag, tijdens de pauze op school.” vertelde kindlief ons eens, uiteraard toen we zaten te eten. “Oh, uh, oke.”
“Maar de juf had geen tijd om met hem mee te gaan naar binnen.”
“Waarom zou de juf mee moeten gaan naar binnen?”
“Ja, omdat hij zijn billen nog niet zelf kan af vegen!”
“Oh, zo.”  zei ik, en nam een hap van mijn eten.
“Dus heb ik het maar gedaan.”
Mijn eten bleef ergens halverwege mijn keel steken.”Wat heb je gedaan?”
“Zijn billen voor hem afgeveegd! Want het was zo zielig voor hem en hij moest echt erg veel poepen!”
Mijn hoofd had een gevecht met mijn eten: wel of niet terug omhoog komen. U kent het wel.
Ik overwoog of ik moest vragen of ze haar handen wel had gewassen, maar besloot dat ik het niet wilde weten.

Ouderschap. Het is geweldig. Het is bijzonder mooi, liefdevol, maar vaak ook stinkend, vies, en groen.

 

Vrouwen, STOP met vragen of je man wil helpen!

“Hubby heeft me goed geholpen met het vouwen van de was.”
“Hij heeft me vandaag geholpen met stofzuigen / de luier verschonen / ukkie in bad doen!”
Sorry, ik wil niet al te feministisch doen, maar van dit soort opmerkingen krijg ik spontaan uitslag.

Waar is het precies mis gegaan, als wij vrouwen moeten bedelen om hulp in huis of met de kinderen?

Zijn mannen dan geen volwassen mensen, die net zo goed in staat zijn om huishoudelijke / ouderlijke taken te vervullen? Volgens mij kunnen ze dat namelijk prima. Wanneer is het gebeurd, dat we van dankbaarheid op de grond moeten vallen als onze wederhelft iets doet, wat wij elke dag als vanzelfsprekend beschouwen?

Mee helpen in het huishouden is geen kadootje dat je af en toe kunt krijgen van je man. Het is ook niet iets waar je om zou moeten hoeven vragen. Het is 2015, niet 1950. Als er sprake is van een gelijkwaardige relatie, hoort dit vanzelfsprekend net zo de verantwoordelijkheid te zijn van je partner, als van jou.

Zonder dat je hoeft te vragen, verontschuldigen, smeken of belonen. Het zijn immers volwassen mannen, geen jongetjes van vier. Toch?

Waarom je nooit “We moeten praten.” tegen een man moet zeggen!

Als je ooit in een langdurige, gelukkige relatie met een man terecht wil komen of blijven, knoop deze les dan goed in je oren. Zeg nooit, ik herhaal NOOIT, tegen een man dat “we moeten praten”! De man, die nietsvermoedend en vrolijk naar Studio Sport zit te kijken, verkrampt compleet tot een grote bal stress bij het horen van deze zo gevreesde woorden. 

We moeten praten is een trigger voor mannen, dames, en geen positieve. Nu is praten sowieso al geen grote hobby van (een heel aantal) mannen. Maar de ervaring leert de man in de loop der jaren, dat we moeten praten vaak de inleiding is tot de grootste ruzies, de ergste discussies, of op zijn minst (maar ook dat is erg!) een periode van langdurig moeten luisteren naar zijn vrouw. En we weten allemaal, dat langdurig luisteren niet in de top 10 van mannenhobby’s voorkomt. Tenzij ze sport uitslagen voorleest of zo.

Dus verkrampen zijn spieren, knijpt hij bijna zijn telefoon kapot, werpt hij een blik op de kalender om te zien of het (PLEASE GOD NO!) die tijd van de maand al is, en zet hij zich schrap op de bank, met samengeknepen billen. Daar komt ze, met haar we moeten praten! Snel verzamelt hij in zijn – inmiddels tamelijk bezwete – hoofd tegenargumenten tegen de meest bevochten onderwerpen van relationele discussies. Ik doe ook wel eens de afwas, ik heb minder lichaamsgassen laten ontsnappen, ik heb pas nog mijn onderbroek verschoond, ik heb de bril weer omlaag gedaan. Nagelbijtend en tandenknarsend zit hij klaar tijdens de angstaanjagende stilte voor de storm die we moeten praten heet. Dat heet; als hij het niet al op een lopen heeft gezet.

We moeten praten zeggen tegen een man zet alle lichten op rood, het hoofd op tilt, de hartslag op standje hartaanval en komt geen enkel gesprek ten goede. Als je wel een ontspannen, open en gezellig gesprek met een man wilt voeren, doe dat dan vooral niet aangekondigd. Bijvoorbeeld in de auto, als de muziek op staat, hij relaxed is en jij ook.

Of; als je zeker wil weten dat je zijn onverdeelde aandacht hebt, begin dan eens een gesprek als je samen een potje aan het kaarten bent, of in bed, of in bad. Maar wat je ook doet, kondig het nooit aan met de verboden woorden. Breng het terloops, met humor, of in ieder geval zonder al te veel poespas. Wedden dat hij een betere gesprekspartner is dan je had gedacht, nu hij niet verlamd is van angst?

Tenzij je natuurlijk echt heel erg boos op hem bent en hij echt iets goed heeft te maken. In dat geval: go nuts!  

 

BACILLENPOLITIE: De Ongeschreven regels bij een Ziek Kind

image

Ik kwam dit artikel tegen en slaakte een zucht van herkenning. Ja! Ja! Ja! Dit is wat ik ook al jaren denk!

Al jaren verbaas ik me er over dat sommige ouders zo laks omgaan met zieke kinderen. En dan bedoel ik niet eens de verzorging, maar de klakkeloze manier waarop ze hun zieke kind tussen niet zieke kinderen zetten om de bacteriën, virussen en bacillen door te geven.

En nee, je kunt je kind natuurlijk niet met een hele lichte verkoudheid binnenhouden. Evenmin kun je je kind beschermen tegen alle bacillen die rondzwerven op dagverblijven en scholen. Maar als je weet dat jouw junior nog steeds niet helemaal opgeknapt is van zijn marathon projectielbraken, is het wel fijn als je hem weg houdt bij andere kindjes. We weten immers allemaal hoe vervelend het is, om de hele nacht met een emmer te posten naast het bed van je kind, om vervolgens zelf ook dubbel geklapt van de buikkrampen boven het toilet te hangen.

Zelf informeer ik andere moeders tijdig. Als ons meisje buikgriep heeft zeg ik gewoon alles af. Het is zo besmettelijk, dat vind ik gewoon onbeschoft om anderen aan te doen. Als ze iets anders heeft, bel ik en laat ik het aan de andere moeder over of ze de afspraak door wil laten gaan of liever niet. Ik vind dat het minste wat je kunt doen, qua fatsoen en zo.

Bovendien kan een ogenschijnlijk onschuldige verkoudheid bij het ene kindje een astmatisch ziekenhuis bezoek betekenen voor een ander kind.

Hoe ga jij om met zieke kindjes?

Waarom de “Pedagogische Tik” helemaal niet pedagogisch is

Een lel om je oren, of een pak billenkoek. Vroeger was het de normaalste zaak van de wereld. Tegenwoordig vinden zelfs nog veel mensen dat de “Pedagogische Tik” moet kunnen op zijn tijd.

Ik ben daar zelf 100% op tegen. Allereerst omdat je daarmee een kind voordoet, dat wanneer je onmachtig bent om een conflict op te lossen, fysiek ingrijpen geoorloofd is. Die “Pedagogische Tik” is helemaal niet pedagogisch, juist eerder een teken van onmacht en frustratie van de ouder.

Onderzoek wijst uit dat kinderen die die pedagogische tik wel eens vaker krijgen, op latere leeftijd een ontregeld stress systeem hebben en meer last krijgen van hart en vaatziekten, depressie en andere ziekten zoals fybromialgie en chronisch vermoeidheid syndroom.

Zo onschuldig is die pedagogische tik dus niet op lange termijn. Tevens stijgt de kans dat de ouder wel fysiek gaat ingrijpen bij het overschrijden van de fysieke grens. Dat alleen al is voor mij reden genoeg om bij mijn standpunt te blijven; fysiek tikken uitdelen is onnodig en schadelijk voor je kind.

Hallo moederschap, bye bye principes!

Oké. Ik geef toe. Vroeger had ik principes. Heel wat zelfs. Echter, sinds ik moeder ben geworden zijn daar een heel aantal van uitgeroeid, verdwenen, foetsie.

Slaap, volwassene, slaap….
Zo had ik vroeger het principe dat ik ten alle tijden voldoende slaap moest krijgen. Ik hoor de moeders die dit lezen al: LOL!!! LOL!!!
Dat principe van voldoende slaap en zelfs af en toe een dutje op zijn tijd: bye bye principe.

Gagagoegoe moeder

Ook had ik het principe dat ik geen moeder zou worden die met zo’n verwrongen, hoog gagagoegoe stemmetje tegen haar kind zou gaan praten.
Dat principe heb ik na de geboorte zo’n drie seconden vast kunnen houden.
“Wat ben jij schattig? Ben jij schattig? Ja? Ja? Ahgagagagagagoegoegoe?”
Ik weet het.
Het is erg.

Toilet pret

Ik had ook het principe: poepen of plassen doe je fijn alleen, in volstrekte privacy en rust. Dat principe is de deur uit gevlogen rond de tijd dat onze dochter leerde lopen.
U snapt wel waarom.

Mini wellness center

Mijn badkamer was ooit een mini paradijs met wellness faciliteiten, zoals een speciale plank over het bad waar ik mijn magazine en glas wijn op kon zetten. Ook stonden er kaarsen en zo. De badkamer moest namelijk een oase van rust zijn om bij te komen van een vermoeiende werkdag, zo luidde het principe.
Tegenwoordig vind ik – als ik al tijd heb voor een bad – regelmatig een half geplet badeendje onder mijn billen, liggen er alleen nog Donald ducks op de badkamer en spendeer ik meer tijd aan het schoonmaken van het bad dan aan er in liggen. Sorry, badkamer principe. Ooit zien we ons weer!

Rustig telefoneren

Wat had ik een hekel aan moeders die niet meer konden bellen zonder dat er opeens een “Haal dat onmiddellijk uit je neus Wouter-Kabouter!” midden door het gesprek heen galmde.
Ik zou dan ook een moeder worden die rustig kon telefoneren, dacht ik.
Tja.
Ik had het mis. Ik wist toen nog niet dat kinderen een uur in alle rust kunnen spelen, totdat de telefoon gaat. Oh, denken kinderen dan, mama belt! En ik moest nog heel veel dringende dingen tegen haar zeggen! Ik stop gauw een kraal in mijn neus of een vinger in het stopcontact, dan hangt ze vast wel op!

Ik zal regelmatig blijven uitgaan en niet te veel over mijn kind praten

Dat principe, dat heeft ook een appeltje met mij te schillen. Sta je daar, na een vermoeiende week, waarin tandje nummer drie, vier en vijf met veel gekrijs doorbraken, met wallen tot op je knieën in de kroeg. Want ja, principes hè. Voordat je het weet heb je het met een andere moeder over rode wangen, krampjes en oei ik groei geneuzel, terwijl je terloops op de klok kijkt om te zien of het al een tijdstip is waarop je met goed fatsoen kunt vertrekken, eindelijk je heerlijke, warme bed in.

Het spijt me, principes. Ooit zal ik jullie weer in werking stellen, daar ben ik van overtuigd. Het zal echter niet gebeuren eer kind op zichzelf  gaat wonen, vrees ik. Tot dan!

Helft jonge kinderen kiest schoonmaakmiddelen boven speelgoed!

Je moet er niet aan denken dat je kind per ongeluk schoonmaakmiddelen binnen krijgt. Toch gebeuren er jaarlijks nog duizenden ongelukken met huishoudchemicaliën.

Kinderen tussen de 0 en 4 jaar lopen het grootste risico. De oorzaak? Kinderen zien het gevaar niet en vinden de producten interessant.

image
Bron: VeiligheidNL

Om te voorkomen dat kleine kinderen deze schoonmaakmiddelen innemen dienen deze altijd buiten handbereik van kinderen te staan, dus: hoe hoger, hoe beter!

Zorg dat je kind er niet aan kan komen op een onbewaakt ogenblik. Dus ook niet heel even die fles chloor op het toilet laten staan, niet de vaatwastabletten laten slingeren, et cetera.

Hoe hebben jullie de schoonmaakmiddelen opgeborgen?

Het hele artikel van VeiligheidNL lees je hier.

Bron: VeiligheidNL.

Lief kind…

Lief kind van me,

Al vanaf de seconde dat je geboren werd, heb ik mezelf een doel gesteld: jou begeleiden en helpen om gezond en gelukkig op te groeien.

Ik zal naast je lopen op de dagen dat je blij bent, maar ook als je verdriet hebt.
Ik zal je hand vast houden als je pijn hebt, maar ik zal je ook even los laten, als dat nodig is voor jou om iets te leren.

Toen je pas een paar dagen oud was lag je op een avond op mijn buik. Ik keek naar je en kon het maar niet bevatten: had ik jou gemaakt? Ik keek naar je vingers en teentjes en rook je baby geur. Ja, je bent er, en ik zal alles doen om je een zo mooi mogelijk leven te bieden.

Zo vaak hoor en zie je, ver weg en dicht bij, het grote, alles verterende verdriet van moeders die geen kind kunnen krijgen, moeders die hun kind verliezen. Het grijpt me naar de keel, omdat me dat het ergste lijkt wat je kan gebeuren. Ik zie de gebroken stukken hart op de grond liggen, samen met de vervlogen hoop en de stille, uitgeputte tranen.

Dus maak ik stil een wens. Ik brand een kaars voor de moeders die zich een weg moeten banen door die eenzame, wanhopige gevoelens, en hoop met hen dat zij hun wens zullen zien uitkomen.

Lief kind, ik hoop je ook te kunnen leren om compassie te hebben met de mensen om je heen – ver weg en dichtbij. Ik hoop je te leren je eigen mening te vormen, wat iedereen anders om je heen ook zegt. Ik hoop je te laten zien, dat eerlijkheid en empathie ontzettend belangrijk zijn, juist in deze verhardende samenleving.

Ik hoop je ook te leren dat je gevoelens mogen bestaan en mee tellen, wat die ook zijn. Dat je fouten mag maken, omdat je daar meer van leert dan van perfecte dingen. Ik hoop dat ik je kan leren dat er geen verschil bestaat tussen arme en rijke mensen, gekleurd of blank, hetero, homo of transgender. Ik hoop dat je mensen zult beoordelen op basis van hun karakter, in plaats van hun uiterlijk.

Of het allemaal gaat lukken wat ik hoop voor jou, dat weet ik niet. Ik ben ook maar een mens, en zeker niet perfect. Maar mijn best doen, zal ik zeker.

Mama.

Brief aan mijn Lijf

Lief Lijf,

Wat haat ik je soms. Op sommige dagen kijk ik naar je in de spiegel en wil ik gewoon weer terug in bed gaan liggen. Dan staar je me brutaal aan, alsof je wilt zeggen: Ha! Je wordt oud! En rimpelig! En de zwaartekracht heeft je te pakken!
Er zijn dagen waarop ik denk: Ach, lijf, zolang je me vandaag maar van A naar B brengt, ben ik al gelukkig met je.

Er zijn ook dagen waarop ik blij met je ben, je mooi vind en tevreden naar je kijk in de spiegel. Maar er zijn ook dagen waarop ik je af beul, met wandeltochten van kilometers lang, avonden dansen of sporten. Daar straf je me dan meestal de dag er na voor (en die daar na is stiekem nog erger!).

Soms heb ik echt een hekel aan je: die huid, die kwabbels, putjes, rimpels.. Op die dagen heb ik spijt van die tijd die nooit meer terug komt; toen ik nog zo jong was dat niks mee zwaaide als ik zwaaide. Toen ik nog niet wist wat striae was. Toen ik nog geen stretch marks op je had gemaakt met het dragen van mijn kind.

Maar, lief Lijf, toch houd ik van je.
Oké, je bent niet meer zo strak. Oké, er begint overal wat na te laten. Maar: je draagt me. Je bent gezond, en daar ben ik dankbaar voor als ik zie hoe veel mensen dat geluk niet (meer) hebben.

Je geeft mijn ziel een tijdelijk huis om in te wonen. Het huis is niet perfect, maar iedereen weet: de gezelligste huizen zijn juist die huizen waarin geleefd wordt. Ik hou van je, met al je voegen, barsten, onvolmaaktheden. Want je bent van mij, je bent onderdeel van mij, en – waar ik het meest dankbaar voor ben – ik heb je nog.

Ik zal je ook ten alle tijden proberen te beschermen, lief Lijf. Je bent van mij en van niemand anders. Als ik lees over vrouwen wiens lijf zonder toestemming wordt gebruikt als voorwerp, huil ik van verschrikking. Verruil die goedbedoelde gedragscode voor een cursus zelfverdediging! Geen enkele vrouw is een gebruiksvoorwerp, ongeacht kleding, afkomst of oriëntatie!

Ik zal je altijd proberen te verdedigen, tot de laatste snik. Het recht om zelf te bepalen over het eigen lijf zou veel vanzelfsprekender moeten zijn voor vrouwen (en mannen!) op deze wereld. Je lijf is je huis en niemand behalve jij zelf hoort te bepalen wie je uitnodigt.

Ooit, lief Lijf, zal ik je moeten verlaten. Als ik de zon de laatste keer heb zien opkomen, ben ik je dankbaar voor alles waarmee je me geholpen hebt: lief te hebben, spanning te voelen, een kind te baren, de wereld te bewandelen, ontroerd kippenvel te hebben, te leren, te vluchten, te vechten, dapper te blijven staan, te huilen, hunkeren en knuffelen.

Je bent niet perfect, maar je bent wel van mij.

Liefs…

WAT VROUWEN ECHT WILLEN.

Wat willen vrouwen? Het schijnt een van de grootste Levensvragen te zijn. Naast het Nut van het Leven is Wat Vrouwen Willen een eeuwig raadsel, dat zo hardnekkig als babyspuug op een dure bloes onopgelost blijft bestaan.

Nou, zoek niet verder. Hier komt ie dan. Het antwoord op de vraag die miljoenen mannen overal ter wereld zichzelf regelmatig stellen, terwijl ze met hun koffers weer op de stoep van hun ouderlijk huis belanden, terwijl hun haargrens daar echt al te ver voor is geweken.

Vrouwen zijn ingewikkelde wezens, dat klopt. Ik ga dat niet eens ontkennen. Toch kom je als man al een heel eind, als je je aan HALOR houdt. Wat is HALOR in godsnaam? hoor ik je denken.
Nou, HALOR is een magische combinatie van geweldige eigenschappen die je kunt toepassen in je relatie met een vrouw. Succes is in 99,9 % van de gevallen gegarandeerd.

HALOR staat voor:

Humor
Een dag niet gelachen is een dag niet gevrijd. Eerlijk, heren, er is niets zo saai als een humorloze partner. Maak ons aan het lachen na een vermoeiende dag, en we ontspannen. En als we ontspannen, raken we onze vervelende gedachten of gevoelens gemakkelijker kwijt. Zoals ik al zei: een dag niet gelachen is een dag niet gevrijd. Dus: zie de humor in van dingen, zet eens een onderbroek op je hoofd (wel een schone!), vertel een mop (wel een goede!)… wat je ook doet: maak haar aan het lachen.

Aandacht
En nee, met aandacht bedoel ik niet een half gemompeld “hm-hm.” van achter je tablet of gsm. Met aandacht bedoel ik echte, in your face, aandacht. Kijk je vrouw eens aan, pak haar vast, knuffel haar, dans met haar, kietel haar, kus haar, laat haar merken dat je haar mooi vindt.

En ja, ook (zeker!) als ze ziek is en ze eigenlijk best wel een grijsgrauwe kleur heeft in haar gezicht, terwijl ze in haar Snoopy pyjama en ochtendjas rondloopt met coupe vogelnestje. Aandacht, aandacht, aandacht.

We weten dat je favoriete mannen-hobby iedere dag op je roept, vanuit je mancave of vanuit die geweldige televisie of PlayStation, maar echt: weersta die neiging ook eens en vraag haar eens hoe haar dag was. Luister dan ook echt als ze antwoord geeft. Geloof me; we voelen het feilloos aan als je tijdens ons verhaal aan tieten of bier (of beter nog natuurlijk: ALLEBEI) staat te denken. Zelfs als haar half uur durende verhaal over haar collega’s volgens jou ook best in drie zinnen kon worden samen gevat. Wij hebben dat half uur durende relaas nou eenmaal nodig, met zijsprongen en al.

Liefde
Liefde is de sleutel tot alles. Heb haar lief. Vind daar in wel een balans. Niet te weinig (als we alleen maar een roommate hadden gewild hadden we dat wel gezegd), maar je hoeft haar ook weer niet helemaal dood te kleffen. Laat haar zien dat je van haar houdt. Dat hoeft niet met dure cadeaus (alhoewel dat op zijn tijd ook eens leuk is, en een stofzuiger echt GEEN goed verjaardagscadeau is, ik herhaal, GEEN geschikt verjaardagscadeau!!).
Vertel haar dat je van haar houdt. En nee, niet alleen na een ruzie. Schrijf het eens op een briefje voor haar. Maar vooral: laat het ook zien in je acties. Als zij de hele nacht op is gebleven met jullie offspring en jou heeft laten slapen, bied dan aan om de nacht er na de wacht te houden zodat zij bij kan slapen. Neem haar niet (onder geen beding!) voor lief. Zij is net zo min vanzelfsprekend als dat jij dat bent voor haar.

Openheid
Ook heel belangrijk: openheid. Natuurlijk hoef je niet te zeggen “Ja, nu je het zegt! Je kont lijkt inderdaad echt mega huge in die broek!” Zo open hoeft nu ook weer niet. Met openheid bedoel ik ook niet dat je in je onderbroek voor haar moet gaan staan, luid “Trek eens aan mijn vinger liefje!” roepend, waarna je – trots op de akoestiek van je scheet – op je borst gaat staan kloppen.

Wat ik wél bedoel is: als je toch toevallig bepaalde gevoelens hebt, ambities of frustraties: probeer er eens iets over te vertellen, in plaats van je de hele week terug te trekken in voornoemde mancave. Wij vrouwen zijn er bijzonder goed in om te luisteren, en wie weet: misschien heb je zelfs nog baat bij onze vrouwelijke kijk op zaken, of leer je nog iets van onze oplossingen. Betrek ons bij jullie leven. Dan zijn we ook sneller geneigd dat andersom te doen.

Respect
Zonder respect bestaat er geen liefde. Behandel je vrouw met respect. Respectloos gedrag is een recept voor mislukking in relaties. Ik zie ze wel eens: mannen die hun vrouw afkraken waar anderen bijstaan. Zo sneu! Overigens is het net zo sneu om te doen waar geen anderen bij staan. Het is gewoon het laagste wat je kunt doen. En de snelste manier om de liefde van een vrouw kapot te maken. Vernederen past niet binnen liefde, agressie en geweld even min. Een echte man hoeft niet fysiek of mentaal zijn vrouw te kleineren of aan te vallen. Respect is het sleutelwoord.

Zo, nu weet je het.
Leer het even uit je hoofd, HALOR,  HALOR, HALOR.
Zit ie er in? Mooi.

PS. Zo ingewikkeld was het niet, toch?

Shocking: voor wie zich afvraagt wat moeders doen de hele dag, als ze thuis zijn met de kinderen 😂

Ik kwam deze foto tegen op mijn Facebook tijdlijn. Overdreven of niet: ik moest er stiekem best hard om lachen.

image
Foto: Heath Robbins

Want laten we eerlijk zijn: moeders die (een dag, of alle dagen) thuis zijn, zitten zelden een seconde stil. (Dat geldt gelukkig ook steeds meer voor vaders!)

En in plaats van te klagen over wat je allemaal doet op zo’n dag – want het is vermoeiender dan een dag op je werk, thuis zijn! – kun je het natuurlijk ook gewoon eens niet doen.

Het eindresultaat van een dag niets doen met kinderen in huis zie je loud and clear op de foto. Acties spreken luider dan woorden: of in dit geval dan, het weglaten van acties :).

Ik heb al een datum geprikt in mijn agenda. Het lijkt me heerlijk om dit experiment eens uit te proberen. En dan aan het eind van de dag ook zo’n foto maken, met mijn haren rechtop, te midden van totale chaos. Héérlijk! Nou ja, voor een dag dan.

Uitleg 😂 aan Justin Bieber en alle andere mannen: What do we mean 😂

Justin Bieber is helemaal de weg kwijt. Hij snapt niks meer van zijn vriendinnetje. Daar schreef hij zelfs een heel lied (hit!) over, getiteld What do you mean. Ik moet altijd een beetje lachen als ik zijn liedje hoor. Arme knul.

image
Bron foto: checkit-out.nl

Eigenlijk vraagt Bieber met zijn liedje hele universele vragen, die mannen vaak hebben in de omgang met vrouwen. Vandaar dat ik zo vriendelijk ben geweest om antwoorden te formuleren namens (de meeste) vrouwen op zijn songtekst.

Komt ie:

What do you mean?
Huh?

You’re overprotective when I’m leaving
Dat is omdat ik weet dat je waarschijnlijk weer stommigheden gaat uithalen, Justin.

Trying to compromise but I can’t win
Hahahaha! LOL! ROFLOL! Dat kun je sowieso niet. Je zit in een relatie met een vrouw. Winnen is er niet meer bij.

You wanna make a point, but you keep preaching
Met die “preek” máák ik juist een punt. Goed luisteren Justin, ergens in die lange preek zit mijn punt verstopt!

You had me from the start, won’t let this end
Geef het nog een paar jaar, een paar baby’s en een paar grijze haren. Dan heb je opeens een midlife crisis en een vriendin van 20 jaar jonger die jou “echt begrijpt”.

First you wanna go to the left, then you want to turn right
Dat heeft te maken met ons richtingsvermogen. Koop zo snel mogelijk een goede navigatie voor ons, dan hoef je dit niet meer mee te maken.

Wanna argue all day make love all night
Dat laatste zal vanzelf overgaan, ha!

First you up and you’re down then you’re between
Ooit gehoord van hormonen, Justin? Wij kunnen er ook niks aan doen. Wen er maar aan!

Anti super food moeders, verzamelt u!

Nee, nee, nee, nee, nee!
Ik word er niet goed van, al die artikelen en vingerwijzende betweters, over hun gojibessen en andere super foods. Ik bedoel: kom op man! Ik zocht me laatst helemaal het apezuur naar een pak gewone ordinaire cruesli, omdat ik eerst honderdduizend dozen speciale super food cruesli met bessen, super zaad en godweetwat er in aan de kant moest mikken.

Kunnen we even met zijn allen normaal gaan doen, ja? Welke moeder heeft nu in vredesnaam tijd om elke dag een lunch box met drie honderd compartimenten vol haver, spelt, speciale super bessen en raw food in elkaar te mikken, zonder zich na verloop van tijd (lees: twee dagen) de haren uit het hoofd te trekken van ellende?

Dus, nee, nee, nee! Ik doe er niet aan mee. Gewoon, volkoren boterhammen met gezond en oei, ja, soms ook zoet beleg. En meestal krijgt ze een flesje water mee, maar soms ook gewoon ordinair appelsap, in plaats van biologisch geconcentreerd extract van welopgevoede, genetisch verantwoorde appels, die uit zichzelf vrijwillig uit een boom zijn gevallen.

Ik bedoel, kom op, die kinderen maken tegenwoordig al genoeg mee: het is al erg genoeg dat ze al als peuter de cito toets moeten afnemen. Met al die druk kunnen ze best dat beetje extra suiker gebruiken. Joe!

Lieve mama!

Lieve mama,

Deze brief is voor jou. Ja, voor jou!

Als ik om me heen kijk naar de moeders in mijn omgeving, word ik zo trots.
Ze werken, zorgen, regelen, organiseren, troosten, doen alles voor het welzijn van hun kind(eren).

Vaak zet je jezelf op de laatste plek: dat is begrijpelijk, maar ook zonde. Want mama’s verdienen een standbeeld!

Al die moeders, die zo veel doorstaan om zwanger te raken.
Al die moeders, die zware bevallingen doorstaan om hun kind veilig op de wereld te zetten.
Al die mama’s die hun eigen angsten overwinnen om hun kind lessen te leren.

Toch zijn mama’s vaak veel te streng voor zichzelf. Doe ik het wel goed, ben ik niet te streng / te inconsequent? Help ik genoeg met huiswerk, zorg ik fysiek goed voor mijn kind? En zo gaat de lijst met twijfels aan het eigen kunnen eindeloos verder.

Relax, mama. Je doet het goed. Je geeft je liefde, tijd, zorg, je onbetaalbare aanwezigheid. Je bent trots, streng als dat nodig is, de rots in de branding.

Laat het maar eens gaan, lieve mama: goed genoeg ís goed genoeg. We zijn allemaal niet perfect. Eén geluk: dat hoeft ook helemaal niet.

Een kind leert ook er van als je een fout maakt, en daarna durft toe te geven dat je het mis had. Een kind leert ook van tegengas; daar gaan ze niet dood van. Een kind leert ook er van, als jij eens moet huilen: mama heeft ook gevoelens; dus mogen die van mij er ook zijn.

Je hoeft helemaal niet perfect te zijn. Jezelf zijn is meer dan genoeg.

Liefs,

een andere niet perfecte mama

Twee gigagoede redenen om geen foto’s van je (half) naakte kind op Facebook te zetten

Je ziet ze vast regelmatig op je tijdlijn voorbij komen: het super schattige kindje van de buren in het badje, op het potje, noem maar op. Misschien zet je zelf ook wel eens van die snoezige foto’s online.

Er zijn echter twee gigagoede redenen om dat niet te doen, en als je dat wel al hebt gedaan, om dan een aantal foto’s alsnog te verwijderen.

Internet stikt van de creeps

Je denkt misschien dat je foto’s goed afgeschermd zijn, maar is dat wel zo? En hoe weet je zeker dat die verre oud achterbuurman van je ouders in jouw vriendenlijst niet toevallig een pedofiel met verkeerde gedachten is?

Online struinen creeps het Internet af, op zoek naar deze foto’s, die jij volkomen nietsvermoedend als trotse ouder deelt met je vrienden. Je moet er toch niet aan denken dat de dierbare potjes foto’s van jouw kindje in verkeerde handen komen? Gewoon niet doen. Leuk voor in het babyalbum, niet online.

Wat vindt je kind er later van?

Wij hadden vroeger, in de tijd dat er nog niets online ging, heerlijk anonieme privacy, als kind. Onze ouders zetten niets online. Ik moet er niet aan denken dat mijn vrienden in mijn puberteit half naakte baby/peuter foto’s van mij hadden kunnen terugvinden op mijn moeders facebook. Gun je kinderen wat privacy.

Ze kunnen er zelf nu misschien nog niets van vinden; reden te meer voor ons als ouders, om hun privacy te bewaken.

Borstvoeding op Facebook… wat zal je kind er zelf van vinden, later?

image

Notitie vooraf: Misschien krijg ik met onderstaande mening heel borstvoedend Nederland over me heen. Maar ik heb absoluut niets tegen borstvoeding: als je het kunt geven aan je kind, is dat alleen maar prachtig.

Er is veel te doen rondom borstvoeding. Met name de foto’s van borstvoeding, op Facebook. Los gezien van wat ik zelf vind van de totale #nipplegate situatie, vraag ik me al een tijd lang één ding af, als ik de verontwaardigde reacties lees van moeders, die zichzelf graag borstvoedend laten zien op het wereldwijde web:

Denk je er ook wel eens over na, wat jouw kind daar later van zal vinden?

Want of je het nou leuk vindt of niet; kleine kinderen worden ooit een keer groot. Voor je het weet, hangen ze niet meer aan je borst, maar rijden ze stoer rond op een scooter, willen ze op stap gaan met vrienden en vriendinnen.

Hoe veel pubers zouden er blij zijn, denk je, als ze in de kroeg te horen krijgen “Dude, jouw moeder heeft een foto van jou, hangend aan haar borst, op Facebook staan!”

Als puber ga je al gauw door de grond, maar als zoiets gebeurt, lijkt me dat uiterst gênant. Terecht dat je dan op zoek gaat naar dat grote zwarte gat in de grond, waarin je kunt verdwijnen. Sommige dingen wil je gewoon niet delen met je vrienden, als je puber bent.

Net zoals kinderen op enig moment wel weten dat ze niet door de ooievaar gebracht werden, weten veel kinderen ook wel dat ze ooit door jou gevoed werden (al dan niet door de borst).

Maar om daar nu intieme foto’s van op die oh zo niet afgeschermde social media: sorry, maar ik zou er als kind niet blij van worden. Zo’n intieme foto uit je prille jeugd, op zo’n publiekelijke plek.

Ik vraag me af hoe veel vrouwen daar rekening mee houden, als ze strijden om hun borstvoedingsfotorechten.

GOED NIEUWS VOOR MENSEN DIE GRAAG IN HOOFDLETTERS SCHRIJVEN: VANDAAG IS INTERNATIONALE CAPSLOCKDAG!

VANDAAG MAG ALLES IN HOOFDLETTERS! VIND JIJ NORMAAL IN CAPSLOCK TYPEN ERG ASOCIAAL EN SCHREEUWERIG? MAAR VIND JE HET STIEKEM WEL HEEL LEUK?
GOED NIEUWS! VANDAAG IS INTERNATIONALE CAPSLOCKDAG, DUS SCHREEUW HET MAAR DIGITAAL VAN DE DAKEN! WANT DIT IS NATUURLIJK HELEMAAL TE GEK!!! EN VOLKOMEN ZINLOOS, ZOALS DE MEESTE LEUKE DINGEN! DUS! DOEI HÈ!

Zo herkent u een moeder!

Het kan zijn dat u er wel eens onzeker van wordt, als u het moeilijk vindt om moeders te herkennen. Voor die mensen hebben wij onderstaande opsomming geschreven, waardoor u het gros van de moeders moeiteloos er uit zult pikken op de volgende verjaardag / bedrijfsborrel / bijeenkomst.

Een moeder herkent u in de beginperiode vrij gemakkelijk. De eerste negen maanden draagt ze haar kind namelijk in haar buik, en dat wordt zoals we allemaal weten meestal steeds beter zichtbaar. (Behalve sommige vrouwen met superbijzondere krachten dan, die zulke buikspieren hebben dat ze denken gewoon wat opgeblazen te zijn de laatste tijd, totdat er opeens een baby in het toilet ligt. Maar die zijn er niet zo veel.)

Pas altijd op met informeren: een vrouw die u feliciteert met haar zwangerschap, die alleen toevallig wat last heeft van opgeblazenheid, zal u dit zeker niet in dank afnemen. Ook vlak na de geboorte is doorgaans geen goed moment om te vragen naar de uitgerekende datum. Omdat die dan al in de verleden tijd ligt, levert dit pijnlijke momenten op, soms ook voor de vragende partij.

Waar u na de geboorte een moeder meestal aan kunt herkennen, is haar kind. Dat is meestal een miniatuur versie van haar, of van de mannelijke verwekker. Heeft ze dat schattige miniatuur exemplaar toevallig niet bij zich, dan zijn ze vaak toch te herkennen aan bijvoorbeeld een immer gejaagde blik in de ogen, het per abuis snuiten van de neus in een Zwitsal billendoekje, een bijzonder gespierde maxi cosi arm, opgedroogde spuugvlekjes op de schouder of op het decolleté, eventueel wallen tot onder haar knieën of zonneschermen van woezel en pip op de zij – achter ramen van haar auto.

Groepen moeders zijn ten slotte nog makkelijker te herkennen. U hoeft alleen (stilletjes!) op een gepaste afstand binnen gehoorbereik te gaan staan en te wachten. Als het goed is hoort u binnen tien minuten het woord kinderen / mijn jongste / mijn oudste / spuitluier of consultatiebureau.

Wilt u een moeder benaderen, maar weet u niet meer hoe haar kroost heet? Begin dan met “Hoe gaat het met jouw schatjes?”. Altijd goed.
Indien u niet thuis bent in het vakjargon der moeders, strooi dan af en toe eens met “Hoe gaat het met slapen?” of met termen zoals tandjes, opvang, bewerkelijkheid, de kledingmaat, dat kinderschoenen net zo duur zijn als volwassen schoenen, maar nooit op een verwijtende of veroordelende toon.

Indien u weet dat een moeder pas bevallen is, zegt u liefst bewonderend: “Daar is niets meer van te zien, die zwangerschap!”.

Gegarandeerd succes.

Het echte antwoord op de vraag waarom Nederlandse vrouwen voor korte “pittige” kapsels kiezen

image

Toegegeven, mijn lange lokken schudden van het lachen om deze blog op de Kritische Nood, over waarom Nederlandse vrouwen hun lange lokken boven de dertig vaak verruilen voor een kort, zogeheten pittig kapsel.
Allereerst omdat het een grappig artikel is en ten tweede omdat ik zelf lang haar heb, en me dus niet aangevallen voelde. 😂

Maar het échte antwoord op de vraag waarom half vrouwelijk Nederland er zo kort gewiekt bij loopt, ligt volgens mij niet aan de ontmannelijking van onze mannen.

Het ligt aan iets anders. Nederlandse mannen zijn vaak nou eenmaal aardslui. Oké, ik heb het gezegd. Ze zijn lui! Uiteraard zijn er uitzonderingen (Bless you! Love you!) maar over het algemeen lopen mannen met hun broek op half zeven achter de feiten aan. Moeders regelt het allemaal wel; de rekeningen, de kinderen, het huishouden. En vader? Die klaagt over drukte op het werk, compleet vergetend dat moeders dat ook nog eens er bij doen.

Dus ergens tussen al die ritjes naar school, supermarkt, werk, sport clubs en thuis in, bedenkt de vrouw zich: Fuck it. Ik wil een kort pittig kapsel. Ze heeft gewoon geen tijd om krullen te maken, stijltang te bedienen en zo verder! Bovendien doet ze de hele week al zo veel, dat ze überhaupt vergeten is dat ze echt ooit getrouwd is met die huisgenoot die daar telkens in de hoek van de bank ligt met zijn meest gebruikte verlengstuk (neeeee niet die), de afstandsbediening.

Korte pittige kapsels zijn het antwoord op laag hangende broeken, scheten in de ochtend, bier kegels op zondagmorgen en een algeheel gebrek aan teamwork van de man zijn kant.

Dus: mannen, kom gezamenlijk van die bank af, help uw vrouw bij het reilen en zeilen, dan kan ze haar haren zo lang als Rapunzel laten groeien. Mannelijke medewerking is gewoon als Pokon voor korte pittige kapsels.

Succes!

Ode aan Oma en Opa

Vroeger zag je je opa en oma misschien af en toe. Of op zon- en feestdagen. Opa en oma waren leuk, maar heel veel wist je nou ook weer niet van ze.

Nee, dan de opa’s en oma’s van nu. Mag ik even een applaus voor ze vragen? Tegenwoordig zitten opa’s en oma’s meestal bepaald niet achter de geraniums. Oh nee. Ze klimmen achter de kleinkinderen aan door de binnenspeeltuin, halen kleinkinderen op van school, stellen regelmatig hun huis beschikbaar voor logeerpartijen.

Opa’s en oma’s anno 2015 geven de fles, verschonen luiers, lopen achter de kinderwagen en helpen alle vaders en moeders die moeten werken. Wat zouden we zonder ze moeten beginnen?

Let wel; zij hebben dit allemaal al eens eerder gedaan. Met ons. Dus dit is de tweede ronde, maar dan een aantal jaar ouder. Ik heb er niets dan respect voor.
Meestal mag er iets meer en moet er iets minder bij opa en oma, wat natuurlijk geweldig is voor het kroost. Want al dat strenge, dat hebben ze echt wel gehad na de eerste opvoed ronde. Geef ze eens ongelijk.

Wat ze er voor terug krijgen, voor al dat kabaal? Een geweldige band met hun kleinkinderen. Op handen gedragen worden door hun kleinkinderen, want: opa en oma anno 2015 zijn vet cool.

Mijn kind is niet de beste!

Ik weet het, iedereen is trots op zijn kind. En iedereen wil dat van de daken schreeuwen, dat snap ik ook wel. Maar bah, wat word ik er soms naar van, hoe sommige moeders opscheppen over hun kroost. Mijn kind kan al dit, mijn kind ligt al vijftien jaar vooruit op zijn klasgenootjes, mijn kind is superieur en mag nu – met zes jaar – al doorstromen naar het middelbaar onderwijs. Fok of met je wonderkind! Om het maar even netjes te zeggen.

Wie denk je nou eigenlijk dat je bent, dat jouw kind een of ander superkind moet zijn? Hoe bevalt het jouw kind trouwens, al die verwachtingen die nu al drukken op zijn of haar jonge schoudertjes? En, belangrijker nog: waarom moet jouw kind per se perfect zijn? En, belangrijkerderderder nog: Wat zegt dat over jou? Ben je zo perfectionistisch dat je zelfs je kind hebt omgebogen tot een project dat een goede en voorspoedige doorlooptijd moet hebben?

“Mijn kind was al met een jaar of anderhalf zindelijk.” Oh, echt? Die van mij kon toen net haar tenen in haar neusgaten stoppen, met haar volgens het consternatiebureau te mollige – maar zeer lenige! – beentjes. Vond ik ook knap.

“Mijn kind eet al raw food en olijven.”
Gefeliciteerd, de mijne eet Olvarit macaroni, en die met spinazie kan ze al heel doelgericht op de muur mikken met haar koddige vingertjes.

Weet je, ik snap het allemaal wel. Ik zat ook te glunderen van trots dat ze zo goed was in puzzelen. Tegelijkertijd vroeg ik me ook wel eens vertwijfeld af of ze ooit nog zou gaan lopen, voordat ze met 19 maanden pas door de woonkamer liep.

Maar weet je, mijn kind is niet de beste. En ik ben er maar wat trots op. Ze zal in sommige dingen goed zijn en in sommige dingen minder goed. Ze zal fouten maken, vallen, weer opstaan, ze zal geen wonderbaarlijk talent in ALLES hebben. Geen wonderkind. Maar weet je? Juist die dingen die je niet goed kunt, maken dat je nederig blijft. Dat je nieuwsgierig blijft. Dat er altijd in het leven nog iets te leren zal zijn. Lijkt me veel leuker opgroeien, overigens, wetende dat je fouten mag maken en zonder die ouderlijke druk om alles perfect te moeten kunnen.

De Heilige Moeder Belofte

Bij deze beloof ik, Moeder, ook wel genoemd mamaaaaaaa, en ook wel mamamamamamama, plechtig dat ik vanaf het moment dat mijn kind ontstaat tot het moment dat ik mijn laatste adem uit blaas:

– Mijn geduld zal proberen te bewaren, ook op de dagen dat er zo hard gegild wordt dat mijn hersens bijna gefrituurd zijn.

– Zal proberen iedere nieuwsbrief van school te lezen. Echt waar.

– Mijn best zal doen niet te vloeken waar mijn kinderen bij zijn, zelfs niet als ik met mijn vinger tussen een deur kom of mijn hoofd stoot aan een keukenkastje.

– Zal proberen iedere neiging te weerstaan om mezelf te laten verslonzen; dat betekent ook geen praktisch moeder kapsel en geen overmatige begroeiing (behalve beenhaar in de winter, want laten we eerlijk zijn, dat ziet geen mens).

– Zal proberen zo weinig mogelijk Google Afbeeldingen te gebruiken bij het opzoeken van kinderziektes, en ook niet panisch de huisarts zal bellen als gevolg daar van.

– Mijn best zal doen om geen dromen te hebben van het bruut omleggen van Bumba, Dora, of Diego, ongeacht hoe vaak ik “Bumbalooooo!” Of “Let’s go!” hoor op televisie.

– Zal proberen tegen kinderloze vrienden geen verhalen te vertellen over spuitluiers,  projectiel brakende peuters of hoofdluis.

– Zal proberen niet ALLES weg te poetsen met Zwitsal billendoekjes, hoe handig die ook zijn.

– Zal proberen geen slaapliedjes meer te beatboxen omdat ik dat zelf zo leuk vind; ik weet inmiddels dat mijn kind daar niet rustig van inslaapt.

– Echt mijn best zal gaan doen om niet meer zo zeer uit te kijken naar het heilige uur, zeven uur, waarop ik weer tijd voor mezelf krijg.

– Me werkelijk zal inspannen om geen enkele vrouw meer te vertellen over hoe gruwelijk mijn bevalling was, voordat ze zelf bevallen is.

– Zal proberen niet boos te worden als mijn kind de hele muur heeft gedecoreerd met chocopasta, neuzevreutels of pindakaas.

Waarom alleenstaande moeders Bazen zijn

bron: pexels.com
bron: pexels.com

In Nederland waren er in 2011 320.000 alleenstaande ouders, waarvan 87% vrouw is: dat betekent dat er ongeveer 278.400 vrouwen in Nederland zijn die hun kinderen alleen opvoeden.

Ga er maar aan staan: je kind(eren) alleen opvoeden. Het lijkt me loodzwaar. Als ons kind bijvoorbeeld ziek is, en ik trek het even meer niet na slapeloze nacht nummer drie, dan neemt mijn man het van me over. Als alleenstaande ouder heb je die hulp lang niet altijd, of is dat in elk geval niet vanzelfsprekend: Het leeuwendeel komt op jou neer. Dat lijkt me verre van gemakkelijk.

Maar ook de rest; de dagelijkse verzorging, het huishouden, de administratie, de regel dingen, het naar school brengen en weer ophalen, de doktersafspraken, de begeleiding bij het huiswerk, de tandarts afspraken, gesprekken op school…. de pijntjes, de was, de strijk, de maaltijden die bereid moeten worden.

Ik herhaal het nog maar eens: ga er maar aan staan. Ik heb er een immens respect voor, die moeders (en ook de vaders!) die deze verantwoordelijkheid alleen dragen. Je moet er stevig voor in je schoenen staan, zowel emotioneel als fysiek.

Ik ben benieuwd naar de ervaringen van alleenstaande moeders: waar loop je tegen aan, wat zijn de problemen / uitdagingen, wat zijn de mooie kanten?

Heb je een sociaal vangnet waar je gebruik van maakt om toch ook tijd voor jezelf te creëren?